Column

Vertederend robothulpje

Pikken robots onze banen in? In IJsselmonde staat sinds donderdag een ‘robot-hostess’ bij de gemeenteloketten. Ze is net een beetje op tilt geslagen, als ik kom kijken. Twee medewerksters kantelen haar, op zoek naar haar uitknopje. „Auw auw auw!” klinkt het uit haar speakertjes. „O, sorry, sorry…” zeggen de dames, geschrokken.

Na een korte time-out wordt ze weer ingeschakeld: „Welkom bij de locatie IJsselmonde, ik vind het fijn dat u hier bent, heeft u een afspraak?” Peppert, zo heet ze, komt uit Japan waar dit type robot al vrij gangbaar is in de dienstverlening en de zorg. Glimmend wit kunststof, een playmobilprinses van één meter twintig. Met een tablet op de plaats van haar borsten.

Zwaaien, handgebaren, alles gaat waanzinnig soepel. Haar donkere panda-ogen volgen de passanten. Gewiekst ontworpen om vertedering te wekken. Vooralsnog doet ze weinig anders dan bezoekers doorverwijzen naar de juiste balie, maar het werkt. En geef toe, baliemedewerkers zijn al een soort robots, die strikte procedures afdraaien. Zelfs bij een geboorteaangifte krijg je routinematig het gemeentelijke knuffelbeertje uitgereikt. Onvermijdelijk raken zulke eentonige handelingen straks geautomatiseerd.

Robots zijn bovendien nooit moe, nooit zwanger, nooit nukkig door problemen thuis. Hoeven geen snipper-, papa- of vakantiedagen. En ze blijven onvermoeibaar opgewekt: „Ik vind het fijn dat u hier bent.”

Toch klopt er iets niet. Nu al vind ik onze niet-bemenste wereld soms kil, met al die zelfscanners en betaalautomaten met contactloos pinnen. Zal robotisch pseudo-contact voldoende zijn, als remedie tegen ons contactloos bestaan? En wat doen we dan met al dat werkloze baliepersoneel?

Ook bij Leidschendam-Voorburg zouden ze zo’n robothulpje hebben, Elvie, maar de levering was vertraagd. Wel kwam er, buiten, een dame met een boodschappenwagentje recht op me af. Ze stopte, en zei: „Mijn man kreeg een koninklijke onderscheiding en nu is hij dood.”

Een prachtige openingszin. Daar wilde ik wel meer van weten, dus ik hoorde haar voorzichtig uit. Het verhaal was lang en verward. Toch bedankte ze me na afloop: „Fijn even met u te praten.”

Ineens begreep ik het. Toen ik haar zag wegsloffen. Het moet precies andersom. Elvie en Peppert achter die balies, saaie formulieren invullen en andere geestdodende procedures doorlopen, terwijl die medewerkers van vlees en bloed een nieuwe, veel bevredigender functie krijgen. Ze lopen rond. Ze maken wat praatjes.

Robotisering hoeft geen ontmenselijking te beteken. Stel je zieken-, gemeente- en verpleeghuizen voor waar robotica het vuile en saaie werk overneemt. Dan krijgen echte mensen tijd en energie om echt contact te maken met echte mensen.

Christiaan Weijts schrijft elke vrijdag een column.