Cultuur

Interview

Interview

Foto AFP

‘Klimaatakkoord stort niet in als Amerika afhaakt’

Janet Ranganathan, klimaatexpert

De aarde kan met 0,5 graden extra opwarmen als president Trump besluit het klimaatakkoord op te zeggen. Toch is Janet Ranganathan van het World Resources Institute optimistisch. „Veel Amerikaanse steden, staten en bedrijven hebben gezegd gewoon door te zullen gaan.”

„Het kan 0,1 tot 0,5 graden aan extra opwarming betekenen”, zegt Janet Ranganathan van het World Resources Institute (WRI), een grote internationale denktank voor klimaat en duurzaamheid, over het mogelijke besluit van president Donald Trump om uit het klimaatakkoord van Parijs te stappen. „Dat lijkt misschien niet zoveel, maar het is gigantisch.”

In deze berekening, die overigens niet is gemaakt door het WRI zelf, wordt er van uit gegaan dat in VS zelf het klimaatbeleid flink wordt afgezwakt, en dat mede daardoor het ambitieniveau in andere landen zal verminderen.

Maar Ranganathan is niet alleen pessimistisch. „Vorige week, tijdens de G7-top hebben de grote westerse industrielanden duidelijk gemaakt dat zij hoe dan ook door zullen gaan op de weg van Parijs. China zal dat zeker ook doen. India heeft gezegd niet te zullen stoppen, en Australië inmiddels ook. Ik geloof dus niet dat het klimaatakkoord zal instorten, zoals sommigen hebben voorspeld, als Amerika afhaakt.”

Ook binnen de Verenigde Staten zelf zal volgens Ranganathan geen einde komen aan het klimaatbeleid. „Veel Amerikaanse steden, staten en bedrijven hebben gezegd gewoon door te zullen gaan”, aldus Ranganathan. „Er bestaat momentum voor schone energie. Daar zal Trumps besluit geen einde aan maken. Mijn stelling is dat de transitie naar duurzame energie gewoon doorgaat. Niet alleen vanwege het klimaat, maar omdat het verstandig is om allerlei redenen: het schept banen, het versterkt de binnenlandse veiligheid, het zorgt voor meer energiezekerheid en schone lucht.”

Maar zijn er dan helemaal geen voordelen voor de VS om er uit te stappen? Ook niet economisch?

„Ik zie ze niet. Behalve dan voor Trump persoonlijk, die hiermee een verkiezingsbelofte inlost. Maar meer dan 70 procent van de Amerikanen is voor een zekere mate van klimaatbeleid. Zelfs een kleine meerderheid van de Republikeinen is voor. Het gaat om een klein deel van de economie dat zich verzet tegen elke regelgeving op dit gebied.

„Het aantal banen in de kolenindustrie is veel kleiner dan in de duurzame energie. En er bestaat geen economisch model meer waarin de kolenindustrie floreert. De komende vijf tot tien jaar zal steenkool internationaal uit de markt geprijsd worden. Dus wat bied je mensen die je belooft dat ze weer een baan gaan krijgen in de mijnbouw?”

Zouden andere landen de Amerikaanse verplichtingen kunnen overnemen?

„Er zijn nog zoveel meer mogelijkheden om broeikasgassen te reduceren, die amper worden aangeboord. De belangrijkste is energiebesparing. Maar ook voedselproductie. Die is verantwoordelijk voor een kwart van alle emissies en nog steeds wordt er heel veel voedsel weggegooid.”

Behalve over het klimaatakkoord, maakt Ranganathan zich ook grote zorgen over de financiering van de klimaatwetenschap. „NASA, NOAA [Amerikaans meteorologisch instituut] en de National Science Foundation hebben fantastische programma’s op het gebied van klimaatwaarnemingen en -metingen. Die worden bedreigd door enorme bezuinigingen en in sommige gevallen complete afbraak. Dat kan niemand opvangen. Het heeft jaren geduurd voordat dit soort programma’s er waren en tot bloei kwamen, ze worden in korte tijd verwijderd. En het zal weer jaren duren voor ze op sterkte zijn.

„Het milieuagentschap EPA verliest een derde van zijn budget. Bij NASA vallen de bezuinigingen mee, maar ze gaan ten koste van de vier grote observatieprogramma’s voor de planeet. Die krijgen geen geld meer. Alle kennis en informatie over klimaatverandering is in de afgelopen tijd door de regering van officiële websites verwijderd.”

Volgens Ranganathan zijn veel mensen die nu nog bij dit soort organisaties werken heel bang – en niet alleen voor hun baan. Ze worden er gemakkelijk van beschuldigd een „klimaatmol” te zijn. „Ik heb met verschillende mensen daar contact. Maar velen gebruiken alleen nog hun Gmail of bellen van huis uit.”

Ook zonder het besluit over het klimaatakkoord is Trump dus al bezig met de ontmanteling van Obama’s klimaatbeleid. In maart kondigde hij aan een einde te maken aan het Clean Power Plan, het paradepaardje van Obama’s klimaatbeleid waarin met name de uitstoot van broeikasgassen door (kolen)centrales aan banden werd gelegd. Daardoor was al duidelijk dat de VS de Amerikaanse doelstelling (een reductie van broeikasgassen in 2025 met ruim een kwart ten opzichte van 2005) nauwelijks nog konden halen.

Het effect van Trump op de klimaatplannen van Obama. Zie [1] de totale uitstoot van de VS, [2] de vereiste reductie voor 2025 en wat daarvan al gerealiseerd is en [3] reductie van plannen die Trump schrapt.

„Verder wordt de financiering van klimaatbeleid in ontwikkelingslanden bedreigd”, zegt Ranganathan. „Obama heeft in de laatste weken van zijn presidentschap nog 1 miljard dollar bijgedragen aan het klimaatfonds van de Verenigde Naties. Maar de VS hebben vier miljard toegezegd en Trump is niet van plan die te betalen.”

Veel van de programma’s van ontwikkelingslanden zijn afhankelijk van financiering door rijke landen. Als de huidige trend doorzet zijn de ontwikkelingslanden de klimaatvervuilers van de toekomst. „Wat denk je dat dat doet met die landen”, vraagt Ranganathan zich af. „Als ze het beloofde geld niet krijgen en het leiderschap van de tweede grootste economie ter wereld ontbreekt?”

Het klimaatakkoord van Parijs was een teken van hoop, zegt Ranganathan. „Kennelijk was de wereld in staat om samen te werken en zo’n grote bedreiging aan te pakken. Dan is het dus de vraag wat het betekent als een powerhouse als de VS, een van de belangrijkste landen in de wereld, de tweede grote uitstoter, aan de zijlijn gaat staan. Samen met Syrië en Nicaragua. Het zou een soort nationale schande zijn en zeer teleurstellend.”