Cultuur

Interview

Interview

Foto Christoph Papsch/laif/HH

‘Duitsland moet de kritiek van andere landen serieuzer nemen’

Martin Hellwig

Als Donald Trump beweert dat Duitsland een veel te groot handelsoverschot heeft, halen veel Duitsers hun schouders op. Maar Duitsland is economisch zó machtig, dat andere landen er bang voor zijn, betoogt econoom Hellwig.

Duitsland moet beter luisteren naar de kritiek van andere landen, zegt de gezaghebbende Duitse econoom Martin Hellwig. President Trump hekelt het grote Duitse handelsoverschot, maar hij staat daarin niet alleen. „Ook Christine Lagarde, directeur van het IMF, en Emmanuel Macron, de nieuwe Franse president, hebben Duitsland hierover bekritiseerd”, zegt Hellwig.

Hellwig maakt zich grote zorgen: over de manier waarop Duitsland door andere landen wordt gezien én over de ongevoeligheid van de Duitsers daarvoor. „Er zijn mensen in Europa die denken dat het Duitse gedrag uitloopt op een dictaat.” En dat zijn niet de minsten.

In de Financial Times betoogde commentator Martin Wolf dat Duitsland van de eurozone een ‘Greater Germany’ wil maken, zo waarschuwde Hellwig zijn landgenoten onlangs in een spraakmakend artikel in de Frankfurter Allgemeine Sonntagszeitung. In hetzelfde stuk verwees Hellwig naar een recent verschenen boek van Enrico Letta, de voormalige premier van Italië: „een hartstochtelijk pleidooi voor Europa – en tégen de hegemonie van Duitsland”.

„Ik vind dat we dat soort zorgen serieus moeten nemen”, zegt Hellwig (68), die tot zijn pensionering directeur was van het Max Planck Instituut voor onderzoek naar collectieve goederen. „Letta zei in 2013/2014 al: de vluchtelingencrisis vraagt om een Europese aanpak. Maar daar wilde men in Berlijn helemaal niet over praten. Met een zekere bitterheid schrijft Letta nu dat Merkel de kwestie pas waarnam toen het een Duits probleem werd.”

„Ook het voorstel van de Duitse minister van Financiën Schäuble, in de zomer van 2015, dat Griekenland de eurozone maar moest verlaten, kwam opeens op tafel. De Fransen waren woedend. Of kijk hoe er bij Merkels christen-democraten, zodra Macron was gekozen, stemmen opgingen die zeiden: mooi dat hij heeft gewonnen, maar een Europese minister van Financiën, daar willen we het helemaal niet over hebben.

„Ik ben óók sceptisch over een Europese minister van Financiën, zolang niet duidelijk is wat zijn opdracht is, wat de mogelijkheden zijn, welke democratische controle er is. Maar je kan niet bij voorbaat tegen de president van Frankrijk zeggen: over uw ideeën willen we helemaal niet praten. In Duitsland is er een heel sterke tendens om de eigen positie te verabsoluteren. Maar je moet met elkaar in gesprek zijn, en elkaars gevoeligheden zien. Gelukkig heeft Merkel zélf zich constructief opgesteld.”

In de discussie over het omstreden Duitse overschot op de lopende rekening, zegt Hellwig, zie je in Duitsland de gedachte opduiken dat andere landen Duitsland onder controle willen krijgen. „Je kan zeggen: Duitsland is onafhankelijk, wat andere landen van ons vragen is een inperking van onze soevereiniteit – dan moet je over de kritiek op ons overschot dus verontwaardigd zijn. Maar als je erkent dat Duitsland zó groot is dat veel landen er bang voor zijn – niet voor onze militaire, maar wel voor onze economische macht – dan kan onderwerping aan controle in ons eigen belang zijn.”

Is de Duitse bevolking nu bereid tot het opgeven van meer soevereiniteit om buurlanden tegemoet te komen en Europa te versterken?

„Als je het maar duidelijk uitlegt en gedreven verdedigt – zoals Macron over de Europese Unie spreekt – dan kan je het overbrengen. Ik ben alleen bang dat men zich overgeeft aan illusies: een Europese minister van Financiën, Europese obligaties, een begrotingsunie … Dan leg je de kiem voor nieuwe spanningen. Bij een Europese minister van Financiën moet je bijvoorbeeld niet de illusie hebben dat hij de nationale politiek van landen kan disciplineren.

