Cultuur

Interview

27 april 2017: extreemrechtse actievoerders The Oathkeepers eisen in Berkeley vrijheid van meningsuiting, ook voor controversiële sprekers als Ann Coulter. Op de voorgrond staan tegendemonstranten.

Foto AP

Zelfs op Berkeley is het debat volledig verziekt

Verenigde staten

Het neerschieten van een Congreslid deze week was het voorlopige dieptepunt van de polarisatie in de VS. Ook op de universiteit van Berkeley, bolwerk van de vrije meningsuiting, ontaardt debat in geweld.

Het gaat een uurtje goed. Het is donderdagavond in een vol, zweterig zaaltje op de campus van de University of California, Berkeley. Terwijl er buiten politiebewaking staat, debatteren zo’n honderd mensen over, zoals de organisatie het noemt, de Slag om Berkeley. De hoofdspreker, maoïst Sunsara Taylor, betoogt waarom het „gerechtvaardigd, nee: zelfs goed” is om „de fascisten” van de campus van de universiteit te verdrijven.

Maoïstische activist Sunsara Taylor

Taylor, een kleine vrouw, verborgen achter een spreekgestoelte, zegt: „We moeten het gif uitroeien. We moeten ze de mond snoeren. De fascisten zijn geen marginale beweging meer. Ze beheersen het Witte Huis, het Congres, de staten, het leger, de rechterlijke macht. Ze zullen onze democratische rechten afpakken. Als we niet massaal in opstand komen, komt er een ramp voor de mensheid.”

Sunsara Taylor verwijst naar een aanhoudende spiraal van spanning, intimidatie en soms zelfs geweld op een van de meest progressieve universiteiten van de Verenigde Staten. Toespraken van twee radicale sprekers, de extreem-rechtse Trump-sympathisanten Milo Yiannopoulos en Ann Coulter, zijn op het laatste moment afgelast. Anti-fascisten en conservatieven hebben op de campus met elkaar gevochten. Er zijn branden gesticht.

Het politieke debat is al maanden verziekt in de Verenigde Staten. Het neerschieten op een honkbalveld van de Republikeinse majority whip in het Congres, Steve Scalise, was afgelopen week een nieuw dieptepunt in een langdurig proces van democratische onttakeling. De schutter, de 66-jarige James Hodgkinson, had op Facebook een oproep geplaatst om „Trump & Co” te „vernietigen”. Hodgkinson plaatste linkse complottheorieën, en noemde Trump „de grootste eikel die ooit in de Oval Office heeft gewoond”.

Hodgkinson is een symptoom van een proces dat al in de Obama-jaren begon. Al voordat Donald Trump zich kandidaat stelde voor de presidentsverkiezingen, was Amerika gespleten tussen progressief en conservatief. Beide groepen hebben hun eigen media, hun eigen Facebook-tijdlijn, hun eigen vrienden.

De opkomst van Trump maakte die scheiding absoluut. Trumps uitspraken over Mexicaanse migranten („verkrachters, moordenaars”), demonstranten („sla ze verrot”), vrouwen („je kunt alles met ze doen, ze bij hun kutje grijpen”) maakten het debat vulgair en rauw. Hij zinspeelde soms op geweld tegen politieke tegenstanders, zoals bij Clinton: „Hillary wil het Tweede Amendement [dat vuurwapenbezit regelt] afschaffen. Als zij haar rechters mag kiezen, kunnen we niets meer doen, folks. Hoewel de mensen van het Tweede Amendement… misschien is er wel iets. Ik weet het niet.”

Free Speech Cafe

‘Polarisatie’, ‘scheiding’, ‘bubbels’ – het zijn abstracte begrippen. Tot je een weekje op de campus van Berkeley rondloopt, aan de Amerikaanse westkust. De linkse universiteit speelde een hoofdrol in de Free Speech-beweging van de jaren 60. Duizenden studenten demonstreerden op het centrale plein voor hun recht zich politiek te organiseren. De studenten, onder leiding van Mario Savio, wonnen van het universiteitsbestuur en de politie. Berkeley werd een vrijhaven voor politiek debat. Er is een Free Speech Cafe, op de Mario Savio Trap op het centrale plein mag iedereen elk moment het woord nemen. In het universiteitsrestaurant hangt een citaat van Diogenes: „Het mooiste in de wereld is de vrijheid van meningsuiting.”

