Column

Een dienaar van de staat

Vanaf het moment dat Edith Schippers zijn naam uitsprak, leek het alsof er een tovenaar uit een oude tijd over het Binnenhof aan kwam vliegen. Iemand die in heel zijn wezen tegengesteld is aan de moderne politicus. Een antipopulist. Rechtstatelijk, functioneel, met gevoel voor de rol van het koningshuis. En iemand die wij persoonlijk niet kennen. Niet voor niets sprak Rutte over hem als „meneer Tjeenk Willink”, terwijl hij na vijven vast Herman mag zeggen.

Schippers had geen betere zet kunnen doen om de populisten het bloed onder de nagels vandaan te halen. Die hebben een hekel aan continuïteit en aan de wet als rustpunt voor ons allen. Ze willen uitzonderingen. En dus bitste Wilders dinsdagmiddag dat de informateur „ongeveer uit de Middeleeuwen” kwam en vroeg Baudet zich af: „Is er in de huidige generatie politici niemand die de koe bij de horens kan vatten?” Nee dus.

Ik kan maar één reden bedenken waarom ze als een stier op een rode lap reageren: uit angst dat het Tjeenk Willink wél zal lukken een meerderheidskabinet tot stand te brengen. Een impasse werkt extra onvrede in de hand, een succes kan het land nieuw elan geven.

Wat ik niet had verwacht: de achterdocht waarmee traditionele media die het populisme al jaren kritisch volgen met eigen onderzoek, nu berichten over „onderkoning” Tjeenk Willink. „Een pikante keuze”, volgens de Volkskrant, iemand „die nauwe banden heeft met het Koninklijk Huis”, volgens NRC. AD stelt zijn „herrijzenis” vast. Typeringen die suggereren alsof hij oude politiek bedrijft.

De staatsman die functionaris is, moet en zal een persoonlijk gezicht bezitten en persoonlijke motieven die verklaren waarom hij doet wat hij doet. Motieven die zijn rol in dit drama verklaren. Hij draaide al mee in de tijd van Den Uyl, constateerde een Kamerlid dinsdag. Dan moet je wel van de achterkamertjes zijn. Heeft hij dan rechters gemanipuleerd in de Raad van State? Heeft hij de koninklijke familie bevoorrecht? Rijdt hij in een Maserati?

Nee, het zijn pogingen om Tjeenk Willink als persoon verdacht te maken, juist omdat hij niet zo is. Hij zit niet elke avond bij Humberto Tan. Hij stamt uit een tijd dat dienstbaarheid voor een ambtenaar nog normaal was. Niet om iets te verbergen, maar domweg omdat je persoonlijkheid er niet toe deed. Een dienaar van de staat, met kwaliteiten die los staan van zijn aanzien.

Dat is precies het omgekeerde van een politicus die denkt met zijn persoonlijkheid de wereld te veroveren en dan twee zetels binnenhaalt.

Jutta Chorus (Twitter: @juttachorus) schrijft op deze plek een wisselcolumn met Tom-Jan Meeus.