Cultuur

Interview

Interview

Pieter Sijpersma: „Het voornaamste probleem is oplageverlies. Dat los je niet op met meer kleur, of een nieuwe columnist. De krachten die spelen zijn veel groter.”

Foto Kees van de Veen

‘Regionale krant mag mening hebben’

Pieter Sijpersma

Hoofdredacteur Sijpersma van het Dagblad van het Noorden vertrekt na dertien jaar. „De journalistieke mores zijn op de achtergrond geraakt.”

Zijn naam staat er wel onder, maar Pieter Sijpersma heeft de tekst van de welkomstbrief voor nieuwe abonnees van het Dagblad van het Noorden zeker niet geschreven. „Hier staat het woord ‘online’. Dat zou ik nooit gebruiken.” Nee, dit moet van de afdeling marketing komen.

Pieter Sijpersma (1953) is een hoofdredacteur met principes. Engelse woorden komen in zijn stukken niet voor. Een ander principe was dat hij maximaal tien jaar zou aanblijven – maar dat werden er toch dertien. Op 1 september vertrekt hij bij het Dagblad, na er sinds 2004 aan het roer te hebben gestaan. Bijna een kwart van zijn leven runde Sijpersma het dagblad voor Groningen en Drenthe. Nu gaat hij de directie van moederbedrijf NDC Mediagroep adviseren, dat verder nog twee Friese kranten en een aantal huis-aan-huisbladen bezit.

De Fries kreeg bekendheid door zijn hoofdredactionele commentaren. Die probeert hij dagelijks zelf te schrijven. Daarbij geldt een aantal stelregels: bij voorkeur een regionaal onderwerp, altijd een paar oude woorden, op zaterdag wat frivoler – en dus geen Engelse woorden.

Vindt u het niet ouderwets om zo gefocust te blijven op commentaren?

„Dan is het maar ouderwets. Er zijn zoveel dingen ouderwets tegenwoordig, en die komen ook weer terug. Dat interesseert me niet. Bovendien leven we in een tijd met meer meningen dan ooit, dus waarom zou de krant niet zelf een mening hebben?”

Hoe hebt u uw eigen werk over de afgelopen jaren zien veranderen?

„Toen ik journalist werd, en later bij de Leeuwarder Courant in de hoofdredactie kwam, was je eigenlijk de hele dag bezig met de mores van het vak. Doen we het goed? Hebben we voldoende weerwoord gepleegd? Zijn we fair? Maar sinds de eeuwwisseling raken de mores op de achtergrond en ben je als hoofdredacteur vooral bezig lekken te repareren.”

Wat bedoelt u met lekken?

„Het voornaamste lek is natuurlijk het oplageverlies. Je lost het niet op met nog meer kleur, of een nieuwe columnist. Dat werkt maar even. De krachten die spelen zijn veel groter.

Volgens Sijpersma zal de papieren krant wel blijven bestaan, maar wordt het uiteindelijk een eliteproduct voor een kleine groep mensen die „bovenmatig” in de actualiteit is geïnteresseerd. Krantenbedrijven – vooral regionaal - moeten zich wat hem betreft gaan richten op hun product: nieuws. „En niet op het bedrukken van papier. Het nadeel is alleen dat je met nieuwe media nu nog geen stuiver verdient.”

Jullie hebben bij NDC om kosten te besparen de binnenland- en buitenlandpagina’s samengevoegd met die van de Leeuwarder Courant. Dat leverde soms nog frictie op, zei u ooit.

„Laat ik het zo zeggen: in Friesland worden dingen soms anders bekeken dan in Groningen en Drenthe. Bijvoorbeeld: De Leeuwarder Courant is een heel ernstige, wat bedaagde krant. Maar het Dagblad van het Noorden zeilt bij wijze van spreke soms wel graag op één oor.”

De Persgroep heeft dezelfde keuze van samenvoeging gemaakt voor de regionale kranten van Wegener. Ziet u verschillen met hoe zij het aangepakt hebben?

„Van De Persgroep heb ik het idee dat ze serieuze kranten willen maken die er toe doen in het eigen gebied. Dat vind ik voorbeeldig. Maar soms maken ze wel keuzes waarvan je zegt: zou ik niet doen.”

Zoals?

„Ik kan me voorstellen dat een concern met het formaat van de Persgroep zegt: wij geven de regionale kranten toch ook een eigen aandeel in het verwerven van binnen- en buitenlands nieuws. Dat halen ze nu allemaal van het AD. Maar een serieuze regionale krant is een volledige krant, met een volwassen aanbod van dat nieuws. Ik zou graag kiezen voor een paar mensen die bijvoorbeeld politiek Den Haag volgen. De NDC heeft die schaal jammer genoeg niet.”

De afgelopen jaren is de gaswinning in het noorden een groot onderwerp geworden. Hoe kun je daar objectief verslag van doen als je zelf zo geworteld bent in de regio?

„In het geval van de gaswinning hebben we onze opstelling veranderd. In het begin probeerden we zo objectief mogelijk te berichten. Maar op een zeker moment hebben we gezegd: jongens dit is een probleem, dat maken we tot het onze. We gingen ronduit achter de bevolking staan.”

En als critici dat te activistisch vinden?

„Wij heten het Dagblad van het Noorden, zeg ik dan. Dat vertelt wie wij zijn, maar die naam is ook een opdracht. Dan maar wat minder objectief. Onze lezers mogen best weten waar wij staan.”