Belager Akzo krijgt geen uitstel voor bod

Het Amerikaanse verfbedrijf PPG moet nu uiterlijk donderdag bepalen of een bod volgt, dat door concurrent AkzoNobel als vijandig zal worden beschouwd.

Verf van het merk Dulux, dat in handen is van AkzoNobel Phil Noble/Reuters

PPG krijgt niet langer de tijd voor het uitbrengen van een officieel bod op branchegenoot AkzoNobel, maakte het verfconcern dinsdagavond bekend. De Amerikanen moeten nu uiterlijk donderdag bepalen of een bod wordt gedaan, dat door Akzo als vijandig zal worden beschouwd. PPG laat weten ‘alle opties open te houden’.

PGG had uitstel gevraagd bij de Autoriteit Financiële Markten (AFM) vanwege de rechtszaak die aandeelhouders hadden aangespannen tegen AkzoNobel. Vraag daarbij was wie bepaalt of al dan niet gesproken moet worden met de Amerikaanse belagers. De Ondernemingskamer bepaalde maandag dat bestuur en commissarissen van Akzo over zo’n besluit gaan, zolang ze de belangen van het bedrijf en alle betrokken partijen daarbij in het oog houden.

Lees ook de analyse na de uitspraak: Is AkzoNobel nu veilig?

De leiding van AkzoNobel heeft tot nu toe drie keer een bod van PPG afgehouden. Het laatste bod van de Amerikanen was 96,75 euro per aandeel, terwijl het aandeel AkzoNobel momenteel rond de 75 euro schommelt.

Topman Michael McGarry van PPG heeft steeds gedreigd met een vijandig bod, een bod zonder steun van het het bestuur van Akzo. Zo’n vijandige overnamepoging is bijzonder risicovol, omdat dan een bedrag van rond de 30 miljard euro op tafel moet worden gelegd zonder dat in de boeken is gekeken en zonder dat mededingingsrisico’s zijn ingeschat. Bovendien heeft Akzo een beschermingsmechanisme, waardoor een stichting met een prioriteitsaandeel de macht kan overnemen bij het verf- en chemieconcern.

Mocht PPG de deadline van 1 juni laten verstrijken zonder een officieel bij de AFM ingediend bod, dan mag het concern volgens de Nederlandse regels de komende zes maanden geen nieuwe toenaderingspoging doen.

De verkoop van Nederlandse bedrijven aan buitenlanders: moeten we dat willen?