Column

Waar ligt úw morele ondergrens?

schrijft elke vrijdag over de taal van deze week. Vandaag: De ‘morele ondergrens’ van Jesse Klaver.

Als het érgens de week van was, dan was het wel de week dat Jesse Klaver zijn „morele ondergrens” bereikte. Daar had iedereen het in Den Haag in ieder geval over. Dat de GroenLinkse Klaver tijdens de formatieonderhandelingen steeds verder in zijn moraliteit was afgedaald om met de rechtse VVD en CDA te kunnen gaan regeren, maar dat hij tijdens de discussie over de opvang van vluchtelingen zijn morele ondergrens bereikte en niet meer verder kon.

Wat ik zo knap vind aan Jesse Klaver is dat hij het weet als hij zijn morele ondergrens heeft bereikt. Ik zou dat zelf niet eens zo snel weten. Ja, de fysieke ondergrens. Die weet iedereen feilloos bij zichzelf te vinden. Als je te weinig slaapt, eet of getraind hebt: bam, daar komt vroeg of laat de fysieke ondergrens. Datzelfde geldt voor de intellectuele ondergrens. Daar kan je wel iets langer overheen gaan voordat iemand het merkt, maar ook die grens stopt je vroeg of laat vanzelf.

Met de morele ondergrens is dat een stuk lastiger. Daar banjeren de meeste mensen vaak dagen, wat zeg ik: vaak jaren overheen voor ze door hebben dat hij is bereikt. En dan is het vaak al te laat. Klaver niet. Hij wist het, trapte meteen op de rem en het hele motorblok kwam gierend tot stilstand.

Weet u waar úw morele ondergrens ligt? Ik denk dat hij wat hoger ligt dan de fysieke ondergrens, in elk geval boven de onderbuik, want daar kom je uit als je de morele ondergrens doorbreekt. De morele bovengrens ligt natuurlijk ook ergens. Ik denk in de buurt van de neus zodat je makkelijk kan aanwijzen dat dingen zoals politieke correctheid of morele integriteit je ‘tot hier’ zitten. Je kan daar ook je neus voor optrekken, maar aanwijzen is natuurlijk beter. Dan weet iedereen precies waar je zit.

Idealiter ligt je morele ondergrens ergens tussen het hart en de ziel, maar daar ga je alweer want wie weet waar zijn ziel zit? Maar het grootste probleem van de morele ondergrens is dat het natuurlijk geen échte grens is. Het is eigenlijk net als de morele zege. Dat is ook geen echte zege, dus als je dat vertaalt naar de ondergrens hoef je niet écht een grens over om toch te vinden dat ie overschreden wordt. Jesse Klaver voelde hooguit wat maagzuur en dat was dat. Grens bereikt.

Taalkundig kan het natuurlijk niet passender, met al die grenzen. Want het dossier waarover de grens bereikt werd gaat ook écht om grenzen. En of die dicht moeten of niet. Wat dat betreft zijn het gekke tijden. Het gaat tegenwoordig vaak amper meer over grenzen bereiken of tegen ze aanlopen, maar vooral over het overschrijden ervan: iedereen doet het. Overal word je aangemoedigd je grenzen over te gaan, of je grenzen op te rekken.

Behalve Jesse Klaver dus. Hij stelt nu paal en perk. Hij is een man van piketpaaltjes, een man van tot hier en niet verder. Jesse Klaver is de morele winnaar. Maar net als met een morele ondergrens, win je daar zelden een wedstrijd mee.

Taaltips via Twitter op @Japked