„Ik zou willen dat het uitgangspunt is: wat zijn de concrete problemen die we moeten oplossen? En dat we de Europese instituties vervolgens zo vormgeven dat we die problemen ook kunnen aanpakken.”

Moet Duitsland iets doen aan zijn omstreden overschot op de lopende rekening?

„Ik vind dat Schäuble zich er te makkelijk vanaf maakt. Hij zegt: het is gewoon het resultaat van de vrijemarktwerking. Maar vrije markten opereren binnen macro-economische randvoorwaarden. Als de Duitse staat meer tegemoet kwam aan de binnenlandse investeringsbehoefte, dan zou dat al een stap in de goede richting zijn.

„In lokale kranten zie je wat de mensen hier in Duitsland bezighoudt: de slechte toestand van schoolgebouwen en van de wegen. Dat zijn steeds terugkerende thema’s. In Noordrijn-Westfalen heeft SPD-minister-president Hannelore Kraft de deelstaatverkiezingen onder meer verloren omdat er de afgelopen jaren door bezuinigingen zoveel banen bij de politie zijn verdwenen. Er is een grote behoefte aan binnenlandse investeringen.”

Martin Hellwig: „Je kan niet bij voorbaat tegen de president van Frankrijk zeggen: over uw ideeën willen we helemaal niet praten.”. Foto Christoph Papsch/laif/HH

Maar helpt dat andere landen ook?

„Voor een deel hangt het af van de omvang van je investeringen. Maar vaak is in de omgang met andere landen de stijl belangrijker dan de details.

„Veel hangt ervan af hoe de Bondsdagverkiezingen in september verlopen. Vóór die tijd kan zich nog een grote gebeurtenis in de wereld voordoen, die het stemmenaandeel van de [anti-immigratiepartij] AfD weer omhoog stuwt. Als de AfD meer dan 10 procent krijgt, dan zal dat invloed hebben op wat de nieuwe regering kan of wil doen. Belangrijk is natuurlijk ook wat voor coalitie er na de verkiezingen tot stand komt.”

Komt het onbegrip voor de buurlanden vooral van de AfD?

„Het is breder. Nog altijd bestaat er in Duitsland een D-Mark-nostalgie. Wat was dat fijn, dat je je iedere drie jaar kon verheugen in een opwaardering van onze munt. En dan amuseerde je je over de niet-solide buurlanden, die er maar niet in slaagden hun munt stabiel te houden. Daar kon je meer van op aan dan op het WK-voetbal: de wisselkoers als prestige-object.

„Dat soort denken mondt uit in rivaliteit en negatieve propaganda over de Europese Centrale Bank (ECB). Ik vind het huidige beleid van de ECB problematisch, omdat het grote risico’s voor de financiële sector met zich meebrengt. Maar ik geloof ook dat veel kritische commentaren over de ECB berusten op een combinatie van hysterie, onwetendheid en nationalisme.”

Merkel zei na teleurstellende ervaringen met Trump op de G7: we moeten ons lot nu in eigen hand nemen. Is dat realistisch?

„Ik weet niet goed wat ze daarmee bedoelt. Zolang de Europese defensiepolitiek afhankelijk is van de Verenigde Staten, is die Europese onafhankelijkheid een moeilijke zaak. Als je haar formulering serieus neemt, dan moet je ook de vraag stellen of we bereid zijn onze militaire uitgaven zo te verhogen dat Europa qua defensie op eigen benen kan staan.”

En wat betreft handelspolitiek?

„Economen denken in termen van internationale akkoorden, van handelspolitiek in het kader van de rule of law, internationaal recht. Maar wat doe je als een van de deelnemers, in veel opzichten de belangrijkste, aan dat hele concept geen boodschap heeft?”

U bedoelt de VS?

„Niet de VS als land, de Verenigde Staten hebben ons dat concept van rule of law in het internationale economische systeem bijgebracht. Maar de huidige president gelooft er niet in. Dan rest de andere landen niets anders dan zich af te vragen: hoe gaan we hiermee om? Wat kunnen we zelf doen? Je kunt niet simpelweg zeggen: dan laten we iedere internationale economische politiek maar varen.”

Moet Duitsland nu een centrale rol gaan spelen?

„Natuurlijk, maar tegelijk: het moet een kwestie van samenwerking zijn. Met Frankrijk in de eerste plaats. Maar toen Frankrijk in de jaren vijftig de Europese Defensiegemeenschap blokkeerde, waren het de Benelux en Italië die het Europese project weer vlot trokken. Zo zie je, ook kleine landen kunnen een belangrijke, historische rol spelen.”