Broodtrommelambtenaren

Waarom ik zo van ons land hou? Door veel, maar vooral door de fiets van Tjeenk Willink. Een fiets waar hij zelf op fietst! In andere landen zou de onderkoning zich laten fietsen. Maar Herman niet. Herman trapt zelf. Het viel me wel op dat zijn fiets door iemand werd weggezet. Vond ik persoonlijk jammer. Van mij had Herman hem op het Binnenhof zelf tegen een muurtje mogen zetten. Wel op slot. En het mooiste zou het zijn als bij terugkomst zijn fiets weg was. Niet gejat, maar weggehaald door de politie. Omdat de fiets niet tegen dat muurtje mocht staan. Haags geneuzel.

Daarom hou ik zo van ons land. Omdat het aan een toerist niet uit te leggen is dat deze vriendelijke fietsbejaarde bezig is een regering in elkaar te lijmen. Niet met Bison Kit, maar met zo’n wit potje Gluton. En dat deze vriendelijke fietsmeneer er altijd bij geroepen wordt als de kleuters er in de knutselhoek zelf niet uitkomen.

Daarom hou ik zo van ons land. Door dit getut. Dat kleine. In de week dat Trump afsprak voor 110 miljard aan wapens te gaan leveren aan een stelletje in theedoeken gehulde idioten in Saoedi-Arabië en hij zijn land ook nog eens officieel terugtrok uit het Parijse klimaatakkoord (de ijsberen moeten zich binnenkort insmeren met factor tien), hoorde ik dat onze eigen Henkie Kamp twee sjoemelcd’s voor zijn tomtom had aangenomen van de rommelfirma Pon. De waarde van de cd’s? Nog geen 300 euro. Henkie deed dat in de tijd dat hij minister van Defensie was en diezelfde firma Pon allerlei broodtrommeltjesambtenaren van dat ministerie omkocht door hun privé-autootjes een gratis APK-beurtje te geven. Of een reservewinterband. Alleen raakten die arme ambtenaren hun baan kwijt en kregen ze werkstraffen, terwijl Henkie vrolijk vrijuit ging. Mij lijkt het geestig als Kamp alsnog veroordeeld wordt en als werkstraf een weekje of zes de door de aardbevingen getroffen huizen in de provincie Groningen mag gaan stutten.

Daarom hou ik zo van ons land. Omdat het in alle opzichten zo klein is. En ook groot. Heineken haalde onlangs een grapje met me uit. Hun alcoholvrije biertje werd bekroond. Daarna plaatsten ze een advertentie met de kreet YOUPIE! Vond ik grappig. Maar deze week vroeg ik de bierbrouwers op Twitter of ze wegens het commercieel misbruik van mijn ijdele naam 10.000 euro wilden storten op lakdoortijn.nl. Als onderdeel van het miljoen dat nodig is voor een hele dure robot. Die machine kan als enige kinderen met hersenstamkanker hun ingewikkelde medicijnen toedienen. De dodelijke ziekte is bekend geworden door die lieve, nagellakkende Tijn uit Het Glazen Huis. Het antwoord van Heineken kwam binnen een uur. Met een even grote advertentie. En de tien ruggen (Heineken noemt ze flappies!) zijn al betaald. Daarom hou ik van ons land. En natuurlijk weet ik dat dit voor Heineken reclame is en dat ze dat bedrag in twee warme Pinksterdagen veertig keer terugverdienen. Maar ze hadden het ook niet kunnen doen. Deze Bucklerlul was ooit duur genoeg voor ze. Maar ze deden het.

En niet alleen Heineken geeft. Iedereen houdt van Tijn. Er wordt massaal gegeven aan de kleine lieverd. Ik merkte het al aan mijn rijke vrienden die ik een paar weken geleden belde om de eerste kosten te dekken. Allemaal beloofden ze gul te geven en de meesten deden dat ook al. Maar inmiddels doet het hele land mee. In twee dagen heeft het zieke kereltje al een kwart van het miljoen binnen. En ik weet zeker dat hij het streefbedrag gaat halen.

Veel mensen waren verbaasd dat ik deze actie samen met de poldervedette Wendy van Dijk doe. Wij hadden toch ruzie? Ik noem de ruzie een meningsverschil en dat is na een kop zwarte koffie niet veranderd. We zijn het nog steeds volstrekt oneens, maar we weten allebei: er zijn belangrijker zaken dan aards showbizzgeneuzel. Die ziekte moet worden gestopt. En dat kan alleen met geld. Hoeveel? Zoveel mogelijk. Hoe je stort? Kijk maar op lakdoortijn.nl en doe je best. Je kunt door Tijn gekozen kleuren nagellak kopen. Zijn lievelingskleuren blauw, rood, paars en roze. Du Moulinroze! Doe het niet straks, maar nu meteen. En dan pas naar het strand. Daar zucht ik heel zacht tegen Wendy: „Daarom hou ik zo van dit land”.