Recensie

Onthulling: Micha Wertheim kwam zelf het podium op

cabaret ‘Iemand Anders’

Micha Wertheim heeft zijn met geheimen omgeven voorstelling Iemand Anders afgesloten. Opnieuw speelde hij een spel met wat echt is en wat onecht.

Micha Wertheim Foto Merlijn Doomernik

Hij was er! Cabaretier komt podium op bij eigen voorstelling! Nadat Micha Wertheim afwezig was bij zijn voorstelling Ergens Anders, was de grote vraag of hij bij Iemand Anders wel op het podium zou verschijnen. Als hij eerst ‘ergens anders’ was dan in het theater, zou hij dan nu ‘iemand anders’ sturen?

Voor de bezoekers van het eerste deel van zijn theatrale tweeluik hield hij de spanning erin door het witte robotje uit Ergens Anders weer te laten opkomen en te laten praten over wat hem de afgelopen tijd was overkomen. Totdat hij zegt dat het tijd is voor ‘iemand anders’: Wertheim zelf.

Dat Wertheim er deze keer wel was, moest geheim blijven. Dat is ook de reden dat deze recensie verschijnt nadat de laatste voorstelling is gespeeld, op 4 juni.

Zijn afwezigheid in Ergens Anders was een brutale en radicale theatercoup en je kan niet anders vaststellen dan dat Wertheim historie schreef. Het was een samenzwering met zijn publiek die alle aanwezigen medeplichtig maakte. Het was ook de climax van zijn oeuvre, met titels als Voor Beginners en Voor Gevorderden tot aan Micha Wertheim Voor Zichzelf, waarin hij al fulmineerde dat de wegblijvers het wél hadden begrepen. In dat opzicht was Ergens Anders een demonstratie van een tot in zijn uiterste consequentie volgehouden kunstenaarshouding. Een houding die je verbluft achterliet.

Tegelijk was wat er wél te zien en te horen was – naast de geestige radiofragmenten – in Ergens Anders voor de verraste toeschouwer niet elk moment even meeslepend. Terwijl toeschouwers op ludieke wijze op het podium aan het knutselen werden gezet, vertelde Wertheim in een voice-over, als ware het een podcast, een verhaal over glas in zijn oog, over wel en niet kunnen huilen en over huilen om fictie versus huilen bij wezenlijk verdriet. Zijn verhaal was tot in de puntjes afgehecht, met keurige dwarsverbanden, maar in zijn cerebrale effecten aan de bloedeloze kant. Maar uiteindelijk won het gevoel van opwinding het ruimschoots van dat bezwaar: de gewaarwording bij een grensverleggend experiment aanwezig te zijn geweest.

De voorstelling Iemand Anders is voor een belangrijk deel een terugblik en een toelichting bij Ergens Anders: waarom Wertheim het bedacht en hoe hij vervolgens werd geraakt door de boze reacties, de weglopers en de „gemene brieven”. Die tegenstand wijt Wertheim aan de onwil van bezoekers om zich te laten betoveren. Waarbij hij verwijst naar dat al dan niet verzonnen deel van zijn biografie: dat hij ooit begon als goochelaar. En dus als oplichter die je doet geloven dat hij kan toveren. In het theater is dat niet anders, stelt Wertheim. De bezoeker schenkt de maker zijn vertrouwen en gaat op in een gestileerde versie van de werkelijkheid.

Scène uit Ergens Anders. Foto Roger Cremers

Scène uit Ergens Anders. Foto Roger Cremers

Dit pleidooi voor theater als een vorm van samen geloven, wordt meteen geïllustreerd door wat hij vertelt over hoe het verder ging met zijn oog. Hij moet aan de bril, en wie een bril opzet, wordt ‘iemand anders’, zegt hij. Een bril is een vervormer van de werkelijkheid. Tegelijk zorgt de bril ervoor dat hij scherp ziet hoe vijandig de wereld is geworden.

In deze fase van de voorstelling is te voelen dat Wertheim, die stelde klaar te zijn met cabaret, terug is op vertrouwd terrein. Hij speelt met dwarsverbanden en omkeringen, verpakt in een cabaretesk verhaal. Voor het komisch effect laat hij zijn stem ouderwets de lucht in schieten.

Van hetzelfde karakter is de verklaring dat hij Iemand Anders door zijn alter ego Simon Sluizer had willen laten spelen. Waarna hij naspeelt hoe de ontmoeting met zijn alter ego verliep. In die absurde verdubbeling van zichzelf in een fictieve dialoog met zichzelf verdubbelt hij ook de kunstmatigheid van zijn optreden, op een heel geloofwaardige wijze.

Tussendoor vraagt de robot, die zich buitenspel gezet voelt, om aandacht. Hij voelt zich ook rot omdat hij zich zorgen maakt over de wereld. Als hij alle problemen opsomt, is hij precies de geëngageerde cabaretier tegen wie Wertheim zich eerder in de voorstelling afzette. Waarna – hint – het robotje vertelt bang te zijn te worden vervangen door een nieuwe versie van zichzelf, de Alpha 2.0.

Al die machinaties maken Iemand Anders tot een bedrieglijk spel waarin fictie en werkelijkheid omstebeurt omklappen. De laatste omkering is dat Wertheim zegt dat het robotje misschien met iemand anders moet praten, een optimistische persoon uit het publiek, die vertelt over wat voor leuks hij de volgende dag gaat doen. En als verschillende bezoekers dat vervolgens ook echt doen op het podium, en we met zijn allen even geloven dat we een robot kunnen troosten, dan heeft de goochelaar, de cabaretier 2.0, zijn doel bereikt.