Opinie

Frans-Duitse EU-tandem zet Nederland voor het blok

Met een veeleisende Macron en een gewillige Merkel komt de Europese politieke en economische unie – die Nederland nooit wilde – dichterbij, schrijft . Om gezichtsverlies te voorkomen kan een nieuw kabinet maar beter geen al te ferme standpunten innemen.

Helmut Kohl in 2004 op campagne voor de CDU in Saarbrücken Foto Michael Probst/AP

Een groot leider van de Europese Unie, Helmut Kohl, is ons ontvallen. Maar een nieuwe leider van formaat, Emmanuel Macron, is opgestaan. Gezamenlijk typeren ze de gestage erosie van de Nederlandse positie in de EU.

In zijn drang om Frankrijk te behagen na de Duitse eenwording stemde Kohl in met de monetaire eenwording – een Franse wens – hoewel duidelijk was dat de eurolanden er niet klaar voor waren. Waarschijnlijk wilden de Nederlandse burgers de eenheidsmunt niet, en zeker niet in deze vorm of met deze groep landen, maar hadden ze destijds niet de mogelijkheid om zich in een referendum uit te spreken.

De les van Kohl voor het tijdperk Macron

Inmiddels stuwt de euro het Europese integratieproject richting een politieke unie waarvan de invulling steeds duidelijker wordt. Macron is nu de staatsman die het politieke draagvlak voor de verdere Europese integratie moet creëren, een project dat Nederland steeds geschuwd heeft.

Om niet opgesloten te raken in een door Frankrijk en Duitsland gedomineerd Europees blok met (Franse) protectionistische trekken, heeft Nederland altijd geprobeerd om banden buiten de EU aan te halen. Den Haag vocht voor Amerikaanse betrokkenheid om te voorkomen dat Europa zou uitgroeien tot een politieke unie met een militaire macht. En het bepleitte een Brits EU-lidmaatschap om vergaande Frans-Duitse integratie-ambities in toom te houden.

Met Trump en Brexit ziet de Europese toekomst van Nederland er zorgwekkend uit en daar komen nu de hernieuwde Frans-Duitse aspiraties bij.

De politieke unie die Nederland niet wilde

Ongeacht of de hervormingen van Macron slagen of niet, de kans is groot dat zijn verkiezing zal bijdragen aan het uitbouwen van de politieke unie die Nederland wilde voorkomen. Frankrijk zal aansturen op verdiepte integratie, en het Duitsland van Merkel zal opnieuw gedwongen zijn om concessies te doen. Bijvoorbeeld door soepeler begrotingsregels of het toewerken naar een Europees sociaal beleid.

Zulke toezeggingen heeft Macron nodig om thuis draagvlak te krijgen voor zijn hervormingen. Zo helpt Europa om economische bescherming te bieden aan de verliezers van globalisering, modernisering en automatisering. Zo pleit Macron ook voor ‘koop Europese waar’. Precies de geur van protectionisme waar Nederland beducht voor is geweest.

Waarschijnlijk zal Merkel instemmen met zulke investeringsplannen. Of extra Duitse, en dus ook Nederlandse, uitgaven zullen leiden tot groei in Frankrijk en andere zuidelijke landen is twijfelachtig, maar het gaat om de symboliek van het ‘Europa dat beschermt’ en die van een ‘minder Duits-Europa’.

Verder wenst Macron een extra begroting voor de eurozone en wil hij stappen zetten richting een Europees leger. Met Macron stevig in het zadel durfde de Europese Commissie het aan een beleidsnota te publiceren over de toekomst van de euro die aansluit bij de Franse agenda. Het kabinet-Rutte bepleitte juist een pas op de plaats. Nederland staat hierin echter vrij alleen.

Na Brexit vallen de Britten als bondgenoot tegen Frans-Duitse integratieplannen af

De grote landen Spanje en Italië, maar ook kleine landen zoals Portugal, Griekenland en België, steunen de plannen van Macron en de Europese Commissie. De traditionele vrienden van Nederland zitten niet in de euro (zoals Denemarken en Zweden) of zijn erg klein (bijvoorbeeld Finland). En na Brexit vallen de Britten als bondgenoot tegen Frans-Duitse integratieplannen af.

Als Macron erin slaagt zijn land te hervormen, wint Frankrijk macht en invloed en wordt het moeilijker zijn plannen voor een meer ‘Franse’ EU af te houden. Het verzwakte Frankrijk onder president Hollande was geen partner voor Duitsland; een sterk Frankrijk met Macron zal meer gezag hebben. Maar als Macron, net als Hollande, Sarkozy en Chirac, er niet in slaagt zijn beloftes waar te maken, dan zit de euro sowieso in de problemen met een reeks landen – Frankrijk, Italië, Portugal en België – die hun staatsschulden hebben laten oplopen tot 100 procent van het bruto binnenlands product, of ver daaroverheen. Europese reddingsoperaties zijn dan onvermijdelijk. Linksom of rechtsom, met Macron krijgt Europese integratie een duw in een richting die hier politiek moeilijk te verkopen zal zijn.

Nederland kan hier weinig tegen doen. De Tweede Kamer heeft gevraagd of Nederland misschien via slim coalitiespel medestanders kan mobiliseren om druk op Duitsland uit te oefenen zodat het ‘onze lijn’ niet verlaat. Dit zal moeilijk worden.

Om enig gewicht in de schaal te leggen zijn veel kleine landen nodig, variërend van Slowakije tot Zweden. Maar deze landen zijn sterk verschillend en makkelijk uit elkaar te spelen door de grote landen. In een kruiwagen met kikkers die alle kanten opspringen is het moeilijk stabiele coalities aan te gaan.

Waarschijnlijk is het voor de komende Nederlandse regering veel makkelijker om vooral geen posities in te nemen. Traumatisch voor het laatste kabinet-Rutte was de verkiezingsbelofte dat er geen geld meer naar Griekenland zou gaan. Het breken ervan kwam Rutte duur te staan. De les was om duidelijke standpunten te vermijden. Dan hoeft in de Kamer of media ook niet te worden uitgelegd dat het kabinet verloren heeft in de Europese onderhandelingen.

Uiteindelijk kan Nederland alleen maar hopen dat de volgende Duitse regering niet al te inschikkelijk zal zijn richting Frankrijk. Echter, Duitsland is voor Nederland veelal een onbetrouwbare partner geweest die om hele eigenzinnige redenen de Frans-Duitse as boven alles heeft gesteld. Dat is de les van Kohl voor het tijdperk Macron.