Recensie

Stripversie Quest mikt op jonge tieners

Tijdschrift Het populair-wetenschappelijke maandblad Quest heeft een jong broertje, Quest Junior. Veel strips moeten de jonge lezers verleiden.

Eerste beeld van een artikel over 'criminelen uit het dierenrijk', in editie 1 van Quest Junior. Beeld Jan-Willem Spakman / Quest Junior

Lang niet alle dieren zijn lief, stelt het nieuwe maandblad Quest Junior. „Er zijn genoeg dieren die liegen, bedriegen, stelen of zinloos geweld gebruiken.” Er volgen vier pagina’s over zeven ‘criminelen uit het dierenrijk’. In stripvorm.

Het artikel over de mol, fluithaas, rups, wilde kat, zeehond, hermelijn en chimpansee stond al eerder in grote broer Quest, vertelt hoofdredacteur Thomas Hendriks. „Voor de junior-editie hebben wij het aan een tekenaar gestuurd en die heeft er een eigen verhaal van gemaakt.” Het openingsbeeld is een rij boze beesten, als zeven verdachten in een line-up.

Artikelen in de vorm van strips en ander kleurrijk beeld moet de junior-editie aantrekkelijk maken voor kinderen tussen tien en twaalf jaar. Woensdag is Quest Junior gelanceerd. En dat is bijzonder: de tijdschriftmarkt krimpt, er verschijnen nog maar weinig nieuwe titels en veel kinderbladen – vaak gerelateerd aan tv-shows – lijken meer aandacht te besteden aan de kadootjes dan aan de inhoud.

Kinderen onder de twaalf en senioren lezen nog wel een blad, maar andere groepen haken af. Voor veel kindertitels in de kiosk – vaak gerelateerd aan tv-programma’s – geldt echter dat zij het vooral moeten hebben van de speelgoedjes die worden meegeseald in de verpakking.

De eerste editie van Quest Junior wordt verspreid in een oplage van maar liefst 500.000 exemplaren, vertelt hoofdredacteur Hendriks. „Die sturen we naar 5.700 basisscholen. Een beproefde methode voor veel kinderbladen. Niet alle scholen staan dat toe, maar zo hopen we de ouders te bereiken.” Na de zomervakantie, verschijnt Quest Junior maandelijks, in een oplage die moet uitkomen op tien- tot vijftienduizend. Hendriks: „Bij het derde of vierde nummer blijkt pas of een blad een succes is.”

De hoofdredacteur heeft lang getest in welke vorm een kinderversie van Quest een succes kon worden. „Ik heb veel Quest-lessen op scholen gegeven. Telkens grepen de kinderen het eerst naar de strips.” Naast getekende strips is er ook een artikel in de vorm van een fotostrip over een cursus hoe je uit een auto moet komen die in het water rijdt. Artikelen met veel tekst bleken niet te werken.

Quest Junior is een uitgave van G+J Media Nederland, dat veel volwassenbladen uitgeeft maar ook National Geographic Junior. Hendriks: „NatGeo Junior is de verrekijker, Quest Junior het vergrootglas.”

De site van het nieuwe blad stelt weinig voor, met informatie over abonnementen en prijsvragen. Bewust, zegt Hendriks. „De site is meer bedoeld voor de ouders. Als kinderen online zijn, zitten ze allemaal op YouTube.” Daar heeft de titel onder meer een vlog met proefjes van ‘experimenteerexpert’ Boy Vissers. Hij doet gekke proefjes in de traditie van Mythbusters en de Slow Mo Guys. „In de proefeditie stond Boy voorin het blad. Ouders zeiden daarop: ‘Zo jagen jullie de lezers direct weer naar YouTube’. Nu staat Boy achterin.”

Een opvallende rubriek in Quest’s veelkleurige en soms vermoeiende verzameling strips, foto’s en graphics, is ‘Breintester’. Duivelse dilemma’s, aldus Hendriks, die de discussie tussen ouders en kinderen moeten aanjagen. In deze eerste editie: ‘Mag je iemand opofferen om het leven van anderen te redden’. Hendriks: „Veel ouders die de proefeditie lazen vonden dat zo’n vraag eigenlijk niet kon. Maar de kinderen raakten er niet over uitgepraat.”