‘Indiaan’ op Oerol is liever eigenwijs dan behapbare kunst

Oerol verslag #1

Natuur is ook een bron van steekvliegen en teken. De talenten van ‘De Hotshop’ zijn al even rebels als hun moedergroep de Warme Winkel. Na storm en hoogtij van woensdag brak vrijdag bij de opening van Oerol het zonnetje door.

Scène uit Indiaan door De Hotshop Foto Sofie Knijff

„Kuteiland! Ik wil terug naar Nederland!” Met die welgemeende kreet geeft een acteur van De Warme Winkel aan dat de natuur hem gestolen kan worden. De theatermaker op Oerol gaat ‘in gesprek met de natuur’, maar de natuur ‘praat ook terug’, zoals de organisatie graag zegt.

Bij deze voorstelling, Indiaan’, gespeeld op een groot grasveld in een bos op het eiland Terschelling, voeren de muggen die meezoemen het gesprek. Acteur Vincent Brons vervloekt ze en schreeuwt: „Ik heb 85 teken onder mijn zak!” De uitval naar de muggen wordt met extra gelach begroet door het publiek dat op de open tribune in de avondlucht in winterjas en onder fleecedeken opeengepakt zit. Lachen is instemmen.

Scène uit Indiaan door De Hotshop. Foto Sofie Knijff

Indiaan van De Warme Winkel heeft meerdere van zulke uitbarstingen. Dat past bij de speelstijl, waarbij er ingeleefd wordt gespeeld, maar ook openlijk wordt gesproken en getoond dat de acteurs theater aan het maken zijn. Deze groep jonge acteurs die deel uitmaken van het talententraject ‘De Hotshop – cooler dan de Warme Winkel’ hebben de rebelse houding van de moedergroep geadopteerd. Regisseur Mara van Vlijmen, Warme Winkel-actrice, geeft het dna door.

Native Americans

Scène uit Indiaan door De Hotshop. Foto Sofie Knijff

De voorstelling begint met een koddige indianenact, waarbij de vijf spelers maffe karikaturen neerzetten, inclusief een quasi-indianentaaltje en het bakken van popcorn. Om vervolgens uit die rol te schieten en als zichzelf vast te stellen dat deze pastiche echt niet kan. Dat Indianen Native Americans moeten heten en dat ze geen stammen zijn, maar volkeren. De acteurs vertellen dat ze de rituele ‘Ghost Dance’ willen eren. Maar dat ze eerst alle 500 Indianen-volkeren willen benoemen.

Zo volgen de bizarre scènes elkaar op, met maffe verkleedpartijen en tirades. Ook de eigen wijze van werken, van ‘vormpjes plakken’ op thema’s, wordt onder de loep genomen. Zonder gevolgen, want daarna denderen ze weer vrolijk door met hun commentaar op correctheid en engagement. Beproefd stijlmiddel is om elke scène te lang te laten duren, met de uitgesponnen slotscène, waarin heftig wordt gedanst, als prachtige climax. Deze groep is liever eigenwijs dan dat ze makkelijk behapbare kunst maken. Dat pakt goed uit.

Menselijke torens

Acrobatique de Tanger vrijdag tijdens de opening van Oerol. Foto Catrinus van der Veen/ ANP KIPPA

Van een compleet ander kaliber was vrijdag de officiële openingsvoorstelling. Oerol opende met Halka, een atletische show van Marokkaanse acrobaten op het strand. De mannen en vrouwen van Groupe Acrobatique de Tanger amuseerden de toeschouwers met een arsenaal aan radslagen (met één hand, zonder handen, met salto) en menselijke torens tot drie en zelfs vier man hoog. Tussendoor waren er clowneske scènes en Arabische muziek. En torste een krachtpatser wel vijf collega’s.

Halverwege de voorstelling brak zowaar de zon door, na een ochtend met plensbuien, die noopte om voorstellingen te verschuiven. Woensdag was Oerol al geplaagd door een storm die de opbouw van voorstellingen verstoorde. Het onverwachte hoogtij zette tribunes onder water en verwoestte de net voltooide zandsculptuur van Oerol-oprichter Joop Mulder. Deze editie is de eerste keer sinds 1982 dat Mulder - oprichter van het festival - niet meer de leiding heeft. Het is nu aan Kees Lesuis zijn erfenis te beheren.

De Oerol-beleving

Oerol-bezoekers komen aan op Terschelling. Foto Catrinus van der Veen/ ANP KIPPA

De circa 50.000 verwachte bezoekers hebben de komende tien dagen tientallen voorstellingen en muziekoptredens om uit te kiezen. Zoals Route Mortel’ van het jonge talent Thabi Mooi. Zij biedt een klassieke Oerol-beleving: een mysterieuze en meditatieve wandeling door bos en duin. Op de koptelefoon die je moet dragen, wordt door betrokkenen gesproken over de zelfgekozen dood van een man. In een ronde, blauwe hut in een duinpan is op film te zien hoe het eindigt: in een ritueel met metafysische trekjes.

Dat is Oerol: het weer schiet van nat en koud naar benauwd en heet, en de kunst loopt van puur amusement tot grote ernst.