Cultuur

Interview

Interview

Foto Konstantin Salomatin

‘Ik dacht dat Nederland mij zou helpen’

Ali Feruz

Nadat hij was gemarteld in Oezbekistan en gearresteerd in Moskou, zocht homorechten-activist Ali Feruz, journalist bij Ruslands meest kritische dagblad, hulp in Europa. „Ik dacht dat als één land mij zou willen helpen, het Nederland zou zijn.”

Ali Feruz is moe. Moe van het wachten, moe van het constant over zijn schouder kijken. Maar vooral is hij moe van de onzekerheid. Wat zal eerder komen? Hulp uit Europa of een arrestatie door de Russische of Oezbeekse geheime dienst?

Hij slaapt slecht, de nachtmerries laten wallen achter onder zijn ogen. Overdag heeft hij weinig om handen.

Tot voor kort was de Russisch-Oezbeekse Feruz een succesvolle jonge journalist bij de onafhankelijke krant Novaja Gazeta. Maar werken gaat niet meer. Hij slikt antidepressiva, zijn vriend stuurde hem naar een psycholoog. Onlangs heeft hij een nieuwe tatoeage laten zetten: ‘born free’ in sierlijke letters in zijn hals.

Al maanden wacht Feruz op het moment dat Rusland hem toestemming geeft het land te verlaten. Tot die tijd houdt hij er rekening mee dat de politie hem zomaar kan arresteren en uitleveren aan de Oezbeekse geheime dienst SNB, die hem beschouwt als ‘terrorist’.

Zijn hoop is gevestigd op bemiddelingspogingen van de Duitse ambassade bij de Russische migratiedienst.

Duitsland was niet Feruz’ eerste keuze. In februari, nadat Rusland zijn asielaanvraag voor de tweede keer had afgewezen, klopte hij aan bij de Nederlandse ambassade. Er was een gesprek van een half uur waarin Feruz zijn zaak uitlegde en vroeg om een laissez-passer, een soort tijdelijk paspoort, waarmee hij op veilige wijze Rusland kon verlaten, zo vertelt Feruz aan NRC. De medewerker zei dat hij zijn best zou doen, maar kwam na twee weken terug met de mededeling dat Nederland niets voor hem kon betekenen.

„Ik was helemaal overdonderd. Ik dacht dat als één land mij zou willen helpen, het Nederland zou zijn.”

Verdrietig en boos als hij was, wilde hij zijn verhaal doen in de pers, maar collega’s raadden hem dat af. „Waarom zou je Nederland publiekelijk in zijn hemd willen zetten?” Feruz hield zijn mond, maar na maanden wachten kan het hem niet meer schelen. Hij wil zijn verhaal doen.

Nachtmerrie kwam uit

Het ministerie van Buitenlandse Zaken zegt in een reactie in algemene termen op de hoogte te zijn van de zaak, maar ontkent noch bevestigt dat Feruz om hulp heeft gevraagd. Volgens BuZa biedt de Nederlandse regelgeving niet de mogelijkheid om een (tijdelijk) reisdocument te verstrekken aan niet-Nederlanders.

Een paar weken na zijn gesprek met de Nederlandse ambassade kwam Feruz’ nachtmerrie uit: de Russische politie arresteerde hem, vlakbij het huis waar hij samenwoonde met zijn vriend. Ze brachten hem naar het ministerie van Binnenlandse Zaken, waar een agent met een Oezbeeks uiterlijk hem filmde met zijn telefoon. Feruz vreesde dat Rusland van plan was hem uit te leveren aan Oezbekistan. „De enige uitweg was om acuut opgenomen te worden. Bij gebrek aan iets scherps wilde ik desnoods mijn polsen doorbijten, om maar in het ziekenhuis terecht te komen.” Uiteindelijk werd Feruz, die nierpatiënt is, naar het ziekenhuis gebracht.

