Deze baas kan goed ruzie maken

Hoofdredacteur De Telegraaf

Zelden ging een hoofdredacteur zo veel uitdagingen tegelijk aan: reorganisatie, hervorming, overnamestrijd. „Paul Jansen zit niet in een kamp, behalve in kamp dat zorgt dat elke dag een krant op de deurmat valt.”

De Telegraaf plaatst onder Jansen minder vaak de kenmerkende chocoladeletters op de voorpagina Foto Jerry Lampen/ANP

Paul Jansen schreef als politiek commentator graag over Haagse spelletjes, nu moet hij als hoofdredacteur van De Telegraaf zelf politiek bedrijven. In krap twee jaar tijd hervormde hij de krant, begeleidde een ingrijpende reorganisatie, vocht tegen managers die weinig animo hadden voor ‘papier’ en moest hij zijn positie bepalen in een overnamestrijd tussen twee grootaandeelhouders van moederconcern TMG – al die tijd laverend tussen redactie en directie.

Het is een spannende week voor ‘zijn’ redactie. Die snakt naar rust na zes maanden touwtrekken tussen het Talpa van mediamiljardair John de Mol aan de ene kant en de combinatie van uitgever Mediahuis en grootaandeelhouder VP Exploitatie aan de andere. Donderdag verloopt het biedingsbericht van Mediahuis, dat met VP Exploitatie 60 procent van de aandelen in handen heeft. Dan wordt definitief duidelijk of de overname van TMG – waar behalve De Telegraaf ook regionale dagbladen, radiostations, en weblogs onder vallen – doorgaat.

Hoe Jansen de grootste krant van Nederland (betaalde oplage 382.000) op koers houdt in deze roerige tijden? Allereerst door geen partij te kiezen, vertellen collega’s en vrienden. „Paul zit niet in een kamp, behalve in het kamp dat ervoor zorgt dat elke dag een krant op de deurmat valt”, zegt collega Wouter de Winther.

Dat vertellen meer Telegraaf-redacteuren. Jansen riep de afgelopen maanden in diverse sessies de redactie bijeen om informatie te geven over de overnamestrijd. Daarbij benadrukte hij telkens dat aan beide partijen voor- en nadelen kleven. Zo zou hij willen voorkomen dat redacteuren gedurende de overnamestrijd tegenover elkaar komen te staan. Vooral de ‘oude garde’ heeft uitgesproken voorkeuren – voor Mediahuis dan wel voor De Mol.

Lees ook het achtergrondartikel over de overnamestrijd: Akkoord leidt tot chaos bij TMG

De acht redacteuren die NRC sprak, zijn overwegend positief over Jansen. Hij staat bekend als man met sterke meningen, die het uiterste verwacht van zijn mensen. „Hard maar fair”, zo omschrijft chef verslaggeverij Johan van den Dongen zijn baas. Hij heeft haarfijn door wie de kantjes ervan afloopt, vertellen anderen.

Die eigenschappen komen van pas als Jansen bij zijn aantreden de opdracht meekrijgt te reorganiseren: 36 van de 255 vaste arbeidsplaatsen dienen te verdwijnen. „Ik sta voor het belang van de redactie, maar dat is niet noodzakelijkerwijs hetzelfde als het belang van individuele redacteuren”, zegt hij in zijn aantredingstoespraak in september 2015. „Dat was meteen een glashard statement”, aldus Van den Dongen.

De reorganisatie hakt erin op de redactie. Verhalen over hoogoplopende ruzies, huilende collega’s en de „opvliegerigheid” van Jansen halen de pers. Die opvliegerigheid herkennen de collega’s die wij spraken niet. „Hij kan goed ruzie maken, vanwege zijn sterke meningen. Maar dat is iets anders dan opvliegerig zijn”, zegt vriend en Indonesië-correspondent voor de Volkskrant Michel Maas.

Hij wilde liever diplomaat worden

In zijn studietijd is de journalistiek Jansens tweede keus; hij wil diplomaat worden. Hij studeert internationaal recht en internationale betrekkingen, maar haalt uiteindelijk het ‘klasje’ van Buitenlandse Zaken niet.

