Nederlandse coffeeshopbaas krijgt 20 jaar cel in Thailand

In hoger beroep is coffeeshopondernemer Johan van Laarhoven (56) dinsdag in Bangkok veroordeeld voor witwassen. Zijn advocaat spreekt van ‘ordinair handjeklap’ door Nederlandse justitie.

Het cannabismenu bij coffeeshop The Grass Company Foto Piroschka van de Wouw/ANP

De Brabantse coffeeshopondernemer Johan van Laarhoven (56) is dinsdagochtend door het gerechtshof in Bangkok in hoger beroep veroordeeld tot het uitzitten van twintig jaar celstraf wegens het witwassen van miljoenen euro’s drugsgeld, dat hij met vier coffeeshops in Den Bosch en Tilburg heeft verdiend. De straf is gelijk aan het oordeel van de rechtbank in 2015.

De Thaise echtgenote van Van Laarhoven, Tukta, is als medeverdachte veroordeeld tot het uitzitten van een straf van 7 jaar en vier maanden. Net als bij de behandeling in eerste aanleg hebben de Thaise rechters „het Nederlandse gedoogbeleid voor softdrugs volledig miskend”, zegt zijn Nederlandse advocaat Tim Vis.

Van Laarhoven woont al sinds 2008 in de Thaise plaats Pattaya. Hij werd drie jaar geleden door de Thaise politie opgepakt gearresteerd nadat het Nederlandse OM een rechtshulpverzoek naar Thailand had gestuurd. Het OM vroeg om informatie in een onderzoek dat sinds 2011 in Nederland loopt. Johan van Laarhoven en zijn broer Frans worden in Nederland verdacht van witwassen van drugsgeld en grootschalige belastingontduiking. Volgens het OM hebben ze zo’n twintig miljoen euro via fraude verdiend. Het geld is voor een groot deel geïnvesteerd in Thailand.

The Grass Company

Het Nederlandse onderzoek in deze strafzaak is afgerond. Het Openbaar Ministerie Zeeland West-Brabant zal deze maand vier personen dagvaarden omdat ze zich tussen 2008 en 2014 schuldig hebben gemaakt aan witwassen, valsheid en geschrifte en belastingfraude bij de exploitatie van de Brabantse coffeeshopketen The Grass Company (TGC). De verdachten hebben volgens het OM ook een criminele organisatie gevormd met het runnen van de coffeeshops in Den Bosch en Tilburg.

Lees meer over de zaak-Van Laarhoven: Unhappy ending in Thailand

Behalve de broers Van Laarhoven wordt ook bedrijfsleider Marco de J. en de leverancier van de shops, Wim van B., gedagvaard. Het OM dagvaardt ook een reeks BV’s waar de activiteiten van The Grass Company in zijn ondergebracht. De zaak zal eind september door de rechtbank in een regiezitting worden behandeld.

De advocaten van Van Laarhoven hopen dat de Nederlandse justitie nu met de Thaise autoriteiten gaat regelen dat de veroordeelde ondernemer in Nederland zijn Thaise straf mag uitzitten. Overdracht van zo’n vonnis kan als de veroordeling onherroepelijk is en hij minimaal vier jaar in Thaise gevangenschap heeft doorgebracht. Dat is op 23 juli 2018 het geval.

‘Onrechtvaardige uitkomst’

Advocaat Vis spreekt van „een zeer trieste en onrechtvaardige uitkomst” van het Thaise proces. „Nederland heeft ordinair handjeklap in Bangkok gespeeld en heeft Johan van Laarhoven aan de Thai overgeleverd, op de koop toe nemend dat de Thaise rechter het gedoogbeleid niet zou begrijpen. Daarbij zijn door Nederlandse functionarissen in Thailand verklaringen afgelegd waarvan in de Nederlandse civiele verhoren is gebleken dat deze – op zijn minst – onjuist en onvolledig zijn geweest. Zo zijn bijvoorbeeld feiten die niet tot vervolging, laat staan veroordeling, hebben geleid aan de Thai willens en wetens gepresenteerd als vaststaande strafbare feiten. Deze gebrekkige informatie ligt ook nu aan de uitspraak ten grondslag.”