Recensie

Een kluwen van strijdend en lijdend vlees

Holland Festival

Alain Platel laat oorlogsassociaties verglijden in een beeld van een hedendaags vluchtelingenkamp.

Nicht schlafen van Alain Platel/Ballets C. de la B. Foto Chris van der Burght

Na projecten met Bach, Mozart, Verdi en Wagner kon een voorstelling met de muziek van Mahler niet ontbreken in het oeuvre van Alain Platel. Maar het was vooral de tijd waarin de componist leefde die de choreograaf inspireerde tot nicht schlafen. Een tijd van wetenschappelijke ontwikkeling, vrouwenemancipatie, artistieke vernieuwing en nieuwe psychologische inzichten, zoals Philipp Blom beschrijft in De Duizelingwekkende Jaren, Europa 1900-1914. Al het oude had afgedaan.

Symbolisch voor alle verandering is de installatie van Berlinde De Bruyckere, prominent aanwezig op het toneel. Met op elkaar gestapelde karkassen van paarden tegen een achtergrond van gescheurd tentdoek, roept de sculptuur onvermijdelijk associaties met oorlog op. Eerbiedig sluipen acht mannen en een vrouw rond het beeld. Tot plots, terwijl het Adagietto klinkt, de vlam in de pan slaat en ze elkaar schreeuwend, slaand en schoppend de kleren van het lijf scheuren, minutenlang. Kluwens van ledematen ontstaan in een rauwe krachtmeting, waarbij steeds meer naakte huid ook kwetsbaarheid suggereert. Strijdend, lijdend vlees.

De ‘verre’ oorlogsassociatie verglijdt gaandeweg in een beeld van een hedendaags vluchtelingenkamp, waar op elk moment kleine relletjes kunnen uitbreken. Waar individuen uit allerlei streken – de dansersgroep is een mooie mengelmoes van nationaliteiten – botsen, maar elkaar ook weten te vinden en te troosten. Die kant ontbreekt nooit bij Platel.

Vaak wordt de lengte van de verschillende onderdelen gedicteerd door Mahlers composities, en daar gaat het mis. De choreograaf verliest zich telkens in de kwaliteiten van de dansers, die zich voluit geven in solo’s en duetten in de rauwe ‘bastaardstijl’ van Platel en in de vele synchrone groepsdansen. Maar een stevige dramaturgische grip ontbreekt, waardoor de choreografie vulwerk wordt en de spanning wegvloeit. Als tot slot iedereen op het eerste deel van de Tweede Symfonie blij rondspringt, wordt het zelfs irritant, zeker tegen de achtergrond van de intentie. Nicht schlafen is daardoor Platels zwaktste werk in jaren.