Kasbeheerder Vestia moet betalen

derivatenschandaal

Oud-kasbeheerder van woningcorporatie Vestia Marcel de V. heeft „bewust roekeloos” gehandeld, oordeelde de rechter. Hij ontving smeergeld voor risicovolle deals.

Illustratie Pepijn Barnard/Studio NRC

Vijf jaar na het derivatenschandaal heeft woningcorporatie Vestia een eerste grote civiele rechtszaak gewonnen. Oud-kasbeheerder Marcel de V., hoofdverdachte in de strafzaak die nog volgt, is aansprakelijk voor de schade bij Vestia van 2,7 miljard euro, bepaalde de Haagse rechtbank woensdag. Ook moet hij zeker 11,4 miljoen euro aan ontvangen smeergeld aan Vestia betalen.

De man die in de sector werd gezien als een financieel genie, heeft „bewust roekeloos” gehandeld en Vestia in nood gebracht, volgens de rechter. Marcel de V. sloot voor 23 miljard euro aan derivaten (renteverzekeringen) af en speculeerde op grote schaal om verliezen daarop af te dekken. Hij informeerde de raad van commissarissen onjuist en hield hun voor dat Vestia alleen gevaar liep bij een ‘onmogelijke’ negatieve rente van drie procent.

Dure wijnen en escortdames

Ook verhulde Marcel de V. bij Vestia dat hij 10,4 miljoen euro smeergeld verdiende aan het afsluiten van derivatencontracten. Zijn tussenpersoon Arjan G. van het bureautje Fifa Finance sluisde heimelijk de helft van de provisie van banken aan hem door. Marcel de V. liet zich door banken paaien met etentjes in sterrenrestaurants, dure wijnen, escortdames en Formule 1-wedstrijden.

Voor het kopen van ‘gestructureerde’ derivaten – complex en risicovol – was de beloning van banken tot drie keer zo hoog, wist hij. „Wat magertjes” mailde Marcel de V. in augustus 2009 toen de provisie van een bank tegenviel. „Op de zwarte lijst dan maar.”

Marcel de V. gaf de betalingen op als „inkomsten uit overige werkzaamheden” en betaalde er 4,3 miljoen euro belasting over. Hij ontkende aansprakelijkheid voor de verliezen, wees naar de lage rente, de crisis en zijn falende leidinggevenden: directeur Erik Staal en financieel directeur Kees Wevers. Marcel de V. eiste in de procedure zijn baan terug plus 8,6 ton aan achterstallig salaris en vakantiegeld sinds zijn ontslag op staande voet in mei 2012 – kort nadat de FIOD zijn woonboerderij was binnengevallen.

Maar de rechtbank ging niet mee in de verdediging van Marcel de V. Hij moet een nog nader te bepalen vergoeding betalen voor de schade van 2,7 miljard; die astronomische kostenpost vloeide voort uit onderhandelingen die Vestia zélf met banken heeft gevoerd over de afwikkeling van de derivaten. Er zal daarbij ook rekening worden gehouden met de rol die Staal, Wevers en de oud-commissarissen in de hele zaak hebben gespeeld.

De 11,4 miljoen euro die Marcel de V. aan Vestia moet betalen, is een miljoen méér dan hij ooit aan smeergeld ontving. Het is de som aan provisies die tussenpersoon Arjan G. kreeg, en die vervolgens zeker weer is doorberekend aan Vestia bij het kopen van derivaten. Met Arjan G. wil Vestia schikken, omdat hij zichzelf in 2012 heeft aangegeven en berooid zou zijn.