De Thuiskok: Spareribs

Het eerste dat ik ooit in de keuken maakte van pindakaas was pindasaus. Paar lepels in een pannetje, wat ketjap, sambal, gember en kokosmelk erbij en je hebt een fantastische saus voor bij rijst, vlees of gewoon op brood. Een marinade van pindakaas zoals dit recept heb ik nog niet eerder gemaakt, maar het zal vast niet anders smaken.

Verwijder het vlies aan de holle kant van de spareribs door met een mesje tussen het vlies en het bot een opening te maken. Trek het vlies los. Doe de spareribs in een grote pan. Doe de peperkorrels, laurier, peterselie, ui en wortel erbij. Voeg voldoende water toe om de spareribs onder water te zetten. Breng aan de kook en laat ze 1 ½ uur heel zachtjes koken. Maak ondertussen de saus. Doe de pindakaas, aardbeienjam, cayennepeper en gemalen chipotle in een steelpan. Zet deze op een heel laag vuurtje, blijf zo’n 10 minuten goed doorroeren en zet het vuur dan uit. Haal na 1½ uur de spareribs uit het water, dep droog met wat keukenpapier en leg ze op een ovenplaat/ovenschaal. Smeer de spareribs aan beide kanten dik in met de saus. Je kunt de spareribs nu 20 tot 30 minuten afbakken in een voorverwarmde oven op 200 graden. Of bak ze af op de barbecue. In beide gevallen is het belangrijk dat je de spareribs halverwege de baktijd nog een keer goed bestrijkt met de saus.