Tijdens de postdoctorale opleiding journalistiek aan de Erasmus Universiteit wil hij stage lopen bij de Volkskrant, omdat die krant veel buitenlandpagina’s heeft. Het roept de vraag op hoe rechts de hoofdredacteur van De Telegraaf is. Zelf zei hij daarover in een interview met Vrij Nederland: „Ik ben niet zo rechts, ik heb gewoon een hekel aan hypocrisie. En dat kom ik meer bij links tegen dan bij rechts.”

Jansen werkt bij de redacties buitenland en economie van De Telegraaf, is drie jaar correspondent in Indonesië en wordt in 2006 chef van de parlementaire redactie. Twee jaar later neemt hij, na het overlijden van politiek commentator Kees Lunshof, diens invloedrijke column over. Jansens scherpe commentaar wordt vaste prik op de dinsdagochtend voor bewoners van het Binnenhof. Hij wordt in 2010 door collega’s uitgeroepen tot „invloedrijkste” en „best ingevoerde ‘duider’ van het Binnenhof”. Ook is hij steeds vaker als politiek commentator te zien in talkshows, onder meer bij WNL en Jinek.

Jansen moet bij zijn aantreden als hoofdredacteur een aantal ingrijpende besluiten doorvoeren waar voorganger Sjuul Paradijs ruzie over had gemaakt met de directie en die uiteindelijk leidden tot zijn vertrek. Het gaat niet alleen om de reorganisatie, ook moeten vijf deelredacties – Telesport, De Financiële Telegraaf, Vrouw, Privé en Autovisie – als zelfstandige merken verder. Paradijs wilde zijn eindverantwoordelijkheid als hoofdredacteur niet opgeven.

Wat er van dat plan terecht is gekomen? De deelredacties hebben nu eigen hoofdredacteuren, maar die vallen nog steeds onder de verantwoordelijkheid van Jansen. Wel zijn ze financieel onafhankelijk en worden ze in de markt gezet als afzonderlijke merken. „De deelredacties hebben betrekkelijk veel autonomie, maar dat wil niet zeggen dat Jansen niet af en toe zijn stempel op de krant drukt”, zegt De Winther.

Erdogan is getergd door kop

Ook op de voorpagina laat Jansen zich gelden. ‘WIJ zijn hier de baas!’, zet hij voorop na de diplomatieke rel tussen Nederland en Turkije. President Erdogan reageert een dag later getergd: „In mijn land is het volk de baas, Rutte”, veronderstellend dat de kop een uitspraak van de minister-president betrof.

Jansen is niet bang voor een relletje en dat levert ouderwetse Telegraaf-pagina’s op. Echte campagnejournalistiek. De krant pakt bijvoorbeeld tijdens de verkiezingen GroenLinks stevig aanpakt, onder meer door ronkend te melden dat partijleider Klaver zijn levensverhaal wat heeft opgepoetst.

Toch plaatst De Telegraaf onder Jansen minder vaak de kenmerkende chocoladeletters op de voorpagina. Jansen wil de toon van de krant „optimistischer” maken, zegt hij bij zijn aantreden. Het leidt op de redactie tot een wat ongemakkelijk gevoel. „We moeten niet te braaf worden”, zegt een anonieme bron.

De veranderingen leiden niet tot het gehoopte resultaat: ook onder Jansen blijft de oplage dalen. Intussen voert Jansen achter de schermen een gevecht tegen managers in de top van TMG. De inmiddels opgestapte bestuursvoorzitter Geert-Jan van der Snoek laat geen moment voorbij gaan om te benadrukken dat het mediagebruik in Nederland van woord naar beeld beweegt. Daarom wil hij volop inzetten op online televisie. „De Telegraaf werd eigenlijk verwaarloosd onder het vorige gezag”, zegt De Winther. Jansen moet bijvoorbeeld de grootste moeite doen om een reclamecampagne voor de krant van de grond te krijgen. Dick Springer, voorzitter van de redactieraad: „Paul vocht tegen managers die weinig hadden met ‘papier’. Hij moest telkens zeggen: het is woord én beeld.”