Recensie

‘En manque’ lijkt stuurloos en dolgedraaid, maar ontroert

‘En manque’ is rauw punktoneel, geïnspireerd door het beruchte theater van de wreedheid van Antonin Artaud. Foto Holland Festival

De actrice heeft een stem die schalt over de binnenstad. Op de Amsterdamse Kloveniersburgwal, ter hoogte van het Compagnietheater, krijst en zingt ze de toeschouwers toe en vraagt begrip: ze werd geboren in de rosse buurt en leidde sindsdien een verweesd leven. De uitgereikte oordopjes zijn niet voor niets.

Daarna verhuist de voorstelling En manque van de Franse regisseur Vincent Macaigne (1978) naar de theaterzaal. Schilderijen van Caravaggio hangen aan de wand, een jongen schopt zijn voetbal ertegen. Rook vult de ruimte. Er klinkt keiharde discomuziek en de toeschouwers mogen dansen op de speelvloer. Het lijkt stuurloos en dolgedraaid, egocentrisch theater en de eerste bezoekers verlaten de zaal. Dit is rauw punktoneel, geïnspireerd door het beruchte theater van de wreedheid van Macaignes landgenoot Antonin Artaud. Een jonge actrice verliest zich in een monoloog over de onmogelijkheid te strijden voor een betere wereld zonder jezelf kapot te maken. Zij is de dochter van een moeder uit de hippie-generatie die haar huilende kindje hallucinerende middelen gaf. De moeder verklaart Mick Jagger dood. Zelf wankelt ze aan het slot de bühne op, doorboord met zwarte pijlen als de heilige Sint-Sebastiaan.

Alles in deze voorstelling spreekt van gemis (le manque uit de titel). Gemis van liefde, begrip, vertrouwen. Je kunt dit fluisterend brengen of als een ongerichte kreet. Macaigne kiest voor het laatste, en gaandeweg deze getormenteerde explosie begrijp ik waarom. In de genadeloze rauwheid en schreeuw om aandacht vertoont dit rituele spel overeenkomsten met Crave (1998) van de Britse toneelschrijfster Sarah Kane. Een voorstelling als deze moet wel grenzeloos zijn en zelfs weerbarstig-irritant. Desalniettemin was ik aan het slot geraakt. Een wanhoopskreet geuit door een desperate generatie die haar kinderen erfelijk belast.