Cultuur

Interview

Interview

De Belgische schrijver David van Reybrouck tijdens de uitreiking van de door hem gewonnen Gouden Ganzenveer 2014.

Foto Remko de Waal/ANP

‘Wie een conflict begraaft, begraaft een landmijn’

David Van Reybrouck (45), auteur en cultuurhistoricus, ziet heil in verplichte ‘vredeslessen’ op school. Hij schreef er een essay over met Thomas d’Ansembourg. „Denken dat enkel boze moslimjongeren de rotte plek in onze samenleving zijn, is fout.”

‘Na elke aanslag kolk ik van woede. Uiteraard. Maar dan dwing ik mijzelf tot nuchterheid. Met emotionele oorlogsretoriek gaan we het terrorisme niet verslaan.”

Tot die conclusie kwam de Vlaamse schrijver en historicus David Van Reybrouck (45) niet vorige week, na de terreur in Manchester, maar al veel eerder, na de aanslagen van november 2015 in Parijs en vorig jaar maart in Brussel.

In die periode sprak hij een aantal keer met de Waalse therapeut Thomas d’Ansembourg, schrijver van het zelfhulpboek Stop met aardig zijn en een wereldautoriteit op het gebied van geweldloze communicatie. Gezamenlijk kwamen ze tot de conclusie dat niemand wordt geboren als jihadist of moordenaar en dat we, in antwoord op terroristische aanslagen, meer moeten doen dan alleen onze samenlevingen beveiligen en oproepen tot het vergelden van geweld met geweld.

Hun inzichten brachten ze samen in het essay Vrede kun je leren, waarin ze betogen dat de politiek wel een antwoord kan geven op terreur door terroristen onschadelijk te maken maar dat dit geen garantie biedt op een duurzame vrede.

„Als geweld oplaait in het hart en geweten van de mens, is vrede namelijk ook een kwestie die van binnenuit moet worden aangepakt”, schrijven ze. Het antwoord ligt volgens hen dan ook in een opvoeding tot vrede. En dus zou het wijselijk zijn om op scholen mindfulness en lessen in geweldloze communicatie, waarbij leerlingen leren nadenken over de manier waarop ze zich uiten, verplicht te stellen.

„We besteden veel aandacht aan ons lichaam”, zegt Van Reybrouck aan de telefoon vanuit Berlijn. „We sporten, eten gezond, zorgen voor ons vel en poetsen onze tanden. Maar weinig mensen weten dat hetzelfde geldt voor onze geestelijke gezondheid.”

Als kinderen opgroeien met innerlijke vrede, leidt dat tot een samenleving met minder terreur. Is dat jullie stelling?

„Natuurlijk moeten we politieke antwoorden vinden op geweld en terreur. Justitie en staatsveiligheid moeten werk maken van deradicaliseringsprogramma’s. Maar denken dat enkel boze moslimjongeren de rotte plek in onze samenleving zijn, is fout. Ook in de rest van onze maatschappij zitten ziektekiemen. In West-Europa doet 10 tot 15 procent van de adolescenten aan een vorm van automutilatie. Alleen al in Frankrijk staat 12 procent van de bevolking op het randje van burn-out en slikt 30 procent antidepressiva. Onze ongenadig harde wereld maakt overal slachtoffers, niet alleen in de banlieue.”

Hoe kan mindfulness of geweldloze communicatie deze problemen verhelpen?

„Thomas en ik denken dat ieder van ons gewelddadig kan worden als hij zich onbegrepen voelt of zichzelf niet meer begrijpt. Mindfulness en geweldloze communicatie zijn instrumenten om dit tegen te gaan. Geweldloze communicatie werd in de jaren zestig ontwikkeld door de klinisch psycholoog Marshall Rosenberg. Hij bedacht een methode waarbij mensen leren nadenken over de manier waarop ze zich uiten. Ze leren te kijken naar hun reacties, niet te snel te oordelen en scherp te luisteren. Zo ontwikkelen ze empathie voor zichzelf en de ander.”

En hoe leidt mindfulness tot minder geweld en meer positiviteit?

