De toekomst van de euro: beter bestand tegen schokken

Scenario’s voor Europa

Bij een muntunie zonder schokdempers hakt elke crisis er keihard in. Dat kan en moet anders, vindt de Europese Commissie.

Tijdens de eurocrisis trok het gebrek aan sociale bescherming een spoor van vernieling, vooral door Zuid-Europese samenlevingen. Foto Costas Baltas/Reuters

De euro weer begeerlijk maken. Daar draait het om in een woensdag door de Europese Commissie gelanceerd discussiestuk, met een overzicht van mogelijke hervormingen. Die moeten een herhaling van de eurocrisis, die banken en zelfs complete samenlevingen deed wankelen, voorkomen, of in elk geval een stuk moeilijker maken. Behalve een handig betaalmiddel voor op vakantie, moet de Europese munt ook een veilige thuishaven worden, voor burgers en bedrijven.

Het sleutelwoord: schokdempers. Elke muntunie heeft ze, behalve de Europese. Elke crisis hakt er daardoor snoeihard in. En hoe groter de sociale en economische schade, hoe moeilijker het is om er daarna weer bovenop te komen. „De status quo is geen optie”, zei eurocommissaris voor Economische Zaken en Belastingen Pierre Moscovici woensdag tijdens een persconferentie. Als de EU het „gevaarlijke populisme” vóór wil blijven, moet de euro weer snel „een vehikel van gedeelde welvaart” worden.

Om te beginnen moeten staatsleningen volgens de Commissie veiliger worden gemaakt. Nu heeft een bank doorgaans veel obligaties van het eigen thuisland op de balans staan. Maar wat als nou net dát land in de problemen komt? Door in navolging van de Amerikaanse ‘treasury bonds’ Europese ‘safe assets’ in het leven te roepen, waarbij schuldpapier uit economisch sterkere landen wordt vermengd met obligaties uit zwakkere landen, kunnen financiële instellingen risico’s beter spreiden.

Als de EU het „gevaarlijke populisme” vóór wil blijven, moet de euro weer snel „een vehikel van gedeelde welvaart” worden

Moscovici benadrukte dat het hier niet gaat om het elkaar verantwoordelijk maken voor elkaars schulden, een concept dat heel gevoelig ligt, vooral in rijkere, Noord-Europese landen als Nederland en Duitsland. Het doel is voorkomen dat het lot van een bank te veel aan dat van één land verbonden is – en andersom. Tijdens de eurocrisis zorgde dat voor een giftige dynamiek.

Bijspringen in tijden van crisis

Behalve zo’n financiële schokdemper bepleit de Commissie ook sociaal-economische ‘stabilisatoren’. Zo moet er volgens Moscovici worden nagedacht over een Europees mechanisme om investeringen in de publieke sector te beschermen. Bij een crisis wordt er volgens hem vaak „als eerste” gesneden in publieke werken, juist op een moment dat een economie beter gestimuleerd kan worden. Met een Europees noodfonds, waaruit alleen onder strikte voorwaarden geleend zou kunnen worden, kan die klap op een cruciaal moment worden uitgesteld - en dat kan economisch herstel weer bespoedigen.

Ook een optie: een Europese ‘herverzekering’ voor nationale werkloosheidssystemen, waarbij landen, ook weer voorwaardelijk, in noodsituaties toch een minimum aan sociale bescherming in stand kunnen houden. In crisistijd wordt er een zwaarder beroep gedaan op uitkeringen, terwijl de middelen hiervoor juist ineen schrompelen. Deze ‘kortsluiting’ trok tijdens de eurocrisis een spoor van vernieling, vooral door Zuid-Europese samenlevingen. De geldkraan moest resoluut dicht. De schade - 50 procent jeugdwerkloosheid, verloren generaties – is moeilijk te herstellen.

Moscovici wond er geen doekjes om: zulke schokdempers vereisen dat de eurozone over eigen middelen beschikt. Ook is er vanuit Brussel meer dwingende coördinatie nodig, en misschien ook een Europese minister van Financiën. Bovendien kan Europa niet altijd blijven kijken naar Mario Draghi, de voorzitter van de Europese Centrale Bank, en diens monetaire krachttoer om de motor aan de praat te krijgen. De grens daarvan is bereikt, zei Moscovici.

Historische kans

De hervormingen mogen niet leiden tot permanente ‘transfers’, waarbij de beste jongetjes van de klas opdraaien voor de slechtste – een in Noord-Europa populair angstbeeld. Maar als het ‘ieder voor zich’ blijft, zullen eurolanden verder uit elkaar groeien. „We moeten vooral op langere termijn veel ambitieuzer zijn”, zei Moscovici.

Zijn collega Valdis Dombrovskis (Euro en Sociale Dialoog) erkende dat het geen makkelijk debat wordt, omdat landen elkaar meer zullen moeten vertrouwen. Tegelijkertijd is dit wel het beste moment om het te voeren, omdat het weer beter gaat met de Europese economie en er niet onder hoge druk of in paniek gehandeld hoeft te worden, zoals zeven jaar geleden. „Laten we niet wachten op de volgende crisis”, zei de Letse oud-premier.

Bovendien is het politieke klimaat ernaar. Door de Brexit zijn lidstaten dichter tegen elkaar aan gekropen. En de recente verkiezingsoverwinning van Macron in Frankrijk heeft pro-Europese krachten een belangrijke impuls geven. „We kunnen deze historische kans niet laten liggen”, aldus Moscovici. „We zitten in een nieuwe fase, die zonder meer positiever is.”