De vloek van het Catshuis waar Marks arm tot niets leidt

Weekboek Formatie

Premier Rutte wilde in een nieuwe omgeving de formatie met GroenLinks redden. Maar niks hielp.

Vanuit de hemel, was het idee in de zeventiende eeuw, moet er kunnen worden meegekeken in het Catshuis in Den Haag. Speciaal met dat doel was in het park, rond het huis van de dichter Jacob Cats, de Parnassusberg aangelegd. Vanaf de top van die berg had je uitzicht op de vergadertafel.

Maar of er dan een zegen rust op die tafel? Je zou ook kunnen denken: een vloek.

Begin deze week voltrok zich in het Catshuis de tweede – en dit keer definitieve – mislukking van de onderhandelingen over een nieuw kabinet van VVD, CDA, D66 met GroenLinks.

In 2012 was het ook al misgelopen in het Catshuis: bij onderhandelingen over bezuinigingen trok PVV-leider Geert Wilders zijn gedoogsteun in voor het kabinet-Rutte I. En in de winter van 2007 had Jan Peter Balkenende op dezelfde plaats zijn vierde kabinet gepreseteerd (met de PvdA en ChristenUnie) met als motto ‘samen werken, samen leven’. Dat zag er toen nog wel vrolijk uit, maar al snel bleek dat Balkenende en zijn vicepremier Wouter Bos van de PvdA zelf niets terecht brachten van het samen leven en werken. Het werd een ruzie-kabinet.

Het Catshuis is de ambtswoning van de premier, maar hij woont er niet. Rutte ontvangt er vooral buitenlandse gasten. De laatste die er nog vaak overnachtte, was Dries van Agt, CDA-premier van 1977 tot 1982. In zijn tijd vergaderden de ministers nog elke vrijdag in het Catshuis en over Van Agt gaat het verhaal dat de vergaderingen soms al waren begonnen en de premier zelf nog boven aan het uitslapen was.

Rutte had informateur Herman Tjeenk Willink en de leiders van het CDA, D66 en GroenLinks eind vorige week meegenomen naar het Catshuis, zo’n vier kilometer van het Binnenhof, omdat een „change of scenery” – zei hij – soms kan helpen bij moeizame onderhandelingen.

Buiten het hek hadden journalisten en fotografen geen zicht op de vergadertafel. Wel op het terras. Op maandagochtend, een paar uur voor de breuk, stonden de vier partijleiders daar lang met elkaar te praten. Wat toen al opviel: GroenLinks-leider Jesse Klaver hield fysiek steeds wat meer afstand tot de andere drie dan die drie tot elkaar. Al liet hij wel toe dat Rutte een paar keer zijn arm om hem heen legde als ze samen een rondje gingen lopen door het park – net als Rutte in 2012 bij Wilders had gedaan.

Het hielp ook deze keer niks. En als je nu rondvraagt op het Binnenhof aan politici die nog een kans maken om mee te doen aan onderhandelingen: dat terras, die tuin en al die fotografen bij het hek – van hen hoeft het niet zo nodig.

Je zou ook kunnen denken: doe dat hele Catshuis maar even niet.