Wat te doen met afgedankte elektrische-autoaccu’s?

Wekelijks zoekt de redactie wetenschap het antwoord op een veelgestelde vraag. Vandaag: is de accu van de elektrische auto een milieuprobleem?

Foto iStock

Een van de gevolgen van de elektrificering van het autopark zal zich over een jaar of tien pas openbaren: een aanzwellende stroom van afgedankte accu’s. Is daar al over nagedacht? Ja. Wordt dat een nieuw milieuprobleem? Dat is niet heel waarschijnlijk, maar het is een gecompliceerde kwestie.

Tot dusver zit in elke auto’s een loodaccu, en de recycling van loodaccu’s is inmiddels routine, vooral omdat het lood heel goed hergebruikt kan worden voor nieuwe accu’s. Het is lonend loodaccu’s in te zamelen en naar een verwerkingsbedrijf te brengen.

Dat geldt ook voor de nikkel-metaalhydride-accu’s (NIMH) die vooral in hybride auto’s zitten. De materialen die je eruit kan halen – vooral nikkel, kobalt en ijzer – zijn gewilde grondstoffen voor de fabricage van roestvrij staal. Recycling is dus lonend, net als bij de loodaccu is de prijs die je voor de materialen op de markt kunt krijgen hoger dan de kosten van ontmanteling van de accu.

Bij de moderne lithium-ion-accu’s is het verhaal minder simpel. Deze li-ion-accu’s vind je tegenwoordig vooral in smartphones en laptops, maar ook in hybride en full-electric auto’s als de Tesla en de Nissan Leaf. Een li-ion-accu heeft als groot voordeel een hoge energiedichtheid (veel capaciteit per kilogram accu), maar als nadeel dat het een gecompliceerd systeem is. Er gaan veel verschillende materialen in een li-ion-accu, waaronder elektronische componenten die de ladingstoestand en de temperatuur van de accu bewaken. Bovendien kan een li-ion-accu bij ondeskundige behandeling in brand vliegen. Dat maakt dat de kosten van ontmanteling flink hoger zijn dan de restmaterialen opbrengen.

Wel kunnen li-ion-accu’s die uit auto’s komen in sommige gevallen nog een tijdje dienst doen bij de energieopslag van zonne-energie. Daar is een geringe capaciteitsvermindering minder een probleem. Dat gebeurt bijvoorbeeld op vliegvelden, waar zonnecellen li-ion-accu’s opladen die ’s nachts hun energie afstaan aan de verlichting van landingsbanen.

Maar als ook dat afgelopen is wordt in een verwerkingsbedrijf de lading van de li-ion-accu eerst geneutraliseerd door bijvoorbeeld verhitting, daarna volgt vermaling. Uit de vermalen accu’s kunnen de meest kostbare metalen teruggewonnen worden: vooral aluminium, koper en kobalt. Daarmee is ongeveer 60 procent van het oorspronkelijke gewicht gemoeid. Het residu wordt als slak gebruikt in bijvoorbeeld de wegenbouw. Lithium (ongeveer 1 procent van het accugewicht) wordt in het algemeen niet teruggewonnen, maar dat kan veranderen als de prijs van lithium gaat stijgen.

De inzameling en verwerking van een li-ion-accu is al met al een kostbare zaak, reken maar op een paar euro per kilo. Bij accupakketten die in sommige gevallen de 400 kg benaderen gaat het dus om een flink bedrag. De importeurs betalen dat, en ze verdisconteren dat in de prijs van de auto.

Omdat het voordeliger is een li-ion-accu te dumpen dan hem te laten verwerken, wordt op de juiste verwerking scherp toegezien. In Nederland is ARN (voorheen Auto Recycling Nederland) belast met de recycling van auto-accu’s en als de Rijksdienst Wegverkeer (RDW) meldt dat er een auto is ingeleverd met een E op het kentekenbewijs, wordt de accu in de gaten gehouden. In 2016 volgde ARN 223 li-ion-accu’s. Meestal accu’s die defect waren of accu’s uit schadeauto’s. Van die 223 accu’s kregen 32 een tweede leven, 191 accu’s werden naar een verwerkingsbedrijf gebracht.