Nog niet eerder zag de boswachter deze droogte

In Zuid-Nederland geldt code rood. Het risico op een natuurbrand is zeer groot. Voor wie is deze kleurencode bedoeld?

Boswachter Erik de Jonge. Foto Merlin Daleman

In de provincies Zeeland, Noord-Brabant, Limburg en het zuiden van Gelderland is code rood afgekondigd. Dat gebeurt elk jaar wel eens, maar zelden voor een zo groot gebied. Door het warme, droge weer is de kans op een natuurbrand „groot tot zeer groot”, meldt de brandweer op de website natuurbrandrisico.nl. Zeker als er harde wind staat, kan een brand zich „snel en onvoorspelbaar ontwikkelen”. De brandweer adviseert bezoekers van natuurgebieden om geen vuurkorven, fakkels, wensballonnen en vuurwerk te gebruiken. Ook wordt roken ontraden.

Toch blijven mensen erg onvoorzichtig, merkt Eric de Jonge, boswachter in West-Brabant. Eerder op de dag heeft hij een einde gemaakt aan een barbecuesessie op een parkeerplaats vlakbij het bos in de Brabantse Wal, nabij Bergen op Zoom. Een brandje ontstaat met dit weer al snel, aldus De Jonge. „Door een brandende sigaret, of door een auto die geparkeerd is in het hoge bermgras. Dat vat snel vlam door de hete uitlaat of katalysator.”

Bekijk ook deze fotoserie over de warmte: Nederland zoekt verkoeling

Code rood is niets nieuws voor hem, maar ditmaal is het brandrisico hoger dan hij ooit in zijn dertien jaar als boswachter heeft meegemaakt. Hoe droog het is ziet hij aan de krukdroge grond en de uitgedroogde beekjes.

Foto Merlin Daleman

Gewapend met een brandblusser en een vuurzweep – een waaiervormige ijzeren steel om een beginnende brand te blussen – rijdt De Jong door de natuur. Waar nodig kan hij de brandweer assisteren. „Wij als boswachters kennen het terrein, doen de slagbomen open en weten waar een beekje ligt.”

In plaats van iedere vier uur maak ik nu elk anderhalf uur een rondje op het terrein.

Kleine brandjes

Met een pieper staat de boswachter in direct contact met de brandweer in de regio. In de afgelopen dagen heeft hij al tientallen kleine brandjes meegemaakt. Door alerte bewoners en wandelaars is het gelukt er bijtijds een einde aan te maken.

Paul Spijker, beheerder van natuurcamping De Posthoorn in West-Brabant, is ook op zijn hoede. „In plaats van iedere vier uur maak ik nu elk anderhalf uur een rondje op het terrein. Tot vier uur ’s nachts”. Vlakbij zijn camping was het afgelopen zondag al raak. Via zijn terrein konden de brandweerwagens het vuur bereiken en het blussen.

Het is een soort Sahara aan het worden.

Boswachter Erik de Jonge.
Foto Merlin Daleman
Nederland, Bergen op Zoom, 21-06-17
Boswachter Erik de Jonge.
© Photo Merlin Daleman)

Spijker maakt zich meer zorgen dan de bezoekers van de camping, zegt hij. „Het is een soort Sahara aan het worden. Het gras begint helemaal geel te kleuren”. Volgens de campingeigenaar is er geen beginnen aan met sproeien. Hij kijkt uit naar een regenbui.

‘Code rood’ leidt soms tot verwarring, merkt de brandweer. Zijn kleurencodesysteem is eigenlijk bedoeld voor intern gebruikt, legt René van der Neut uit. Hij is woordvoerder van de brandweer in Noord- en Oost-Gelderland, inclusief het natuurgebied De Veluwe. „Code rood betekent niet dat je als bezoeker het gebied niet meer in mag, alleen dat je alerter moet zijn.” Voor zijn korps betekent het dat er meer blusauto’s beschikbaar zijn. Zo nodig kan Defensie een helikopter gereedzetten.

Welke kleurcode geldt wordt bepaald met behulp van meetstations in natuurgebieden, die onder meer de temperatuur en de windsnelheid meten, aldus Van der Neut. Deze gegevens worden geïnterpreteerd door natuurbeheerders en brandweer, die vervolgens de geldende kleurcode bepalen.

De focus van publiek en media op code rood heeft de brandweer aan het denken gezet. Het is niet de bedoeling dat er paniek uitbreekt, alsof er groot alarm is geslagen. „We bekijken nu of de website natuurbrandrisico wel de juiste manier is voor communicatie over brandgevaar.”

In een eerdere versie van dit artikel werd vermeld dat bij code rood standaard een helikopter klaarstaat. Dat klopt niet. Alleen in bijzondere gevallen kan in samenwerking met Defensie een Chinook binnen twee uur worden ingezet. Verder heeft de brandweer geen verbod ingesteld op vuurkorven, fakkels, wensballonnen en vuurwerk, zoals in een eerdere versie stond. Daar is alleen een advies over afgegeven. Tot slot werd abusievelijk vermeld dat de brandweer werkt met een “vuursleep”. Het blusgereedschap heet een “vuurzweep”.