Column

HOCUSUS, POCUSUS, COVFEFE!

Covfefe! Die spreuk slingerde president Trump dinsdag voor het slapen gaan de wereld in. Wat het betekent? Niemand die het weet! Maar het is een goed moment voor lettersommen.

In zulke sommen tel je bijvoorbeeld twee woorden op. De kunst is om uit te zoeken welk cijfer bij elke letter hoort. De cijfers 1 tot en met 9 doen mee.

Neem de som ME+ME=BEE. Hiernaast zie je meteen dat E+E=E. Dat lukt alleen met E=0. Dan wordt de som dus M0+M0=B00. Je ziet het al: M=5 en B=1.

Deze is lastiger. CIRCLE+CIRCLE+CIRCLE=SPHERE. Dat geeft, rechts: E+E+E=E. Dan is E=0 of E=5.

Neem eerst E=0. Dan staat er ook C+C+C=0. Kan dat? Ja, als C=3 en als je nog 1 over had van L+L+L=R. Dus weet je nu: L=4 of L=6. Verder weet je dat S=9 en dat P dus kleiner dan 9 moet zijn. Dan moet gelden: I=1 (en R+R+R geeft rest 1 of 2) of I=2 (met rest 0,1 of 2 erbij).

Zou L=4 werken? Dat geeft R=2 en H=7. Dan moet wel I=1. Maar dan is P=3, en we hadden al C=3. En als L=6? Dan is R=8 en H=5. Als dan I=1, dan is P=5. Maar we hadden al H=5. En als I=2? Dat geeft P=8 en we hadden al R=8.

Opnieuw. E=5. Dan moet C=1, want dat geeft S=3 en C+C+C+2=5. Tenminste, als L = 8 of 9. Neem L=8. Dan is R=5, maar we hadden al E=5. Weg ermee. Neem L=9. Dat geeft R=8 en H=4 en met I=0 erbij, klopt het helemaal. De oplossing is dus: 108195+108195+108195=324585.

Poeh! Maar na deze oefening lukt de volgende som misschien ook: HOCUSUS+POCUSUS=COVFEFE!