Recensie

Met focus op Indonesië schiet Holland Festival in de roos

Indonesië is dit jaar focusland van het Holland Festival. Twee avonden boden een prikkelend inkijkje. Opvallend: geen gamelan gehoord.

Setan Jawa Foto Erik Wirasakti

Wat leeft er muzikaal in Indonesië? Wat borrelt er onder de mainstream? De geografische focus van het Holland Festival bleek een schot in de roos. Twee avonden boden een prikkelend inkijkje. Opvallend: geen gamelan gehoord.

A night in Indonesia was een ontdekkingstocht door Paradiso waarbij je struikelde over acts met smoel en branie. De infernale schreeuw-noise van Jogja Noise Bombing bijvoorbeeld. Of de gestileerde show met game- en vliegtuigvideo van het Amerikaans-Javaanse Filastine & Nova, dat samples van omgevingsgeluid verwerkte in modieuze dansmuziek.

De activist, senator en ex-rockster Kande, met bril en baret, blèrde zijn teksten als een repeteergeweer de zaal in, ergens halverwege rappen en scatten. Zijn witgeklede band produceerde onverdroten ritmisch scherpe grooves zonder franje, met hooguit een gitaarlick of saxsolootje. Het zorgde voor aanstekelijke, vrolijk-agressieve feestmuziek over de islam en een betere (groenere) wereld.

Etherische falset

Rully Shabara van het avant-gardistische duo Senyawa kon grunten en krijsen tot jaloezie van menige blackmetalzanger, maar beheerste ook allerlei traditionele vocale technieken. Zijn collega Wukir Suryadi begeleidde hem op zelfgebouwde instrumenten, zoals een met snaren bespannen stuk bamboe waar hij met een strijkstok overheen jakkerde. Dankzij voldoende versterkers en effect-apparatuur zorgde dat voor een geweldige bak herrie. Uit de pulserende en kokende dieptes klonk soms opeens Shabara’s etherische falset op – wonderlijk en fascinerend.

Senyama maakte ook zijn opwachting voor een performance met Ensemble Modern. Het leidde tot lekker tegendraadse verkenningen, al haalde de setting van het Muziekgebouw de duistere angel uit hun act. Ensemble Modern stelde nog vijf Indonesische componisten voor, vooral in de filmwereld of elektronische muziek actief. Gemene deler: eigenzinnige klankavonturen, waarvoor de traditie slechts één inspiratiebron vormde.

Betoverende bamboepercussie

Componist Dewa Alit beweerde in leuke Open my door de link tussen gamelan en westerse muziek te leggen, maar daar was nauwelijks iets van terug te horen.

Publieksfavoriet was Da-Dha-Dah van Gema Swaratyagita, gebaseerd op de Ursonate van Kurt Schwitters en vol loopacties, geschreeuw en absurditeit. De hoofdrol was weggelegd voor de stemkunst van multi-instrumentalist Joko Winarko – een revelatie. Hij zorgde ook voor fluit-interventies, zoals in de betoverende coda met bamboepercussie en gong.