Column

Duitsland ontwaakt uit zijn geopolitieke coma

Al dagen wordt in Washington, Moskou, Londen en Parijs en in onze eigen kranten nagepraat over Angela Merkels uitspraken in een Münchense biertent. Terecht. Dit waren de kernzinnen: „De tijden waarin we ons volledig op anderen konden verlaten, zijn nu tot op zekere hoogte voorbij. Dat heb ik de afgelopen dagen ervaren. En daarom kan ik alleen maar zeggen: wij Europeanen moeten ons lot in eigen hand nemen.”

Waarop minutenlang applaus klonk van 2.500 Beierse CSU-aanhangers. Merkels woorden waren niet enkel binnenlandse verkiezingspraat, al speelde dat mee. Ze drukken het specifieke moment uit voor Duitsland en Europa. Inzet is Europa’s politieke en militaire emancipatie van Amerika; een geopolitieke volwassenwording.

Vooral van Duitsland vraagt het een geweldige mentale omslag. Sinds haar ontstaan in 1949 heeft de Bondsrepubliek zich geschikt naar de Amerikaanse hegemonie: dankbaar voor de veiligheid (NAVO) en genietend van de kans om uit te groeien tot economische grootmacht. Opzichtig en kil slaat Donald Trump de bodem uit onder dit dubbele arrangement, met herhaalde kritiek op Duitse exportprestaties en – vorige week in Brussel – zijn grove weigering de NAVO-solidariteit te bekrachtigen, ondanks intense bondgenootschappelijke pressie vooraf.

Als leider van een in zijn vezels geraakt land trekt Merkel haar conclusies: we moeten voor onszelf kunnen zorgen. Amerikaanse en Britse commentatoren die de kanselier verwijten de transatlantische relatie te ondermijnen – op hoge toon sprak Financial Times-commentator Gideon Rachman van „een blunder” – zetten de wereld op zijn kop. Want als iemand die relatie ondermijnt is het juist Trump.

Vandaar de zenuwen in Washington. Richard Haass, deken van Washingtons buitenlandpolitieke establishment, én diens tegenpool, NSA-klokkenluider Edward Snowden, spraken na de ‘biertentrede’ van een „waterscheiding”. Dat is geen toeval. Beiden bezien het wereldgebeuren door de lens van Amerikaanse macht. Hetzij met zorg hetzij leedvermaak – beiden voelen de barsten. Amerika verliest greep op Europa.

Ook frappant: Merkel klonk in München als een Franse president. „Het lot in eigen handen nemen”, het is standaardretoriek in Parijs, elementaire uitdrukking van de wil tot handelen. Nog Franser klonken de woorden erna: „Natuurlijk in vriendschap met Amerika en Groot-Brittannië, en goed nabuurschap met Rusland, maar als Europa moeten wij zelf voor onze toekomst strijden.” Amerika met de Britten aan de ene kant, Rusland aan de andere: zoiets zouden Konrad Adenauer of Helmut Kohl nooit over hun lippen hebben gekregen. Daarentegen spoort het volkomen met het Europese denken van president De Gaulle (die de Britten in de 1960 als te pro-Amerikaans buiten de EEG hield) of François Mitterrand. Emmanuel Macron, die zich binnen één week succesvol mat met Trump in Brussel en Poetin in Versailles, stelt zich in deze traditie. Merkel en Macron spreken dezelfde taal. Om wat te doen? Defensie, grensbewaking, eurozone, klimaat? Natuurlijk: niets is concreet, weerstand en onenigheid blijven, alles kan vastlopen, dus Haagse geruststellingen kunnen nog even mee. Maar beweging komt er.

Het verslagen Frankrijk besefte in 1945 dat het enkel via Europa zijn daadkracht als soeverein land kon herwinnen. Voor Duitsland, dat zich na de nazischande militaire macht ontzegde en dat onder VS-paraplu kon blijven doen, is dat vitale moment nu aangebroken. Door Trump schrikt Berlijn uit een geopolitieke coma wakker. Dát is de waterscheiding. Voor ons als klein buurland is het een geluk dat deze nieuwe politieke levenswil zich uit als verlangen naar Europese soevereiniteit, niet als Duits nationalisme. Er hoort wel een opdracht bij: niet wegkruipen, maar ons er als mede-Europeanen toe verhouden.