Aantal WIA-uitkeringen is fors toegenomen

Arbeidsongeschikt

Het aantal arbeidsongeschikten steeg in zes jaar niet zo hard. De instroom in de WIA, Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, groeide in 2016 met 12 procent, de grootste stijging sinds 2010, schreef uitkeringsinstantie UWV donderdag in haar rapport Wat is er aan de hand met de WIA?. Dat betekent dat er in dat jaar 40.016 arbeidsongeschikten bijkwamen. In 2015 en 2014 daalde de instroom nog ten opzichte van het jaar ervoor (respectievelijk met 2,9 procent en 0,7 procent).

Het UWV kan de stijging slechts gedeeltelijk verklaren. Het ziet de instroom vooral stijgen bij twee groepen: WW’ers (22,7 procent) en werknemers (11 procent).

De groei van de instroom vanuit de Werkloosheiswet verklaart het UWV grotendeels doordat twee jaar eerder het aantal WW’ers even hard toenam.

De stijging vanuit de werknemers komt deels doordat werknemers gemiddeld steeds ouder zijn en doordat er steeds meer vrouwen werken. De kans om arbeidsongeschikt te worden is voor 55-plussers circa tien keer zo groot als voor iemand onder de 25, schrijft het UWV.

Werknemers vragen bovendien vaker een WIA-uitkering aan na twee jaar ziekte. Waarom dat vaker gebeurde, weten we niet, schrijft het UWV: „Ziekmelding, begeleiding en re-integratie in de eerste twee ziektejaren is de verantwoordelijkheid van de werkgever en ligt daarmee buiten het gezichtsveld van UWV.” Het UWV kent WIA-aanvragen ook vaker toe, maar daarvoor „zijn geen uitvoeringstechnische oorzaken aan te wijzen”.

De WIA bestaat uit twee regelingen: de IVA-uitkering bij volledige en duurzame arbeidsongeschiktheid, en de WGA, die uitkeert bij gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid. In beide groepen steeg het aantal uitkeringen in 2016 met ongeveer 12 procent. (NRC)