Kwart flexwerkers krijgt vast contract

Arbeidsmarkt

Bijna de helft van de flexwerkers zit drie jaar later in een uitkering of zonder werk of uitkering. Eenvijfde blijft in de flexibele schil.

Foto iStock

Flexwerk leidt in iets meer dan een kwart van de gevallen tot een vast contract. Dat blijkt uit onderzoek van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) naar 686.000 werknemers die in 2012 op een flexibel contract begonnen. Van hen had 26 procent na drie jaar een vast contract.

Bijna de helft van de flexwerkers zit drie jaar later in een uitkering of zonder werk of uitkering. Eenvijfde blijft in de flexibele schil.

Voor het eerst in jaren is het percentage flexwerkers dat een vast contract bemachtigt niet gedaald. „De dalende trend is gestopt”, aldus het CBS. Van de flexwerkers uit 2011 vond eveneens 26 procent na drie jaar een vast contract. De jaren daarvoor namen de vooruitzichten voor flexwerkers gestaag af. Van de flexwerkers die begonnen in 2007 had 35 procent drie jaar later een vast contract.

Hoogopgeleiden bemachtigen vaker een vaste baan (36 procent) dan laag- (17 procent) en middelbaar opgeleiden (25 procent). Vrouwen lukt dat vaker dan mannen, waarschijnlijk omdat jonge vrouwen hoger zijn opgeleid. Werknemers met migratie-achtergrond krijgen minder vaak een vast contract dan werknemers zonder.

Bijna de helft van de flexwerkers zit na drie jaar in een uitkering (29 procent) of zonder werk of uitkering (20 procent). Bijna eenvijfde blijft hangen in de flexibele schil: zij hebben na drie jaar nog steeds een flexcontract. Slechts 7 procent ging aan de slag als zelfstandige.