Lachsalvo’s volgen elkaar op tijdens Dorrestijnhommage

Amsterdams Kleinkunstfestival

Zo’n twintig artiesten werkten mee aan de hommage aan Hans Dorrestijn door een herinnering op te halen, een Dorrestijn-lied te zingen of een van zijn verzen te citeren.

Hans Dorrestijn tijdens het Amsterdams Kleinkunstfestival. Foto Jaap Reedijk

Hans Dorrestijn heeft besloten „door te gaan op de ingeslagen weg”. Hij zei dat maandagavond aan het slot van een aan hem opgedragen hommage ter afsluiting van het Amsterdams Kleinkunstfestival van dit jaar waarin al zijn – door anderen gezongen – nummers met gejuich waren ontvangen.

De 77-jarige dichter-zanger van het depressieve repertoire had eerder toegegeven de avond met enig angst en beven tegemoet te zien. Maar meteen na de pauze, toen het Vlaamse duo Kommil Foo het hem vroeg, riep hij al naar het podium: „Het valt me erg mee.” In de grote zaal van het DeLaMar-theater in Amsterdam barstte het ene na het andere lachsalvo los. Af en toe afgewisseld met ontroering om de droefenis van nummers als Laat het vriezen dat het kraakt (nu de liefde me zo tegenzit), gezongen door cabaretière Kirsten van Teijn, en het door cabaretier Johan Goossens vertolkte Kruispunt, over de onverklaarbare werking van de menselijke herinnering.

Herman Finkers oogstte groot succes met het voorlezen van absurde nepnieuwsberichten die Dorrestijn in de jaren negentig voor de VPRO-radio maakte als Dorrestijns Persagentschap – bijvoorbeeld met nieuws over de balletprijzen van 1997: de Hans van Manenprijs ging naar Rudi van Dantzig en de Rudi van Dantzig-prijs naar Hans van Manen. Later op de avond zong Finkers ook nog het quasi-positieve Ik vind alles mooi vandaag, met de slotregels: „Positief, ik ben het graag / als het beperkt blijft tot vandaag.”

In een vrolijke lezing met lichtbeelden vertoonde uitgever Vic van de Reijt alle dertig boeken die Dorrestijn op zijn naam zette sinds hij in 1973 debuteerde met het gestencilde bundeltje Als de balken gaan verzakken. „De dertig droevigste van Dorrestijn”, noemde Van de Reijt dit imposante oeuvre. Of: „Dorrestijns Dipparade”.

De balken uit die allereerste titel verwezen naar het later door Adèle Bloemendaal bekend geworden lied De vleselijke woning waarmee Sanne Wallis de Vries en Paul Groot tijdens deze hommage indruk maakten.

Zo’n twintig artiesten werkten belangeloos aan de huldiging mee door een herinnering op te halen, een Dorrestijn-lied te zingen of een van zijn verzen te citeren. Terwijl de in de zaal gezeten maker met het misantropische imago de indruk wekte vrijwel alles met genoegen te ondergaan. In werkelijkheid is Hans Dorrestijn dan ook, zoals presentatrice Mylou Frencken zei, „al jarenlang in een tophumeur”.