Strandhuisjes met grimmige sfeer

Kustbebouwing

Het strand bij Kijkduin zou leeg blijven, zei de provincie met het Kustpact in de hand. Dat was buiten wethouder Revis gerekend.

De nabijgelegen zeilschool Sailcenter 107 won een rechtszaak tegen de bouw van strandhuisjes in Kijkduin, maar VVD-wethouder Boudewijn Revis kreeg de vergunning alsnog rond. Foto David van Dam

Echt strandweer wil het niet worden, deze junimiddag in Kijkduin. De zon blijft achter de wolken, zand waait mee met de harde wind. Bij de verhuurde strandhuisjes vlak voor de duinen maken ze er het beste van. Een vader in polo vliegert met zijn zoontje terwijl moeder op het terras op de iPad zit te lezen. De zonnestoelen blijven ingeklapt.

Het mag een wonder heten dat deze huisjes er vandaag staan. Ze hebben een rechtszaak overleefd, een vernietigde vergunning, raadsvragen, bezwaar van de provincie. En het Kustpact, dat vorig jaar gepresenteerd werd en begin dit jaar ondertekend door het Rijk en de gemeenten, met als doel kustbebouwing in te perken.

Het was een typische David-en- Goliath-situatie, begin vorig jaar in de rechtbank van Den Haag. Zeilschool Sailcenter 107 uit Kijkduin had een rechtszaak aangespannen tegen de gemeente Den Haag, in de hoop de vergunning voor de bouw van strandhuisjes naast hun zeilschool ongeldig te laten verklaren. De huisjes zouden het komen en gaan van de zeilboten belemmeren, stelden de zeilers. En de rechter gaf hun – tegen de verwachting van velen in, de gemeente voorop – gelijk. De vergunning die de gemeente in 2015 aan twee ondernemers verstrekt had om elk twintig huisjes te bouwen, werd vernietigd.

Kruimelregeling

Maar daarna ging het opeens snel. Via een kruimelregeling wist verantwoordelijk wethouder Boudewijn Revis (Buitenruimte, VVD) alsnog een vergunning rond te krijgen voor de huisjes. En dat terwijl het Kustpact op dat moment al door het ministerie van Infrastructuur en Milieu was gepresenteerd.

In dat Kustpact staat dat nog onbebouwde kust – zoals Kijkduin op dat moment – verder leeg moet blijven. Alleen projecten waar al een vergunning voor uit was gegeven, mochten op dat soort stranden nog doorgaan. „Wethouder Revis wist dat het niet lang meer zou duren voor de gemeente Den Haag ook het pact zou ondertekenen”, zegt Eric Plugge van Sailcenter 107. Het was dus zaak snel een nieuwe vergunning af te geven.

Met de provincie heb ik als ondernemer eigenlijk niets te maken

Jeroen Struving

De ondernemers besloten wel om naar aanleiding van de verloren rechtszaak geen huisjes direct naast de zeilschool te bouwen. 35 huisjes in totaal werden het, met een betonnen pad ervoor voor de bolderkar – inclusief bij de huur van zo’n 700 euro voor een weekend in het hoogseizoen.

De provincie Zuid-Holland maakte bezwaar tegen de nieuwe vergunning. „Toen de gemeente in 2015 vergunning verleende voor de huisjes, hadden we bij de provincie geen beleid om dat tegen te gaan”, zegt André Lammerse van de provincie. „Maar toen de rechter eind 2016 besloot de vergunning te vernietigen, hadden wij ons beleid al aangepast aan het Kustpact.” In het nieuwe beleid van de provincie moest het strand van Kijkduin leeg blijven. „We voelden ons overvallen”, zegt Lammerse.

Ook de voorstanders van de huisjes beroepen zich op het Kustpact. Volgens wethouder Revis vallen de huisjes binnen de categorie bebouwing die het pact toelaat, omdat de nieuwe vergunning eind december 2016 werd verstrekt. Op dat moment was het Kustpact weliswaar al gepresenteerd door het ministerie, maar de gemeente Den Haag zou nog een kleine twee maanden wachten met ondertekenen. „Strikt genomen is dit dus nog bebouwing die vóór ingang van het Kustpact is vergund”, zegt Revis.

Voor het bezwaar van de provincie is volgens hem daarom „weinig grond”. Jeroen Struving, eigenaar en exploitant van twintig van de strandhuisjes, benadrukt dat alles wat hij doet „volledig vergund” is, en dat de huisjes niet in strijd zijn met het Kustpact. Het bezwaar van de provincie vindt hij „onbegrijpelijk”. „Maar met de provincie heb ik als ondernemer eigenlijk niets te maken.”

Gesteggel gaat door

Ondertussen houdt het gesteggel over de huisjes niet op. De mannen van Sailcenter storen zich eraan dat de bezoekers op het strand nu massaal voor hun zeilschool gaan liggen, omdat ze niet voor de verhuurde huisjes durven neer te strijken. Onzin, zeggen de ondernemers op hun beurt. Struving: „Mensen liggen zelfs tussen de huisjes als er zijwind is.”

De Haagse Stadspartij, onderdeel van het college, stelt op haar beurt weer dat de huisjes niet conform het raadsbesluit zijn gebouwd. Daarin staat dat de huisjes vanaf de duinvoet vijftien meter in beslag mogen nemen. „Maar”, zegt raadslid Gerwin van Vulpen die vaak met zijn rolmaat naar Kijkduin gaat om de boel op te meten, „vanaf de duinen nemen ze zeker twintig meter in beslag.”

Van Vulpen heeft de situatie meermaals aangekaart bij wethouder Revis, „maar uiteindelijk gebeurt er dan niets”. De wethouder reageert desgevraagd gelaten: „Met een meetlint langs het strand is het lastig meten.” Hij stelt dat de huisjes conform de regels zijn opgebouwd.

De sfeer rond de huisjes is inmiddels grimmig. Medewerkers van Sailcenter vertellen op een middag begin dit jaar te zijn aangevallen door een werknemer van de huisjeseigenaren – vermoedelijk uit frustratie over alle kritiek die de huisjes ten deel valt.

Van Vulpen van de Stadspartij krijgt naar eigen zeggen „verwensingen” naar zijn hoofd van de ondernemers als hij weer eens langsgaat met zijn rolmaat. Struving zou haatmail ontvangen van tegenstanders van de huisjes.

Volgens Plugge van Sailcenter zijn uiteindelijk „alle partijen slachtoffer van de manier waarop de gemeente met het Kustpact is omgegaan”.

Wethouder Revis ziet dat anders. Het Kustpact heeft volgens hem zeker een positief effect op de gemeentelijke bewustwording over kustbebouwing. „Ik verwacht dat we het effect daarvan vooral in de toekomst gaan zien.”