Toezichthouders: ‘Corporaties kunnen giftige derivaten sneller lozen’

Zo hoeven ze minder financiële buffers op te bouwen en kunnen ze meer investeren in nieuwbouw of duurzaamheid.

Foto ANP

Woningcorporaties krijgen meer ruimte om hun meest risicovolle of ‘giftige’ derivaten (renteverzekeringen) onschadelijk te maken. Zo zijn ze minder kwetsbaar voor renteschommelingen, hoeven ze minder financiële buffers op te bouwen en kunnen ze meer investeren in bijvoorbeeld nieuwbouw of duurzaamheid. Ook komen de toezichthouders op 1 juli met nieuwe regels voor corporaties om hun derivatenportefeuille op te schonen en veiliger te maken.

Dat hebben de Autoriteit woningcorporaties (Aw) en het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW) donderdag bekendgemaakt. Het WSW, dat borg staat voor leningen van corporaties, staat voortaan ook garant voor leningen om derivaten af te kopen bij banken of om deze om te laten zetten (‘doorzakken’ in jargon) in leningen met een vaste rente. Het gaat hierbij uitsluitend om renteverzekeringen op leningen voor sociale huisvesting, niet voor commercieel vastgoed.

Derivaten worden veel gebruikt om het risico van renteschommelingen op langlopende leningen te verkleinen. Maar tijdens de financiële crisis bleek dat corporaties ook risicovolle, complexe en speculatieve derivaten van banken hadden gekocht.

Voorheen wilde het WSW alleen borg staan voor financiering om giftige derivaten onschadelijk te maken als corporaties in grote nood waren, zoals Nederlands grootste corporatie Vestia in 2012. Zo stond het WSW dat jaar garant toen Vestia acuut 550 miljoen euro als extra onderpand voor derivaten aan banken moest verschaffen. Datzelfde jaar stond het WSW ook borg toen Vestia derivaten met 632 miljoen euro aan verliezen liet doorzakken of ´verrekenen´ in bestaande leningen ter waarde van 1,7 miljard euro.

Na het derivatendebacle bij Vestia, dat op zeker moment voor 23 miljard euro aan derivaten had, zijn corporaties hun derivatenportefeuille gaan afbouwen. Bij een stresstest van de Aw van maart vorig jaar bleek dat alle 350 corporaties in Nederland nog voor 13,7 miljard euro aan derivaten hadden, die voor ruim 6 miljard euro ‘onder water’ of in het rood stonden. Wel konden alle corporaties aan hun eventuele betalingsverplichtingen voor derivaten voldoen. Verder bleek dat 36 corporaties nog derivaten met risicovolle ‘breakclausules’ hadden, waarbij banken ineens betalingen kunnen opeisen – zoals bij Vestia.