Interview

‘Ik wil oprecht zijn, zelfs als ik raar klink’

Best Kept Secret festival

De zingende bassist Thundercat is komend weekend een van de aantrekkelijkste namen op het Best Kept Secret Festival. „Het heeft lang geduurd voordat ik mezelf zingend serieus kon nemen.”

Thundercat, in april 2017, op het Motel Mozaique festival Foto Andreas Terlaak

‘Houd die ogen toch eens open, man.” Bassist en zanger Thundercat – Stephen Bruner uit Los Angeles – krijgt zijn manager pas echt chagrijnig als hij op het podium alleen maar met zijn ogen dicht staat te spelen. Dan komt Thundercat volgens hem veel te onpersoonlijk over; het bemoeilijkt contact met publiek en schept afstand.

Dat begrijpt de muzikant wel, maar zijn drang om weg te kruipen in de snaren van zijn speciaal voor hem vergrote Ibanez-basgitaar („Ik heb grote handen”) wint het vaak. „Van alle gezichten in het publiek valt zoveel af te lezen”, zegt hij. „Zit ik midden in mijn solo, zie ik de grote ogen van iemand die denkt: ‘man, heb ik híér nou mijn kaartje voor gekocht?’ Of ik word geraakt door juist onverwachte extase bij iemand.”

De zingende bassist Thundercat (32) is komend weekend een van de aantrekkelijkste namen op het Best Kept Secret Festival in Hilvarenbeek. Zijn aandeel op albums van cutting edge artiesten als producer Flying Lotus, rapper Kendrick Lamar, saxofonist Kamasi Washington en zangeres Erykah Badu is prominent. Sinds de verschijning van zijn eigen, alweer derde album Drunk, begin dit jaar, is het aantal optredens onder eigen naam fors toegenomen.

Vandaag is hij in Utrecht, voor een optreden op jazzfestival Transition, en zit hij in zijn kleedkamer. Zijn opvallende neusring en de tatoeages op zijn handen zijn niet te missen. Verder is hij voor zijn doen tamelijk gewoontjes gekleed in zwarte streetwear en witte sandalen. De excentrieke garderobe met capes, zijden korte broeken en bonte verzameling hoofddeksels – een wolvenbontmus, hoofdtooi met veren of een Romeinse helm – is voor deze Europese tournee wat ingeperkt. „Zo’n gedoe op die vliegvelden joh”, merkt hij op. Wel zijn er nog wat sieraden voor het optreden uit te kiezen. Een verzameling ringen met joekels van stenen, brede armbanden en kralenkettingen ligt uitgestald op een doek.

Zijn eclectische kledingstijl representeert zijn muziek: Thundercat laat grote vrijheid horen in cross-overs tussen elektronische muziek, jazz, rock en funk. Zijn songs zijn rijk gevuld, ongeremd en bevatten grappige elementen. In een tijdloos songstramien regent het invloeden: jarenzeventignostalgie, hiphopflows die het geheel smeuig houden, geslaagde Steely Dan-retro, jazzfusion ingebed in toegankelijke ritmes.

Echt wat je letterlijk noemt fusion – een smeltkroes, knikt hij. „Ik weet nooit wat er komt in de muziek, de vele mogelijkheden houden het muzikale vuur hoog. Jij hoort er Steely Dan in? Ja joh, ik ben gek op die muziek. Ik was zo’n jongen die altijd ging opzoeken waar samples vandaan kwamen. Verliefd werd ik zo bijvoorbeeld op de sound van Gino Vannelli’s baanbrekende album Brother to Brother.”

Opvallend op Thundercats Drunk is ook zijn samenwerking met zanger Michael McDonald. In het strelende funksoulliedje ‘Show You The Way’ vallen mierzoet-hoge stemmen samen in een warm bed. Niet alleen houdt Thundercat op dit album het vuur aan op zijn bas, zijn kopstem met de door slapeloosheid en drugs ingestoken nevelige en humorvolle teksten (over zijn kat: ‘Meow, meow, I wish I had nine lives. I bet it feels real nice’) blijft de aandacht trekken.

Dat hij zich nu als soul- en jazzvocalist manifesteert is nieuw. Hij heeft er geen opleiding voor genoten en moet nog dagelijks over reserves heen stappen. „Het heeft lang geduurd voordat ik mezelf zingend serieus kon nemen.” De eerste keer dat zijn hoge zang te horen was, was op het album van danceproducer Flying Lotus Cosmogramma in het nummer ‘MmmHmm’. „Flying Lotus stond er toen op dat mijn naam in de credits kwam. Ik had geen idee wat dat zou betekenen. Mijn zang, mijn tekst. Vanaf de dag dat ik bij zijn label Brainfeeder een contract tekende was hij duidelijk: je moet oprecht zijn in je muziek. Er is geen andere weg. Dat heb ik serieus genomen. Zelfs als ik raar klink.”

Als lid van een muzikale familie was zijn pad al vroeg uitgestippeld. Vader Ronald Bruner sr. is een veelgevraagd drummer die onder meer muziek opnam met Diana Ross en The Temptations. Dan heeft Thundercat nog twee broers: toetsenist Jameel (Kintaro, The Internet) en Ronald Bruner jr., een veelgevraagd jazzdrummer (Kenny Garrett, Marcus Miller). Met Ronald speelde Thundercat jaren in de punkband Suicidal Tendencies. En ook prijswinnende albums als Kendrick Lamars To Pimp a Butterfly en Kamasi Washingtons Epic hielpen ze aan ritmes.

Opgroeien in een muzikale familie noemt hij „intens”. „De Bruners waren niet bepaald een happy muziekfamilie als The Osmonds.” Zijn muzikale opvoeding maakte dat Thundercat muziek van meet af serieus nam. Er was eigenlijk geen andere optie. „Het was mijn realiteit.”

Het voordeel van muzikale familieleden is evident: snel begrip en het delen van emoties die zonder muziek niet zo makkelijk bloot zouden komen te liggen. Maar, zegt Thundercat, wat de musici ook gemeen hebben is dat ze snel over de kook kunnen raken. Vroeger al, vechtend met zijn broers om de televisie en videogames. En nu, gedreven in hoe het moet klinken, fanatiek om het zo ver mogelijk te schoppen. „We zijn allemaal professionals, en spelen vaak samen, maar kunnen ook zéér goed zonder elkaar werken.”

Als Thundercat met zijn trio losgaat, transformeren zijn poppy liedjes vanzelf tot volle jazzimprovisaties. „De muziek rijgt zich op een zeker moment aan elkaar. De tempo’s en progressies veranderen, het zingen stopt en dan gaan we los. En dat zeg ik ook bij mijn bandleden: gá, gá vooral, neem risico.”

Verbazing alom, toen oude rockfanaten met t-shirts van Suicidal Tendencies zijn concert bezochten. „In Frankrijk ontstond er ineens een moshpit bij mijn show. Ineens stond iedereen elkaar te duwen. We keken elkaar allemaal aan: ‘Wow, niet te geloven. Straks komt er nog een schoen of een steen naar onze hoofden. Het voelde even als de goede oude tijd’.”

Thundercat speelt zondag op het Best Kept Secret Festival