Hij kwam vrij nadat zijn collega’s van Novaja Gazeta het in een artikel voor hem hadden opgenomen. Sindsdien kijkt hij voortdurend om zich heen. „In het begin durfde ik niet alleen de straat op, iemand moest altijd mee. Nu zorg ik ervoor dat ik contact houd via Whatsapp. Als er iets gebeurt, weten ze meteen dat het mis is.”

Na zijn arrestatie wendde hij zich opnieuw tot Nederland, maar weer ving hij bot. Bij de Duitse ambassade had hij meer geluk, ze wilden hem helpen maar gaven geen enkele garantie op succes.

Ontvoering

Van Oezbeekse islamstudent en jonge vader, tot gezochte ‘terrorist’, homorechten-activist en journalist bij Ruslands meest kritische dagblad. De levensloop van de 30-jarige Ali Feruz is op zijn zachtst gezegd opmerkelijk.

Feruz werd geboren als Choedoberdi Noermatov en groeide op bij zijn Russische moeder in het zuid-Russische Altaj-gebergte. Als tiener verhuisde hij naar zijn stiefvader in de Oezbeekse stad Jejpan, waar hij geïnteresseerd raakte in de islam. Hij begon te bidden, vijf keer per dag, en besloot zich in 2004 in te schrijven bij de Islamitische universiteit van Kazan, in de Russische deelrepubliek Tatarstan. Hoewel hij al na een jaar weer huiswaarts keerde, bleek zijn uitstapje voor de Oezbeekse autoriteiten genoeg om argwanend te worden.

Bij gebrek aan iets scherps wilde ik desnoods mijn polsen doorbijten, om maar in het ziekenhuis terecht te komen

Oezbekistan is weliswaar een overwegend islamitisch land, maar de seculiere autoriteiten koesteren een groot wantrouwen tegen moslims. „In Oezbekistan is iedereen verdacht die zich met religie bezighoudt”, vertelt Feruz. „Iedereen die de namaz leest [rituele gebeden, red.] of een hoofddoek draagt, komt terecht op een lijst van potentiële terreurverdachten.” Feruz wist dat hij met zijn studie een risico nam. „Maar ik kon me gewoon niet voorstellen dat ik zou worden opgepakt”.

Toch stond er op een dag in 2008 een agent van geheime dienst SNB voor de deur. Of Feruz en zijn Kirgizische echtgenote wel geregistreerd waren. „Ik moest meekomen om een verklaring te geven. Dat is niet volgens de wet, maar ik probeerde er geen kwaad in te zien.” Hij begreep dat het mis was toen hij in de auto zat en een van de agenten in zijn telefoon zei: „We hebben hem, waar brengen we hem heen?” In de naburige provinciestad Kokand werd hij opgesloten en ondervraagd. Over zijn studie in Rusland, waarom hij geen traditionele Oezbeekse bruiloft had gehad, met wie hij omging.

Het martelen werd geleidelijk erger, vertelt Feruz met steeds zachtere stem. Eerst een paar klappen op zijn hoofd, in zijn gezicht, daarna stompen in zijn maag. „Het ergste was hoe ik in andere kamers mensen hoorde schreeuwen, alsof ze vreselijk werden mishandeld.” Hij herhaalde dat hij niets had gedaan, dat hij een advocaat wilde spreken. „Ze lachten alleen maar en zeiden ‘wij zijn je advocaat’, en sloegen alleen maar harder.” Op een gegeven moment zeiden ze: ‘We laten je gaan als je voor ons gaat werken’. Ze wilden dat ik informant zou worden, moslims in de gaten zou houden, ontdekken wat ze doen, waarover ze praten.” Feruz stemde toe om vrij te komen.

Na zijn toezegging werd hij thuisgebracht. Maar al gauw zag hij in dat hij niet veilig was voor de autoriteiten. Via Kirgizië reisde hij met zijn gezin naar Kazachstan, waar hij een vluchtelingenstatus aanvroeg via UNHCR. Maar een antwoord bleef uit en de Kazachstaanse regering begon in die periode met het terugsturen van gevluchte Oezbeken.