„Er verschijnen steeds meer wetenschappelijke studies over mindfulness. Hersenscans laten zien dat bij mensen die dagelijks een korte mindfulness-training doen, het gebied in het brein dat positieve gedachten teweegbrengt al wordt geprikkeld. Een recente studie op drie scholen in Noord-Wales heeft aangetoond dat kinderen tussen zeven en negen jaar na acht weken mindfulness-oefeningen al een positiever zelfbeeld kregen. In Groot-Britannië brachten Britse parlementariërs in oktober 2015 een rapport uit, Mindful Nation UK, waarin ze het voorstel deden dat de staat mindfulnesstherapieën gaat medefinancieren en dat scholen de middelen krijgen om met leerlingen te gaan mediteren.”

Toch wordt mindfulness nog steeds niet serieus genomen.

„Ja, ik had ook lang moeite met die term. Rond mindfulness is inmiddels een ware hype ontstaan: het is het toverwoord voor de geest, zoals ‘glutenvrij’ dat is voor het lichaam. De term wordt vaak verkeerd gebruikt. Sommigen zien het slechts als een oefening tot verbetering van het individuele welzijn, terwijl het bij mindfulness draait om compassie: een diepe betrokkenheid voor wat de ander beleeft en ervaart waardoor je met een milde blik naar jezelf en anderen kunt kijken. Misschien moeten we er een ander woord voor gaan gebruiken. In het Duits spreekt men over ‘Achtsamkeit’. Wij kennen alleen het woord ‘verontachtzamen’.”

Toch doen jullie met dit essay nu ook mee met die mindfulnesshype.

„Ik ben immuun voor hypes. Waardevol is waardevol. En wij verbreden het concept. Tussen de politiek en de psychologie staat op dit moment een schot. Wij willen die twee werelden overbruggen. Werken aan vrede is niet alleen heilzaam voor de geestelijke gezondheid van het individu maar ook nuttig voor de gezondheid van het sociale weefsel. Het gaat om volksgezondheid, soms zelfs om staatsveiligheid.”

Heeft u een voorbeeld?

„Er is een school in een achterstandswijk in Baltimore waar leerlingen de dag beginnen met ademhalingsoefeningen. Als er ruzie is, worden ze niet naar de decaan gestuurd, maar moeten ze naar de Mindful Meetroom. Er zijn daar geen nablijvers. Stel dat de dader van de aanslag in Manchester op die school had gezeten, had hij dan hetzelfde gedaan? Ik denk het niet. Je kunt niet elke vorm van geweld uit de wereld bannen, maar als het op deze manier kan afnemen, is er al veel gewonnen.”

Als het aan jullie ligt, wordt geweldloze communicatie een verplicht schoolvak.

„Om een epidemie te overwinnen moet iedereen leren zijn handen te wassen. Uiteindelijk gaat het hier om mentale hygiëne. Deze wordt effectiever naarmate meer mensen het doen. We moeten weg uit de hoek van de vrijblijvendheid. Het is net als bij vaccinatie tegen polio: als tien procent van de mensen het doet, zal je de ziekte niet uitbannen, pas als je het verplicht stelt, wordt het effectief.”

Volgens jullie bestaat vrede niet uit een leven zonder conflicten, maar met conflicten.

„Vroeger loste ik conflicten op door ze te begraven. Ik kon niet goed uiten waar ik behoefte aan had. Tot mijn dertigste was ik ook niet bezig met mijn geestelijke gezondheid, tot ik in een pijnlijk conflict terechtkwam. In die tijd had ik veel aan de boeken van Thomas en begon ik beter zicht te krijgen op wat er vanbinnen speelde. Sindsdien probeer ik een conflict op te lossen voordat het uitmondt in een ruzie met een ander of met mezelf. Inmiddels weet ik: wie een conflict begraaft, begraaft een landmijn.”

Doet u zelf aan mindfulness?

Ik gebruik Headspace, een app die mij dagelijks begeleidt tijdens een mindfulness-oefening van zo’n tien minuten. Door ’s ochtends een moment in te lassen waarbij mijn lichaam diep ontspant en ik even stop met denken, voel ik dat ik gedurende de dag meer aankan. Mijn geest wordt ruimer en de grens tussen mij en anderen wordt wat zachter. Mijn empathie groeit en ik ben milder tegenover mijzelf en anderen. Dat is echt iets wat je moet oefenen, net zoals je moeite moet doen om een taal onder de knie te krijgen. Aan vrede moet je werken.”

Vrede kun je leren. David Van Reybrouck en Thomas d’Ansembourg. Bezige Bij, 12,99 euro.