Verschraling

Steeds meer kaaswinkels voor toeristen: wachten op maatregelen college

Het aantal kaaswinkels in Amsterdam is de afgelopen tien jaar toegenomen met 80 procent. Dat blijkt uit cijfers die het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) deze week presenteerde. Waren er in 2007 nog zo’n 30 kaaswinkels in de stad, begin dit jaar waren dat er 55.

De toename in het aantal kaaswinkels past in de trend die al een paar jaar in Amsterdam wordt waargenomen: er komen steeds meer winkels die zich richten op toeristen, en steeds minder winkels voor bewoners. Het aantal groentewinkels daalde de afgelopen tien jaar bijvoorbeeld met zo’n 30 procent, berekende het CBS.

Niet alleen voor bewoners, maar ook voor het college is de toename van kaaswinkels een doorn in het oog. „Deze cijfers bevestigen het beeld dat vooral aan toerisme veel geld valt te verdienen”, zegt de woordvoerder van wethouder Ollongren van Economie (D66). Pandeigenaren verhuren doorgaans liever aan toeristenwinkels dan aan een groentezaak of slager: souvenirshops leveren meer geld op en kunnen een hogere huur betalen.

Om een halt toe te roepen aan deze ontwikkeling kondigde wethouder Ollongren begin maart aan te willen gaan brancheren in de binnenstad – per straat in het bestemmingsplan opnemen hoeveel toeristenwinkels zich daar mogen vestigen.

Maar die maatregelen komen maar traag op gang. „Juridisch is het lastig rond te krijgen”, zegt Ollongrens woordvoerder, „zeker in een stad waar vrij ondernemen lang als hoogste goed werd gezien.” Inmiddels is wel een pilot gestart in een aantal straten rond de Dam. „Daar zien we al dat een deel van de pandeigenaren zeker bereid is tot praten en onderhandelen.”

Wanneer de brancheringsmaatregelen zullen worden doorgevoerd, is nog niet duidelijk. Dinsdag organiseert de gemeente een bijeenkomst voor ondernemers en pandeigenaren om de voortgang van de pilot te bespreken.