Mario Savio tijdens een demonstratie van de Free Speech-beweging, jaren ’60
Gearresteerde activist Jack Weinberg, na een demonstratie van de Free Speech-beweging

Maar de tijd van debat is voorbij op Berkeley, zegt de linkse activist Sunsara Taylor in haar toespraak op de campus. Ze haalt progressieve politici als Bernie Sanders en Elizabeth Warren aan, die opriepen de dialoog tussen links en rechts op de universiteiten in Amerika te herstellen. Dat zijn verraders, vindt ze. Taylor:

„Het fascisme komt steeds dichterbij op Berkeley. Ze willen de universiteit overnemen, daarna de academische wereld en daarna het land. We moeten ze wegjagen van de campus. Berkeley moet weer Berkeley worden!”

Ze krijgt applaus van een paar medestanders. De meeste aanwezigen, studenten, docenten, buurtbewoners, kijken strak voor zich uit.

Maar dan, na een uur, staat een lange, blonde student op, achterin de zaal. Het is Troy Worden, de voorzitter van de Republikeinse Partij op Berkeley. Hij zegt: „De afgelopen zes maanden zijn conservatieve studenten geïntimideerd. Veroordeelt u geweld tegen ons?”

Taylor kijkt hem strak aan, en zegt: „Het geweld van een verkrachter is moreel anders dan het geweld van iemand die zich verzet tegen een verkrachting. Niet elk geweld is hetzelfde.”

Dan beginnen mensen uit de zaal te schreeuwen.

Een oude vrouw met hondje staat op: „Bullshit!”

Een student roept: „Je maakt onze universiteit kapot!”

Een buurtbewoner: „En je woont hier niet eens!”

Een gezette man met grote baard stormt woedend op Taylor af, en wordt tegengehouden door antifascistische activisten, die zakdoeken voor hun mond doen. Een man die staat te filmen, wordt in een hoek gedrukt. Overal in de zaal schreeuwen voor- en tegenstanders van Taylor tegen elkaar. Bezoekers die willen weggaan, worden geduwd.

De confrontatie, gefilmd door iemand uit het publiek:

Een van de weglopers is Taylor Blevons (25). In het debat probeerde ze te zeggen: „Als we alleen maar tegen elkaar schreeuwen, bereiken we niks in Amerika.” Maar haar woorden werden overschreeuwd. Geëmotioneerd zegt ze: „Deze mooie universiteit wordt misbruikt door links en rechts. Er is geweld, het gesprek is dood.”

Tegencultuur

Een dag na het gespannen debat zit de Republikein Troy Worden in een koffietentje net buiten de campus. Hij is derdejaars student Engels en Filosofie, en leidt een groepje van zo’n dertig actieve leden. „The Misfits”, noemt hij zijn organisatie. Republikeinen zijn een minderheid op de linkse universiteit. „We worden niet geaccepteerd. We zijn een tegencultuur.”

Republikein Troy Worden

Tot voor kort leidde de club een slapend bestaan. „We waren niet omstreden. Ik had linkse vrienden, en had het weinig over politiek. De opkomst van Donald Trump heeft alles veranderd. Ik heb geen vrienden buiten de Republikeinse club over. Berkeley staat bekend als de tolerantste universiteit van Amerika, maar dit zijn de meest intolerante mensen die ik ken.”

Troy Worden nodigde de omstreden sprekers Milo Yiannopoulis en Ann Coulter uit om te komen spreken op de campus. Yiannopoulos schreef eens dat anticonceptie vrouwen „lelijk en gestoord” maakt. Hij richt zich tegen migranten en „islamitische indringers”, en pleitte voor meer „opstandigheid, herrie en onbeschaafdheid” in het publieke debat. Ann Coulter noemde immigratie „Amerika’s grootste bedreiging”. Over Mexicaanse migranten schreef ze: „Als het om kinderverkrachting gaat, doet de hele familie mee (ze hebben hechte families!).”

Berkeley staat bekend als de tolerantste universiteit van Amerika, maar dit zijn de meest intolerante mensen die ik ken

Republikein Troy Worden

Troy Worden zegt: „Zulke sprekers leiden tot veel publiciteit, en veel publiek. We wilden wat controverse. Als je een goed bezochte lezing over het socialisme wilt, nodig je een charismatische spreker als Cornel West uit, niet een suffe hoogleraar. Zo dachten wij ook.”

Maar beide sprekers zijn niet op komen dagen. Antifascisten dreigden de lezingen te verstoren met demonstraties en geweld. In februari stichtten demonstranten branden op de campus, om de komst van Milo Yiannopoulos te verhinderen. De universiteit leed honderdduizenden dollars schade. Er vielen gewonden onder studenten. Volgens Berkeley „infiltreerden” extreem-linkse groepen van buiten de universiteit de vreedzame studenten die op het plein demonstreerden tegen Yiannopoulos. Zijn toespraak werden afgelast.

