EU geeft 50 miljoen aan West-Afrikaanse strijdmacht

Sahel

Europa geeft geld aan vijf landen in de Sahel voor een gezamenlijk leger. Doel: terreur bestrijden en migratie stoppen.

Landen van de ‘Sahel 5’

De Europese Unie gaat vijftig miljoen euro investeren in een nieuwe gezamenlijke krijgsmacht in de Sahel om de strijd aan te gaan met terreurgroepen, mensensmokkelaars en banditisme. Zo wil Europa de komst van Afrikaanse migranten proberen in te dammen én potentiële terroristen buiten de deur houden.

De Europese bijdrage aan de vijf deelnemende landen – Mali, Burkina Faso, Mauritanië, Niger en Tsjaad – werd maandag aangekondigd op een top in de Malinese hoofdstad Bamako. „Stabiliteit en ontwikkeling van de Sahel-regio zijn niet alleen cruciaal voor Afrika, maar ook voor Europa”, zei buitenlandcoördinator van de EU Federica Mogherini.

In februari zetten de leiders van de zogeheten ‘Sahel 5’ de politieke contouren van hun gezamenlijke strijdmacht op papier. Hun legerchefs werkten voorstellen uit voor een samenwerkingsverband ter grootte van zo’n 5.000 militairen en politiemensen. Nu de EU gaat bijdragen, kunnen de puntjes op de i worden gezet. Volgens de Malinese minister van Buitenlandse Zaken, Abdoulaye Diop, kan de legermacht eind van het jaar operationeel zijn.

Van alle EU-lidstaten zal Frankrijk het meest ingenomen zijn met de stap. Dat land heeft verreweg het meest geïnvesteerd in veiligheid in de Sahel. In januari 2013 stuurde Parijs een interventiemacht naar Mali om de opmars van jihadistische strijdgroepen te stuiten. Bij de operatie Barkhane (Sikkelduin) zijn nog steeds zo’n 4.000 Franse militairen betrokken – met bases in Mali, Niger, Burkina Faso en Tsjaad. Daarnaast is in Mali de VN-vredesmacht Minusma (12.000 man) gestationeerd.

Die buitenlandse interventies hebben nog geen stabiliteit gebracht. Juist de laatste maanden lijkt sprake van hergroepering van terreurgroepen. De vraag is of de beoogde krijgsmacht van de ‘Sahel 5’ wel een blijvende ommekeer kan afdwingen. „Het is niet alleen een kwestie van geld, maar ook van het verzamelen van goede inlichtingen, het uitdokteren van doordachte strategieën en vooral van betrokkenheid van de mensen aan het front”, schrijft de internetpublicatie Wakat Séra uit Ouagadougou.

Ook analist Dick Zandee van Clingendael betwijfelt of de Europese bijdrage doorslaggevend zal zijn „Het gaat er om wat er met het geld gebeurt. Mag het alleen worden gebruikt voor infrastructuur en dergelijke of mogen er ook uitrusting en wapens voor worden gekocht? Dat laatste kan een verschil maken, maar het is onduidelijk of het geld daaraan besteed mag worden.”