Een keurmerkstickertje minder in de supermarkt

Keurmerkenfusie

UTZ en Rainforest Alliance, twee grote keurmerken voor duurzame landbouw, gaan samen door. Wat levert zo’n fusie op?

Het keurmerklogo van UTZ. UTZ gaat samen met Rainforest Alliance. Foto ANP

Liefhebbers van koffie, thee of chocolade hebben ze waarschijnlijk in de hand (of mand) gehad: producten met een UTZ-logo erop. UTZ is, na ‘biologisch’, het grootste voedselkeurmerk van Nederland. Ruim 800 miljoen euro gaven we in 2015 uit aan producten met een UTZ-keurmerk, blijkt uit cijfers van de Universiteit Wageningen.

En het Nederlandse UTZ wordt nog groter. Het keurmerk maakte deze week bekend te gaan fuseren met de Amerikaanse collega’s van Rainforest Alliance, herkenbaar aan de kikkersticker.

De twee organisaties samen – de naam wordt Rainforest Alliance – hopen doeltreffender te worden in de duurzame productie van bijvoorbeeld koffie. En dat is hard nodig, zegt UTZ-directeur Han de Groot. „De wereldproblemen zijn groeiende. Kijk naar klimaat, ontbossing en armoede.” Na de fusie ontstaat volgens De Groot het grootste keurmerk op het gebied van koffie, thee, chocolade en bananen. In 2019 moeten alle keurmerkregels gelijkgetrokken zijn.

Dat het überhaupt tot een fusie is gekomen, is overigens best bijzonder, zegt De Groot:

„In de zakenwereld zijn fusies en overnames heel normaal, maar bij goede doelen zie je normaal eigenlijk alleen splitsingen.”

Maar wat is volgens de organisatie nou precies het nut van de fusie? Het idee is, kort gezegd, dat groter beter is. De twee kunnen hun kennis combineren. Zo weet Rainforest Alliance meer van het beschermen van regenwoud, en UTZ meer van landbouwtechnieken.

Daarnaast hoopt de nieuwe Rainforest Alliance dat een grotere organisatie meer gewicht heeft in onderhandelingen met lokale overheden in bijvoorbeeld West-Afrika.

En het bespaart boeren geld en tijd, zegt De Groot. Nu zijn ze vaak dubbel gecertificeerd: ze houden zich aan regels van verschillende keurmerken. Handig, want zo kun je aan veel partijen verkopen. Maar ook duur, want boeren dragen de kosten voor het certificaat – bijvoorbeeld voor verplichte controles – zelf.

Foto ANP

One size fits all

Dat is inderdaad gunstig, zegt Joost Gorter, als consultant gespecialiseerd in verduurzaming van markten. Maar hij hoopt vooral dat de nieuwe organisatie efficiënter gaat werken. De programma’s van UTZ en Rainforest Alliance zijn nu nog te veel ‘one size fits all’, vindt hij. Advies op maat voor boeren zou beter zijn. Het inzetten van nieuwe technologie, waardoor oogst of kunstmestgebruik goed in de gaten gehouden kan worden, kan daarbij helpen. Dat moet uiteindelijk zorgen voor meer geld voor boeren.

Ook Ioan Nemes van Oxfam Novib vindt dat boeren nog te weinig profiteren van certificering. Hij pleit ervoor de kosten daarvan bij boeren weg te halen.

„De albert heijns, unilevers en nestlés van deze wereld zouden die kosten moeten dragen.”

En maakt het de consument nog iets uit? „Neuh”, zegt Gorter. De meeste consumenten zijn volgens hem meer geïnteresseerd in het imago van een bedrijf als geheel, dan in een ‘stickertje’ op een product. De groei van duurzame landbouw moet het dan ook van bedrijven hebben, denkt hij.

Nog een voordeel voor de bewuste consument die wél op de verpakking let: straks is er in ieder geval weer een keurmerk minder (al duurt dat nog wel eventjes). Want dat er te veel keurmerken zijn, daar is inmiddels wel consensus over.