Feruz besloot opnieuw te vluchten, dit keer alleen, naar Rusland.

„Aan de grens werd ik gefilmd. Ik moest verklaren dat ik geen terrorist ben, dat ik niemand in Rusland wilde opblazen.”

Eenmaal in Moskou werkte hij in restaurants en werd hij actief voor migrantenorganisaties en Amnesty International. Ondertussen was hij zich steeds meer bewust geworden van zijn homoseksuele gevoelens. Hij begon met jongens af te spreken en brak uiteindelijk met zijn vrouw.

Slavenarbeid in Oezbekistan

In 2014 kwam hij bij Novaja Gazeta, waar hij ging schrijven onder de naam Ali Feruz. „Ik heb altijd al een korte naam willen hebben, Feruz klinkt mooi, het betekent smaragd in het Arabisch.” Ook levert die naam hem minder problemen op in Rusland, waar migranten ernstig worden gediscrimineerd. Sociale onderwerpen waren zijn thema: de situatie van migranten, homorechten en sociale misstanden. Eén dag reed hij rond in een rolstoel om te ervaren hoe invaliden leven in Moskou. Eind 2016 schreef hij een geruchtmakende column over slavenarbeid in Oezbekistan. Ook schreef hij over homoseksualiteit, verboden in Oezbekistan. Achteraf denkt Feruz dat hij vanwege die stukken in de problemen is gekomen.

Na zijn arrestatie publiceerden zijn collega’s een verklaring: „Er is niets te verbergen. Ali was een vondst, zijn Russisch was goed en hij sprak verschillende talen, en kon gemakkelijk met migranten in contact komen.”

Nooit officieel gezocht

Feruz’ werk won prijzen en de krant wilde hem in dienst nemen. Het enige probleem was dat zijn paspoort in 2012 was gestolen. De krant trok zijn verleden na, maar vond niets verdachts. „Hij heeft geen misdaden begaan, werd nooit officieel gezocht, en kwam niet voor op lijsten van mensen die van extremisme of radicalisme werden verdacht.” Toch wees Rusland zijn asielaanvraag, en daarmee een werkvergunning, af. Verzoeken aan de ombudsman voor de mensenrechten en aan president Poetin ten spijt.

Pro-Kremlin media begonnen te schrijven dat hij zou worden gezocht als ronselaar voor de verboden organisatie Takfir-wal-Hijra, een terroristische tak van de Egyptische Moslimbroeders. Daarop werd Feruz nog banger, zijn collega’s nog bezorgder. „Ali is onze vriend [...]. We zien hem op de krant, lezen zijn teksten, bewonderen op Facebook zijn nieuwste tattoos. We geloven gewoon niet dat hij een radicale islamist is”, aldus de krant.

Feruz’ grootste angst was dat Russische agenten hem zouden ontvoeren en uitleveren aan hun Oezbeekse collega’s. Een angst die niet ongegrond is. Want ondanks het feit dat Rusland een verdrag heeft getekend dat het geen personen uitwijst naar landen als Oezbekistan, waar wordt gemarteld, werken de Russische diensten samen met de Oezbeekse bij het ontvoeren en uitleveren van mensen. In een in 2016 gepubliceerd rapport bevestigt Amnesty de verhalen.

„Honderden asielzoekers, vluchtelingen en arbeidsmigranten werden in 2014 vanuit Rusland naar Oezbekistan ontvoerd of onder dwang uitgezet, een flagrante schending van de internationale verplichtingen die Rusland heeft op het gebied van mensenrechten.”

Enkele dagen voor dit artikel werd gepubliceerd, kreeg Ali Feruz te horen dat er schot zit in zijn zaak. De Russische autoriteiten laten hem vertrekken en Duitsland verstrekt een laissez-passer. De opluchting is groot, maar hij kan het nog niet helemaal geloven.

„Ik ben nog steeds bang dat iemand me komt vertellen dat het een grapje is. Ik geloof het pas als ik hier weg ben.”