Onrust tussen Oost en West gijzelt OVSE

Veiligheid in Europa Door spanningen tussen het Westen en Rusland functioneert de OVSE niet goed meer.

Werknemers van de OVSE staan in Oekraïne op een locatie waar een explosie plaatsvond. Daarbij was een voertuig van OVSE betrokken. Foto Alexander Ermochenko/EPA

De spanningen tussen Rusland en het Westen frustreren het functioneren van de internationale organisatie OVSE, die is opgericht om spanningen tussen Oost en West te verminderen. De Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa wordt door aanhoudende meningsverschillen tussen Oost en West gegijzeld.

De organisatie in Wenen kon afgelopen jaar het mandaat voor drie belangrijke veldmissies niet op tijd verlengen, moest het zes maanden zonder goedgekeurde begroting stellen en over de bezetting van de vier belangrijkste diplomatieke functies, waaronder de toppositie van secretaris-generaal, bereiken de lidstaten maar geen overeenstemming.

Dat zegt secretaris-generaal van de OVSE, Lamberto Zannier. „Hoe meer polarisatie er is in de organisatie, des te moeilijker wordt het om deze vraagstukken op te lossen. Alles wordt politiek.”

Zannier schetst een somber beeld van de Oost-West-verhoudingen. „Ik zie een sfeer van beschuldiging en tegen-beschuldiging. Aan beide kanten voelt men zich bedreigd.”

Lees ook de column van redacteur geopolitiek Michel Kerres: Lege stoel in Den Haag is teken van de Oost-West-spanning

Zijn eigen mandaat verloopt over twee weken. Formeel gezien kan de OVSE zonder secretaris-generaal eigenlijk niet functioneren en moet er een noodverband aangelegd worden. Zannier heeft geen officiële plaatsvervanger. (Als hij op reis is, past de directeur van zijn bureau, de Nederlander Paul Bekkers, op de winkel.)

Volgens diplomaten zijn er voor alle functies voldoende gekwalificeerde kandidaten, maar de lidstaten kunnen geen consensus bereiken. Er is zelfs geen overeenstemming over de methode waarmee overeenstemming kan worden bereikt. Sommige landen willen over de topfuncties beslissen als packagedeal, andere willen beslissen op basis van de merites van de individuele kandidaten.

Voor de toppositie zou een kandidaat van een klein, neutraal land in de race zijn die op weinig verzet stuit. De andere drie topfuncties liggen in sommige landen zeer gevoelig: het gaat om de vertegenwoordiger voor vrijheid van de media , die toeziet op persvrijheid, de hoge commissaris voor nationale minderheden, die toeziet op explosieve etnische conflicten en om de directeur van het bureau voor democratische instellingen en mensenrechten .

Landen, zoals Rusland, die problemen hebben met het werkgebied van een van de specialisten willen graag een ‘sg’ benoemen en de rest op de lange baan schuiven. Andere, zoals sommige West-Europese landen, willen de benoeming van de sg gebruiken als hefboom om ook de andere posten bezet te krijgen.