Te veel overbodig werk aan de universiteit

Onderwijsblog Of de toets van de toetsen kon worden getoetst. De zoveelste overbodige opdracht aan universitair hoofddocent Petra Verdonk.

Door Petra Verdonk
In november 2015 was ik bij een FNV bijeenkomst over werkdruk op universiteiten. Daar hoorde ik een lezing over hoe, door de overdracht van vastgoed van de rijksoverheid naar de universiteiten, managers en rekensystemen steeds meer invloed kregen op onze arbeidsprocessen. Ook begreep ik hoe de wijzigingen in de bekostiging van universiteiten en de daardoor ontketende jacht op excellentie, lees, jacht op geld, leidden tot een competitieve cultuur.

Als arbeid- en gezondheidspsycholoog met veel ervaring op het gebied van met name gender, arbeid en gezondheid in onderzoek, onderwijs, en als bestuurslid van vrouwenorganisaties waaronder 9 jaar FNV Vrouw, ben ik geïnteresseerd in hoe structurele ongelijkheid en processen in de samenleving zich vertalen naar de gezondheid van individuele werknemers, mannen en vrouwen.

Ik besloot mij te verdiepen in hoe die overdracht van vastgoed en overheidsmaatregelen bijdragen aan de toenemende werkdruk op de universiteit, inclusief die van mij. In 2002 begonnen als PhD-student en inmiddels werkzaam op mijn derde universiteit, met voor de derde keer een vast contract, ben ik nog een van de gelukkigen. En toch roep ik de laatste jaren steeds vaker tegen mijn leidinggevende en P&O dat het werk onmenselijke vormen begint aan te nemen.

Mijn inzichten vertaalde ik in een presentatie die ik hield op verschillende plekken, inclusief FNV, mijn eigen directe collega’s van de afdeling Metamedica. We concludeerden vast te zitten in een manier van werken die we individueel niet om kunnen buigen. Een van de boodschappen in mijn verhaal is dat wij als docenten met een krijtje staan, terwijl de studenten hun macbook openklappen, en dat dat iets doet met de verhoudingen tussen docenten en studenten.

Twee dagen na mijn verhaal aan de afdeling gaf ik een hele dag les in een lokaal waar het water uit het plafond in een emmer drupte, acht uur lang. De eerste student die binnenkwam klapte inderdaad haar macbook open. Ze hebben op die leeftijd nog niet zo in beeld dat de studieschuld die ze nu opbouwen ook weer moet worden afbetaald, en ook niet dat inmiddels de eerste werkloze artsen rondlopen in Nederland. Dat die goed betaalde baan in de toekomst nog niet zo heel evident is, en zelfs niet voor artsen. Ondertussen is ongeveer een derde tot de helft van de geneeskundestudenten langdurig uitgeput, maar spreken we niet vaak en graag over wat dat betekent voor hun gezondheid, laat staan voor de gezondheid van hun toekomstige patiënten.

Ondertussen is een derde tot de helft van de geneeskundestudenten langdurig uitgeput

Ook deed ik mijn verhaal bij het bestuur van onze divisie, een van de zes die VUmc rijk is. Sommige toehoorders vinden mijn verhaal somber, door de meesten wordt mijn analyse gedeeld. Niemand heeft mij vooralsnog laten weten dat er niets van klopt en dat het heel anders in elkaar zit. Wel krijg ik altijd de vraag wat we moeten doen om de werkdruk te verlagen en hoe we de medewerkers gezond houden.

Maar ik heb geen nieuwe checklist met punten om af te tikken. Ik wil een kritische en gedeelde analyse van wat er plaatsvindt in ons werk. De ernst ervan. De ondermijnende invloed. De effecten op onze gezondheid, op onze kwaliteit van werk. Op ons werkplezier. Op de relaties tussen docenten en studenten, en tussen collega’s. Tegen mijn collega’s zeg ik altijd: je kunt wel van je werk houden, maar work does not love you back, en hier mediteren we ons niet meer uit weg.

Al onze studies, onze inzichten, en manieren van werken tot nu toe hebben niet geleid tot verbetering. In vijftien jaar tijd onderzoek, onderwijs, mijn eigen werk, in de verhalen van de vrouwen die ik sprak, zag ik alleen maar meer checklists langs komen, good practices, nieuwe procedures en afspraken, rapporten over ervaren werkdruk, verzuimcijfers. Op mijn werk aangeland zoek ik me iedere ochtend wezenloos naar een vrije flexibele werkplek om via twee beveiligingsstappen in te loggen in een digitale werkomgeving die niet aan mijn behoeften voldoet, om daar mails te beantwoorden van collega’s die graag willen dat ik overzichten stuur van wat ik doe en hoe ik dat doe, en graag in dit specifieke format, en deadline aanstaande vrijdag.

Dit studiejaar wordt de toets van mijn cursus Medische Sociologie geëvalueerd. Zo stuurde ik twee toetsen, twee herkansingstoetsen, vier toetsverslagen, een checklist over de toetsing, het overzicht met cijfers en alle bijzonderheden naar de commissie toetsevaluatie. Vorige week kreeg ik het verzoek om deel te nemen aan een nieuwe werkgroep met de illustere titel ‘De toetsing getoetst’. Men wil graag dat de toetsen van alle cursussen in het curriculum netjes op elkaar en op de leerdoelen zijn afgestemd, want ‘er moet geen licht tussen zitten’. Zo wordt het op de universiteiten steeds donkerder.

Weer een toetsevaluatie

De mail met bijlagen voor de commissie toetsevaluatie stuurde ik ook naar mijn afdelingshoofd en naar P&O, als voorbeeld van de toenemende verantwoordingscultuur. ,,Beste Petra”, kreeg ik terug, ,,dat is inderdaad wel veel. Heb je weleens overwogen om bij elkaar te gaan zitten om te kijken hoe dit allemaal LEAN zou kunnen?” ,,Beste Mirjam”, schreef ik terug, ,,Ik denk niet dat het LEAN moet, of anders. Volgens mij moet er van alles gewoon NIET.”

De vraag van vandaag is daarom volgens mij de verkeerde, die niet wordt beantwoord door het ontwikkelen van checklists bij jaargesprekken, overzichten van ervaren werkdruk per afdeling, het aanbieden van mindfulness trainingen, of meer groen om op uit te kijken vanaf de flexplek. Daarmee zitten we nog steeds in dezelfde manier van denken.

Er is gewoon een heleboel waar we mee moeten ophouden. Laten we kijken wat er gebeurt als we controle opzij zetten voor vertrouwen, verantwoording vervangen door verantwoordelijkheid, vermoeidheid begrijpen vanuit kwetsbaarheid, benchmarks veranderen in lerende netwerken, werkdruk aanvullen met voldoening, competitie opheffen door samenwerking, laten we het onmeetbare tot doel verheffen. Dát is pas echte ambitie.

Dr. Petra Verdonk is UHD aan het VU medisch centrum, afdeling Metamedica, p.verdonk@vumc.nl. Dit is de toespraak die Verdonk hield bij het FNV-debat over kwaliteit, werkdruk en de toekomst van universiteiten op maandag 12 juni op de campus van de universiteit Leiden in Den Haag.

Blogger

Maarten Huygen

Maarten Huygen is redacteur onderwijs. Hiervoor was hij onder andere chef opinie, commentator en verslaggever voor NRC. Hij woonde 11 jaar in Washington, in de vroege jaren tachtig voor omroepen en bladen, in de vroege jaren negentig voor NRC.