Premier Rutte hielp bij komst multinational

Uit de stukken in handen van NRC wordt duidelijk dat Rutte de toenmalige topman van ICL aanbood om voor hem een aantal cruciale afspraken te organiseren.

Rutte en grootaandeelhouder Idan Ofer tijdens de opening van het nieuwe Europese hoofdkantoor van ICL in Amsterdam in 2015. Foto Robin van Lonkhuijsen/ANP

Premier Mark Rutte was persoonlijk betrokken bij de komst van voormalig Israëlische staatsbedrijf ICL naar Nederland om fiscale redenen. Dat blijkt uit documenten die NRC verkreeg met een beroep op de Wet Openbaarheid Bestuur (wob) en uit gesprekken met betrokkenen.

Uit de stukken wordt duidelijk dat Rutte de toenmalige topman van ICL Stefan Borgas tijdens een ontbijt in een vijfsterrenhotel nabij Tel Aviv aanbood om voor hem een aantal cruciale afspraken te organiseren. De premier was in december 2013 in Israël in verband met een handelsmissie. Begin 2015 opende hij persoonlijk het Europese hoofdkantoor van ICL in Amsterdam, waar inmiddels 300 mensen werken.

De belangrijkste ontmoeting die Rutte op poten zette was tussen Borgas en de top van het ministerie van Economische Zaken. Tijdens dat gesprek gaf Borgas aan dat ICL overwoog de cruciale wereldwijde inkoopafdeling naar Nederland te verplaatsen. Voorwaarde was wel dat de Belastingdienst hem een aanbod zou doen dat in de buurt zou komen van een voorstel dat hij van Zwitserland had ontvangen.

Dat kwam neer op een „effectief belastingpercentage” van „rond de 10 procent”, aldus vertrouwelijke mails tussen het bedrijf en het Netherlands Foreign Investment Agency (NFIA), een afdeling van het ministerie van EZ. Het exacte effectieve percentage dat werd afgesproken is geheim, maar „voldeed aan de verwachtingen van ICL,” aldus de mails.

Lees het gehele onderzoek naar de Nederlandse belastingsdeals: Nederland rolt de oranje loper uit