Het Grootste Museum van Nederland opent de deuren

Kerkinterieurs

In het buitenland bezoeken mensen kerken, in eigen land niet. Dat moet straks veranderen.

Sint-Nicolaaskerk (1887), Amsterdam Foto Arjan Bronkhorst

Het Grootste Museum van Nederland opent op 6 juli zijn deuren: elf kerken en twee synagogen zijn vanaf die dag vaker open, aangepast aan meer bezoekers en toegerust met een speciale audiotour. Dat maakt het Utrechtse Museum Catharijneconvent deze woensdag bekend. Museum Catharijneconvent is de initiatiefnemer van het Grootste Museum van Nederland, het haalde er eerder een subsidie voor binnen van 925.000 euro bij de BankGiroLoterij.

Nu al is op grootstemuseum.nl te lezen om welke synagogen en kerken het gaat. Daaronder vier kerkjes in Groningen, de Cenakelkerk van de Heilig Landstichting, de Basiliek van de Heiligen Agatha en Barbara in Oudenbosch en de synagoge van Enschede. Drie van de elf vragen entree, bij allemaal gaat gebruik van de audiotoer drie euro kosten.

Het idee voor het Grootste Museum van Nederland ontstond nadat Museum Catharijneconvent in 2016 het boek Kerkinterieurs in Nederland had gepubliceerd, waarin honderd beeldbepalende kerkinterieurs worden belicht. Projectleider Boukje Schaap: „In het buitenland vind je het normaal dat je een kerk binnenloopt. Maar in je eigen land denk je er niet eens aan. Of je wilt het wel doen – en staat dan voor een gesloten deur. Dus toen we het boek hadden samengesteld, dachten we: wat jammer dat niet meer mensen deze kerkinterieurs kennen.”

Het doel van het project is dubbel: meer bekendheid van kerkinterieurs en een betere toegankelijkheid ervan. Het subsidiegeld maakte dit mogelijk, maar dwong ook tot een keuze: alle honderd kerken en synagogen uit het boek voorzien van zaken als een informatiebalie, een folder en een audiotour was te duur. Schaap: „We hebben gekozen op drie criteria: spreiding over het land, spreiding door de eeuwen heen en bekend versus niet zo of helemaal niet bekend.” De openingsdatum is begin juli, „zodat we de dagjesmensen bereiken die normaal niet naar zo snel naar een kerk gaan”.

En wat verwachten de deelnemende kerken? In het Groningse Middelstum gaat het om de Sint-Hippolytuskerk. Die kerk gaat alleen open als je de sleutel haalt bij de familie Bos aan het Kerkpad. En dat blijft zo. Tot nu toe kwamen er soms zes mensen in de week, een andere keer twee. „De oude Groninger kerken”, staat op grootstemuseum.nl, „hebben een ruime openingstelling”, maar aangeraden wordt om vooraf even de contactpersoon te bellen, „om er zeker van te zijn dat je de kerk kunt bezichtigen”.

In Enschede was de synagoge tot nu toe alleen op woensdag en zondag open, daar komen nu de dinsdag en de donderdag bij. Jaarlijks ontvangt de synagoge zo’n tien- à twaalfduizend bezoekers. Dat aantal steeg de laatste jaren al, onder invloed van het toenemende aantal bezoekers van Rijksmuseum Twenthe.

Ook de Cenakelkerk van de Heilig Landstichting bij Nijmegen gaat vaker open, van een halve dag per week nu naar vier middagen straks. Entree wordt gevraagd in Enschede, bij de Portugese synagoge in Amsterdam en voor de Sint-Jan in Gouda.

Wordt het Grootste Museum van Nederland nog groter dan dertien gebouwen? Boukje Schaap: „We hopen van wel. Maar voor nu rekenen we vooral op meer bezoek.”