Egypte geeft strategische eilanden weg aan suikeroom Saoedi-Arabië

De bevolking is er niet blij mee en de rechter heeft er nog niet mee ingestemd. Toch besloot het Egyptische parlement woensdag twee strategische eilanden aan Saoedi-Arabië te doneren.

Tiran (voorgrond) en Sanafir (achtergrond) Foto AFP

Het Egyptische parlement heeft woensdag ingestemd met de overdracht van twee kleine eilandjes voor de kust van het Sinaï-schiereiland, Tiran en Sanafir, aan buurland Saoedi-Arabië. President Abdel Fatah al-Sisi hoopt daarmee een eind te maken aan een controverse die hem sinds 2016 parten speelt.

Tiran en Sanafir zijn onbewoond, maar ze zijn van groot strategisch belang. De eilandjes liggen in de Straat van Tiran die de Rode Zee verbindt met de Golf van Aqaba. In 1967 was een Egyptische blokkade van de Straat van Tiran aanleiding tot de Zesdaagse Oorlog met Israël. Tiran zelf werd tot 1982 bezet door Israël.

Precies omwille van die beladen geschiedenis was er groot protest toen Sisi in 2016 aankondigde dat hij de eilandjes aan Saoedi-Arabië wilde afstaan. Duizenden mensen gingen de straat op ondanks het risico gearresteerd te worden. Voor Sisi was het voor het eerst dat een nationalistische kwestie zich tegen hem keerde.

Saoedi-Arabië en Egypte claimen al sinds het einde van het Ottomaanse Rijk het eigenaarschap van Tiran en Sanafir. Maar het was nooit een halszaak. De eilanden liggen dichter bij Egypte, en de militaire bezetting ervan door Egypte gebeurde altijd met toestemming van Saoedi-Arabië.

De Egyptische regering gebruikt dat laatste nu om te argumenteren dat Egypte de eilanden altijd louter heeft beheerd voor Saoedi-Arabië, de rechtmatige eigenaar. Maar volgens een opiniepeiling door Baseera volgt slechts 11 procent van de Egyptenaren die redenering; 47 procent vindt dat de eilanden Egyptisch zijn en moeten blijven. De rest antwoordt dat ze het niet weten.

Quid pro quo

Dat Sisi toch de toorn van zijn volk riskeert door de eilanden af te staan, heeft alles te maken met de Saoedische steun voor zijn regime. Toen Sisi in 2013 president Morsi van de Moslimbroederschap afzette, verloor Egypte prompt de steun van Qatar. Saoedi-Arabië en de Verenigde Arabische Emiraten sprongen in de bres: Riad alleen heeft sindsdien meer dan 25 miljard dollar in de Egyptische economie gepompt.

Veel Egyptenaren zijn overtuigd dat de overdracht van Tiran en Sanafir in ruil is voor die steun. Volgens de onafhankelijke website Mada Masr suggereerde één pro-Sisi-parlementariër deze week zelfs dat de regering gewoon het bedrag moet bekendmaken dat Egypte gaat krijgen in ruil voor Tiran en Sanafir. „Saoedi-Arabië gaat ons gelukkig maken. Als de mensen dat weten, gaan zij ook gelukkig zijn”, aldus het parlementslid.

Dat het parlement de president volgt, is niet verwonderlijk: de overgrote meerderheid van de parlementsleden zijn Sisi-getrouwen. Maar volgens lokale media bleef een aantal parlementariërs deze week weg omdat ze niet geassocieerd wilden worden met de stemming.

Ook de regering zelf is er niet helemaal gerust op. Volgens Ahmed Tantawi, parlementslid van het kleine oppositieblok 25/30, moest het recent blokkeren van tientallen websites in Egypte dienen om kritische stemmen over Tiran en Sanafir monddood te maken. Ook wordt gewag gemaakt van het verlengen van de noodtoestand (ingevoerd naar aanleiding van de recente terreuraanslagen) om eventueel straatprotest tegen de overdracht in de kiem te smoren.

Rechters buiten spel

Als de overdracht straks gewoon doorgaat, wordt ook gevreesd voor de onafhankelijkheid van de rechtspraak in Egypte. Sisi schermt graag met die onafhankelijkheid wanneer Egypte wordt beschuldigd van buitensporig strenge vonnissen tegen politieke opposanten. Maar in de zaak van Tiran en Sanafir lijkt de president de rechterlijke macht juist buiten spel te hebben gezet.

In januari oordeelde de hoogste administratieve rechtbank van Egypte dat het akkoord met Saoedi-Arabië ongeldig was. In april oordeelde een andere rechtbank dat administratieve rechtbanken geen zeggenschap hebben over de landsgrenzen. Het Hooggerechtshof moet zich nog over de zaak uitspreken, maar Sisi en het parlement hebben die uitspraak niet afgewacht.