Internationale beleggers in het geweer tegen extra bescherming Nederlandse bedrijven

De „extreme maatregelen” van minister Kamp maken Nederland minder aantrekkelijk voor investeringen, vinden buitenlandse beleggers.

Dulux is een merk van het Nederlandse verfconcern AkzoNobel, dat een ongewenst overnamebod kreeg van het Amerikaanse bedrijf PPG. Foto Reuters

De politieke discussie over bescherming van Nederlandse multinationals tegen vijandige overnames heeft ook in het buitenland de aandacht getrokken. Een dag voordat het thema in een hoorzitting in de Tweede Kamer aan de orde komt, stromen de commentaren van grote internationale beleggers binnen. Hun boodschap: extra beschermingsmuren maken Nederland minder aantrekkelijk voor investeringen en belonen zwak bestuur.

Onder andere vermogensbeheerders Aberdeen, Schroders en Jupiter, samen goed voor een kleine 900 miljard euro aan beleggingen, hebben een brief gestuurd naar de Kamer. Daarnaast is er een stevige position paper binnengekomen van het International Corporate Governance Network (ICGN), een wereldwijde vereniging van institutionele beleggers waarbij ook de Nederlandse pensioenfondsen en verzekeraars zijn aangesloten.

Zij verzetten zich tegen de voorstellen van demissionair minister Kamp (Economische Zaken). Die wil Nederlandse multinationals een wettelijke bedenktijd gunnen van een jaar in geval van een vijandig bod. Ook is Kamp van plan om aandeelhouders in die periode de mogelijkheid te ontnemen bestuurders en commissarissen te ontslaan.

Sprookje voorbij

De voorstellen zijn een reactie op recente, ongewenste overnamedreiging voor PostNL, Unilever en AkzoNobel. Laatstgenoemde is ondanks herhaalde afwijzingen nog altijd doelwit van belager PPG, dat tot uiterlijk donderdagavond heeft om een vijandig bod uit te brengen. Een aandeelhoudersrevolte tegen bestuur en commissarissen van AkzoNobel strandde eerder deze week voor de Ondernemingskamer.

Behalve politici pleiten ook werkgeversclub VNO-NCW en topbestuurders als Jan Hommen (oud-ING), Jeroen van der Veer (commissaris bij Philips en ING) en Hans Wijers (oud-AkzoNobel) voor extra beschermingsmaatregelen. Henk Volberda, hoogleraar ondernemingsbeleid aan de Erasmus Universiteit waarschuwt dat zonder ingrijpen „het sprookje” straks voorbij is. „Door de lage rente kunnen Amerikaanse en Chinese concerns ondersteund door private-equitypartijen de tekortgekomen aandeelhouder paaien met aantrekkelijke biedingen’”, stelt Volberda vast. Het resultaat is óf een overname, óf een ingrijpende wijziging van de strategie. En dat betekent in de praktijk een terugkeer naar het „verfoeide Angelsaksische model’’, volgens de hoogleraar.

Lees ook dit opiniestuk van Jan Hommen, Jeroen van der Veer en Peter Wakkie:
Goed idee van Kamp: een jaar bedenktijd bij overname

Extreme maatregelen

Maar volgens internationale beleggers zijn Nederlandse ondernemingen op dit moment al genoeg beschermd. Zo hebben veel beursgenoteerde bedrijven eigen beschermingsmuren die ze kunnen optrekken in geval van nood. Bovendien geldt er al een responstijd van een half jaar in geval van een vijandig bod, vastgelegd in de Code Corporate Governance – de Nederlandse regels voor goed bestuur die toezien op die de machtsbalans tussen bedrijfstop en aandeelhouders. Ook zijn er volgens investeerders al voldoende waarborgen om agressieve, op korte termijn gerichte aandeelhouders op afstand te houden. Opstandige Akzo-beleggers kregen voor de rechter bijvoorbeeld geen voet aan de grond.

De briefschrijvers spreken daarom van „extreme maatregelen” van Kamp, die niet alleen de belangen schaden van institutionele beleggers en hun klanten – vaak pensioengerechtigden – maar ook negatieve gevolgen hebben voor de Nederlandse economie. Extra bescherming houdt zwakke bestuurders namelijk de hand boven het hoofd en maakt Nederlandse bedrijven minder aantrekkelijk voor investeringen, aldus de beleggers, die benadrukken te investeren „met het oog op de lange termijn”.