Noord-Korea wordt dankzij de Chinezen toch maar niet te zwaar gestraft

VN-sancties Hoewel de spanningen rondom Noord-Korea alleen maar toenemen, is binnen de VN besloten tot de lichtst denkbare sanctie. Toch bevat ze een duidelijk politiek signaal, meent China.

Kim Jong-Un bekijkt een raketproef. AFP

Om „ons Noord-Koreaanse probleem” op te lossen, heeft president Donald Trump zijn kaarten op China gezet. Maar het zal niet lang duren voordat hij een storm aan boze, teleurgestelde tweets over zijn nieuwe „hele goede vriend” president Xi Jinping uitstort.

Unaniem nam vrijdag de Veiligheidsraad na een vijf weken durend overleg een nieuwe resolutie aan met sancties tegen het regiem van Kim Jong-un. De nieuwe strafmaatregelen, de eersten van dit jaar waarin „de opperste maarschalk” de ene na de andere raketproef neemt, zijn veel lichter dan verwacht. China, zo bleek wederom, is niet van planf om het buurland, de stalinistische Democratische Volksrepubliek Korea, werkelijk onder extreme druk te zetten.

Resolutie 2356 raakt vier banken en bedrijven, waaronder de bankier van de „grote leider” en in totaal veertien individuen, onder wie Kims topspion. Minimaler kon niet volgens de regels van de VN. Van de anderhalve maand geleden in de Chinese media aangekondigde olieboycot, de stopzetting van de kolenimport naar China en de Air Koryo vluchten naar Beijing is geen sprake. Daardoor is nu het contrast met de opgefokte, internationale stemming van vorige maand rondom Noord-Korea zo groot.

Een nucleair conflict leek in april op handen, een Amerikaans vliegdekschip stoomde op, de VN-veiligheidsraad kwam in spoedberaad bijeen en de media in het westen gingen net als Trump hyperventileren: de voorlopige uitkomst van alle commotie is een reisverbod van veertien van Kims 25 miljoen onderdanen.

Lees ook: Trump wil dat Xi Noord-Korea pijnigt, over de campagne van de VS tegen Noord-Korea

Dat betekent niet dat niets is gebeurd. Alles wijst erop dat het Chinese dreigement met een olieboycot, gevolgd door stille Chinese diplomatie in Pyongyang vooralsnog heeft gewerkt. „Beijing kan namelijk goed leven met die raketproeven zolang Noord-Korea afziet van het testen van kernwapens en intercontinentale ballistische raketten”, aldus de Zuid-Koreaanse veiligheidsexpert Hwang-Jaoe-ho.

Xi, de leider van de Communistische Partij van China, wil dat het dit jaar waarin het 19-de Partijcongres bijeenkomt rustig blijft aan de grenzen. Dat vijfjaarlijkse congres is een politieke hoogtepunt en moet leiden tot de herbenoeming van Xi tot president en partijleider alsmede de samenstelling van een nieuw Politbureau. Geen kernwapen proeven voor het 19-de Congres is de onmiskenbare boodschap van Xi aan Kim die elkaar nog nooit ontmoet hebben.

Toch reageerde het totalitaire regiem in Pyongyang uiterst nijdig op de nieuwe sancties, die „volledig worden afgewezen en geen enkel effect zullen sorteren.” Aan dat laatste hoeft inderdaad niet getwijfeld te worden. Ondanks de sancties groeit de Noord-Koreaanse economie, mede dankzij China en in mindere mate Rusland.

Achter de routinematige boosheid gaat vooral grote onzekerheid schuil over de vraag of China niet vroeg of later het infuus waardoor de Noord-Koreaanse economie sinds enkele jaren groeit, toch afsluit. „De nieuwe sancties mogen in Amerikaanse ogen dan licht zijn, zij bevatten een duidelijk politiek signaal dat zeker is aangekomen”, aldus de Chinese Korea-expert, Yang Xiyu het van Instituut voor Strategische Studies, de denktank die het dichtst bij de Chinese beleidsmakers staat. Yang is een diplomaat die lid was van de Chinese delegatie bij het internationale overleg om Noord-Korea te bewegen te stoppen met het kernwapenprogramma.

Het dreigement de oliekraan dicht te draaien en de schepen met Noord-Koreaanse kolen allemaal terug naar de thuishaven Nampo te sturen, heeft een schokeffect gehad. Officieel heten communistische China en het socialistische Noord-Korea historische bondgenoten en zelfs dikke kameraden te zijn. De werkelijkheid is dat de Noord-Koreaanse elite zich steeds meer zorgen begint te maken over de vraag of China niet op enig moment het economisch infuus dat Noord-Korea in leven houdt afsluit.

De vrees is verpakt in felle, boze artikelen in Rodong Sinmun, de officiële krant van de Koreaanse Arbeiderspartij, die iedereen die iets voorstelt in het rijk van de Kims spelt. Woedend is de kleine volksrepubliek op de grote volksrepubliek die zich volgens het blad gedraagt als „een lakei van het westen”. En:

„De onderbroken, onredelijke en indiscrete beschuldigingen aan het adres van Noord-Korea brengen de kameraadschappelijke en broederlijke relaties in gevaar.”

Van enige dankbaarheid aan China, dat er voor zorgt dat de fabrieken blijven draaien, de handel toeneemt en het land überhaupt per vrachtschip, passagiersferry of vliegtuig bereikbaar is, is geen sprake. „Wij gaan niet smeken om de vriendschap met China. China moet stoppen met ons te tarten en ons geduld op de proef te stellen”, aldus Rodong Sinmun- commentator Kim Chol.

Aan dat verzoek heeft China voorlopig voldaan. De vrees voor een dictator met een kernwapen is uiteindelijk minder groot dan de angst voor een oorlog en de ineenstorting van het regiem in Pyongyang, ongetwijfeld een bloedige en chaotische gebeurtenis. De vraag is nu of Trump deze bekende Chinese afwegingen accepteert. De kans daarop lijkt klein.