Recensie

Gevangenisopstand in Orange loopt uit de hand

Netflix-serie

In het vijfde seizoen van Orange is the New Black, de gevangenisserie van Netflix, grijpen de vrouwen de macht. Het verhaal vliegt alle kanten op.

Gedetineerde Daya (Dascha Polanco) houdt de sadistische bewaker Humprey (Michael Torpey) onder schot tijdens een opstand in Netflix-serie 'Orange is the New Black'. Netflix

Opstand in de vrouwengevangenis. Het hele vijfde seizoen van Netflix-serie Orange is the New Black is gewijd aan een rebellie die een paar dagen duurt. Voor het eerst zijn de vrouwen zelf aan de macht. Ze kunnen doen wat ze willen.

Het hele vorige seizoen werkte er al naartoe. De gevangenis is geprivatiseerd en de nieuwe eigenaar probeert zijn winst te maximaliseren door te bezuinigen. Het gevolg: overbevolking en ongekwalificeerde bewakers, die hun onkunde en perversie afreageren op de vrouwen. Het vierde seizoen eindigde met de dood van de zachtmoedige Poussey. In de oproer die daarop volgde hield Daya een sadistische bewaker onder schot met zijn eigen wapen. Die cliffhanger is ook het begin van seizoen 5.

De bezetting is een chaotisch carnaval, waarin de rollen zijn omgekeerd. Als kinderen van wie de ouders niet thuis zijn verkleden de gevangenen zich, ze snoepen, doen een greep in de medicijnkast, kijken tv, gaan laat naar bed, spelen met buitgemaakte smartphones en houden een talentenjacht.

De vrijheid leidt niet tot grote eensgezindheid. Als er al een leider is, dan is het de Afro-Amerikaanse Taystee, die de woede om de dood van haar vriendin Poussey omzet in verbazingwekkend sterke onderhandelingstechnieken. Het lijkt erop dat ze echte verbetering voor de gevangenen kan bewerkstelligen. Een deel van de vrouwen leeft zich uit op de gegijzelde bewakers; een deel wil niet meedoen en trekt zich terug op het grasveld, om lekker buiten te slapen. Het mooie Latina-duo Flaca and Maritza begint een populaire beautyvlog. Dankzij sociale media wordt er eindelijk naar de gevangenen geluisterd en gekeken.

De opstand geeft de vrouwen een vrijheid die ze nauwelijks aankunnen, maar het lijkt alsof dat ook voor de schrijvers geldt. De in eerdere seizoenen zo strak gecomponeerde mozaïekvertelling vliegt nu alle kanten op. Dat terwijl de schrijvers als uitgangspunt zo’n mooie strakke eenheid van tijd, plaats en handeling hadden. Waar het vorige seizoen sterk dreef op realistisch engagement – de privatisering en overbevolking van de omvangrijke Amerikaanse penitentie-industrie is in werkelijkheid ook een schrijnend probleem – lijkt nu de fantasie alle ruimte te krijgen. Dat levert iets te vaak ‘yeah, right’-momenten op. Misschien dat showrunner Jenji Kohan te zeer werd afgeleid door haar nieuwe Netflix-serie GLOW, over damesworstelen in de jaren tachtig, die over twee weken uitkomt.

Het blijft de beste Netflix-serie

Dat laat onverlet dat dit nog steeds de beste Netflix-serie is, een serie die niet alleen wil vermaken, maar de kijker echt iets wil vertellen en hem diep beroert.

‘Orange’ laat de vele kleuren van de Amerikaanse samenleving zien, met de nadruk op de minderheden. Ze hebben ieder een eigen afdeling: de Suburbs (witten), The Ghetto (Afro-Amerikanen) en Spanish Harlem (Latina’s). Opvallend is wel dat de schrijvers alleen bij de blanken nog een onderverdeling aanbrengen. Je hebt naast de stadse, opgeleide witten ook nog de bejaarde witten en de meth heads: arme plattelandsdochters met extreem-rechtse gevoelens.

‘Orange’ blijft een bijzondere mix van humor, menselijkheid, engagement, sadisme en diepe treurnis. Het blijft bewonderenswaardig hoe in zo’n ensemble-serie al die verschillende rollen zo goed getekend zijn, en het acteren zo stabiel op zo’n hoog niveau zit. Je gaat echt houden van al die geestige, getroebleerde vrouwen. En de adembenemende finale maakt veel goed.