Meer werk, maar een vast contract bieden? Ho maar

Arbeidsmarkt

De arbeidsmarkt trekt aan, maar voor flexwerkers zijn vaste contracten nog altijd niet in zicht. Hoe zorg je dat je in vaste dienst komt?

Wie een vaste baan wil kan het best strategisch solliciteren: in de zorg zijn vaste banen gangbaar. Foto Getty

De economie trekt aan, werkgevers zoeken weer naar personeel. Maar een vast contract aanbieden? Ho maar. Het blijft moeilijk om vanuit tijdelijk werk over te gaan op een vast contract, bleek deze week uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Van de mensen die in 2012 begonnen in een flexibele baan, had drie jaar later slechts 26 procent een vast contract gekregen. Bijna de helft van de flexwerkers zat tegen die tijd werkloos thuis. Een kwart deed nog altijd flexwerk of was inmiddels voor zichzelf begonnen.

Wat kun je doen om wél tot de lucky few te behoren met een vaste baan? Of, als je die al hebt, maar je wilt overstappen naar een andere werkgever, hoe krijg je dan (na een tijdje) weer dat felbegeerde contract voor onbepaalde tijd?

  1. Bedenk eerst of een vast contract wel echt het beste is voor jou

    Een vast contract heeft voordelen. Wie er een heeft, kan bijvoorbeeld vaak makkelijker een hypotheek krijgen. Maar als je op korte termijn zeker wilt zijn van een inkomen, kan een tijdelijk contract aantrekkelijker zijn. In een halfjaarcontract mag bijvoorbeeld geen proefperiode worden opgenomen. En net als met een jaarcontract kan de overeenkomst alleen in uitzonderlijke gevallen tussentijds opgezegd worden, terwijl je met een vast contract op elk moment ontslagen mag worden – weliswaar alleen om legitieme redenen. Gebeurt dit in het eerste jaar, dan krijg je bij een vast contract geen geld mee, de zogeheten transitievergoeding.

  2. Ga strategisch solliciteren

    Concludeer je dat een vast contract het beste voor jou is? Het verschilt per sector en per bedrijf enorm of vaste banen gangbaar zijn. Solliciteer dus strategisch. In de zorg heb je bijvoorbeeld al snel een vast contract te pakken, net als in het onderwijs of in de techniek, zegt arbeidseconoom Ronald Dekker van Tilburg University. In de media en op universiteiten zijn daarentegen veel flexcontracten. Doe dus onderzoek naar de ‘contractcultuur’ bij werkgevers.

  3. Ken je rechten

    De meeste mensen weten wel dat een werkgever na drie tijdelijke contracten een vast contract moet geven. Sinds de invoering van de Wet werk en zekerheid (Wwz) in 2015 is daar de regel bij gekomen dat zodra je ergens langer dan twee jaar hebt gewerkt op tijdelijke contracten, je recht hebt op een transitievergoeding als je niet zou mogen blijven. Dit kan een aantrekkelijk moment zijn voor je werkgever om jou in vaste dienst te nemen. Let op: de regel geldt niet als er een gat van zes maanden of meer heeft gezeten tussen je tijdelijke contracten. Stem dus niet zomaar in met een lange pauze.

  4. Trek je mond open

    Werk je ergens? Wees er open over dat je (op termijn) graag een vast contract wilt. Dat adviseert arbeidspsycholoog Tosca Gort, eigenaar van Gort Coaching. „Veel werknemers, vooral vrouwen, zeggen niet wat ze nodig hebben. Ondertussen zijn ze nijdig dat hun baas niet raadt wat ze willen.” Vroeg aankaarten geeft je baas ook de tijd om na te denken.

  5. Doe verkennend onderzoek

    Nog een tip van Gort: vraag je collega’s wat in deze organisatie helpt om een vast contract te krijgen. Keihard werken? Creatief zijn? Met de juiste mensen omgaan? Geef daar dan extra aandacht aan, adviseert ze. „Ontdek ook wie het eindbesluit neemt over een vast contract. Is dat de directeur? De hr-manager? Met die persoon moet jij uiteindelijk onderhandelen.”

  6. Bereid je gesprek goed voor

    Heb je dan een gesprek over een vast contract, beschouw dat als een tweede sollicitatiegesprek. Vertel waarom jij belangrijk bent voor de organisatie. Verwelkom extra verantwoordelijkheden die passen bij de langetermijnvisie van een vast contract. En mocht je een serieus aanbod hebben voor een andere baan – je moet op een tijdelijk contract tenslotte om je heen blijven kijken – dan kun je dat inzetten. Zeg dat je blijft in ruil voor een vast contract. Let op: dit laatste moet je alleen doen als je ook echt bereid bent om te vertrekken. Want dat is precies wat het gevolg kan zijn van deze tactiek.

  7. Ook vast is niet voor eeuwig

    Het klinkt misschien gek, maar je kunt je baas eraan herinneren dat hij of zij nog altijd van je af kan als je een vast contract hebt. Door de Wwz is het goedkoper geworden om vast personeel te ontslaan. Op internet kun je in een paar seconden de transitievergoeding uitrekenen die jij in zo’n geval zou meekrijgen. Ben je bijvoorbeeld jonger dan 50, is je brutomaandsalaris 3.000 euro en zou je op het moment van ontslag vier jaar in dienst zijn, dan is je transitievergoeding 4.320 euro. Arbeidspsycholoog Gort: „Zet dat eens af tegen de kosten die je werkgever moet maken om een vervanger voor jou te zoeken en op jouw niveau te krijgen. Je moet zoiets charmant inmasseren.”