Commentaar

AKZO Juich niet te hard om het behoud van AkzoNobel

Het bestuur van AkzoNobel kan weer even ademhalen. Maandag wees de Ondernemingskamer de eis af van de mondige Amerikaanse belegger Elliott om een bijzondere aandeelhoudersvergadering te houden – met als enig agendapunt de beoogde verwijdering van Akzo’s president-commissaris Antony Burgmans. Die wordt door Elliott, dat samen met andere beleggers 17 procent van de aandelen vertegenwoordigt, gezien als het grootste struikelblok voor de overnamepoging van het Amerikaanse PPG. Een bod is door het Nederlandse bedrijf tot driemaal toe afgewezen. PPG heeft in principe tot donderdag de tijd zich te bezinnen op een puur vijandig bod.

Hoe deze zaak ook afloopt, de kwestie is een teken des tijds. Tien jaar geleden belaagde TCI, ook een mondige Britse belegger met een recent verworven minderheidsaandeel, de bank ABN Amro. De schrikreactie van het bestuur van die bank bracht de zaak in een stroomversnelling en liep uit op een complexe en ondoordachte overname door drie buitenlandse banken, die ABN Amro vervolgens in stukken scheurden. Toen de kredietcrisis uitbrak gingen alle betrokken partijen bijna ten onder aan het wilde avontuur. Van ABN Amro rest een schim van wat de bank ooit was.

De reactie van politiek en toezichthouders was destijds dubbelzinnig: aangenaam en wenselijk was het allemaal niet, maar wat kon je doen? Er was een geloof in internationale regels en gebruiken die de globalisering met zich meebracht, en grensoverschrijdende overnames maakten daar nu eenmaal deel van uit.

De sfeer is inmiddels sterk veranderd. De minister van Economische Zaken wil nu de barrières voor ongewenste overnames verder verhogen door de bedenktijd van het bestuur tot een jaar te verlengen. De Kamer debatteert donderdag over de gang van zaken rond Akzo. Het gevoel van nationaal belang is sterk, hetgeen ook al te merken was bij mislukte overnamepogingen bij KPN, PostNL en Unilever.

Wellicht was de reactie op de overname van ABN Amro destijds aan de naïeve kant. Maar het nu kennelijk hervonden idee van nationaal belang dat rond de ophef rond Akzo hangt, kan doorschieten. Nederlandse bedrijven hebben baat bij de toegang tot buitenlandse markten en de mogelijkheid daar overnames te doen. Dat vergt wederkerigheid. En die kan alleen worden gehandhaafd met de overtuiging dat open markten soms pijn doen, maar uiteindelijk gunstig zijn voor iedereen. Wellicht dat Akzo de overname nu kan afwenden. Maar dit als een overwinning te zien, is in wezen even naïef als tien jaar geleden.