Bordkartonnen Donald Trump

In april, toen Ann Coulter zou komen, werd opnieuw tot protest opgeroepen. Ook verzamelden rechtse groepen zich online. Onder hen waren extreem-rechtse, gewapende milities als de Oathkeepers. Zij wilden Coulters toespraak „met alle mogelijke middelen” laten doorgaan. De gealarmeerde universiteit vreesde nieuw geweld. De toespraak werd verschoven, en uiteindelijk afgelast. Linkse activisten vierden dit als een overwinning.

Troy Worden zegt: „Ik voel me niet meer vrij om te zeggen wat ik denk. We hadden een bordkartonnen Donald Trump neergezet. Die is omver geschopt. Een vriend kreeg een klap in het gezicht. Berkeley is hysterisch geworden.”

Even later zegt Troy Worden dat hij ook profiteert van alle ophef. Hij wist vooraf, zegt hij, dat hij het nieuws zou halen. Hij wist ook dat het een verloren strijd was om Coulter en Yiannopoulis uit te nodigen, en dat er tegendemonstraties zouden komen. In de weken dat hij landelijk nieuws was, kreeg zijn organisatie donaties van allerlei conservatieve geldschieters. „De beveiligingskosten van twee keer vijfduizend dollar hadden we er meteen uit.” Hoeveel Worden precies heeft gekregen, wil hij niet zeggen. Maar polarisatie is niet alleen slecht voor hem. Het is een verdienmodel.

De universiteit zelf zegt dat de campus misbruikt wordt door links en rechts. „De status van Berkeley als symbool van de vrijheid van meningsuiting maakt dit een verleidelijke plek voor beide kampen om geweld in scène te zetten”, schreef rector magnificus Nicholas Dirks in The New York Times. „Ik vind ook dat we de principes en geschiedenis van de vrijheid van meningsuiting beter moeten overbrengen, maar (..) het debat hierover wordt op alarmerende wijze door geweld bepaald.”

„Juist nu Amerikanen niet meer in gesprek willen met andersdenkenden, moet de universiteit een bolwerk van open debat zijn”, zegt Nico Perrino. Hij werkt voor Fire, een libertaire organisatie die zich inzet voor de vrijheid van meningsuiting in het onderwijs, en heeft een podcast over hetzelfde onderwerp: So To Speak.

Sneeuwvlokjes

In Amerika, zegt Perrino, holt de tolerantie voor een andere mening al jaren achteruit. Discussies over Israël lopen op universiteiten bijvoorbeeld al jaren uit de hand. „Maar tot voor kort waren studenten onze belangrijkste bondgenoten. Zij verzetten zich, net als ik, tegen universiteitsbestuurders die geen zin hadden in verhitte discussies. Nu beginnen de studenten langzaam om te slaan.”

Volgens Nico Perrino zijn jonge Amerikanen „geestelijk verwend” geraakt, zoals de ouderen dat al langer waren. Ze horen alleen nog maar meningen die ze onderschrijven, en accepteren andere ideeën steeds minder. Het conservatieve cliché dat jonge mensen „sneeuwvlokjes” zijn die een „veilige ruimte” nodig hebben, klopt volgens Perrino niet. „De instellingen hebben deze norm ongevraagd opgelegd. Zo maken ze het moeilijker om je uit te spreken. Je krijgt al snel het verwijt ongevoelig, agressief of controversieel te zijn.”

Het gevolg is dat op een progressieve universiteit als Berkeley hetzelfde gebeurt als op een conservatief bolwerk als Liberty University in Virginia, zegt Perrino. „Studenten worden afgeschermd van andere meningen. Het is de meest onacademische reflex die ik kan bedenken.”

De Universiteit van Chicago nam als eerste stappen tegen deze trend. In een brief aan alle eerstejaars schreef bestuurder John Ellison: „Wij steunen geen zogeheten trigger warnings [waarschuwingen dat een tekst kwetsend kan zijn], we zeggen geen toespraken van uitgenodigde sprekers af omdat hun onderwerpen controversieel zijn, en we staan niet toe dat er ‘safe spaces’ komen, waar mensen zich terugtrekken van ideeën of perspectieven die botsen met die van henzelf.”

En zo wordt het publieke debat van twee kanten aangevallen: vanuit een onvermogen om andere standpunten te horen, en vanuit een radicalisering van de eigen standpunten. Niemand verwacht dat de schietpartij op een honkbalveld in Alexandria deze week het laatste dieptepunt is.

Toch beginnen inmiddels ook Republikeinse prominenten te morren. Congreslid Mark Sanford, een conservatief, zei vlak na de schietpartij dat Donald Trump „ten dele schuld draagt aan de demonen die zijn losgelaten”. Sanford:

„Ik kom mensen tegen die zich vreemd gedragen, maar die zeggen: als Trump alles mag zeggen tegen iedereen, mag ik het ook.”