Opgevoed: Wat kan een kleuter zelf bepalen?

Elke week legt Annemiek Leclaire een lezersvraag over opvoeding voor aan deskundigen. Deze week: In hoeverre kun je een kind van vier zijn eigen beslissingen laten nemen?

Illustraties Martien ter Veen

Moeder: „Het lijkt wel alsof we kleine kinderen overal bij moeten betrekken. Mijn zoon van vier is net naar school gegaan, daar moet hij een keuzebord invullen met wat hij die dag wil gaan doen. Ik zie andere ouders hun kleuters vragen wat ze op brood willen, wat ze ’s avonds willen eten, wat ze willen doen op een dag. En daar laten de volwassenen hun dag door bepalen. Maar weten die kleintjes dat allemaal al wel? In hoeverre kun je een kind van vier zijn eigen beslissingen laten nemen?

En belasten we jonge kinderen niet met al die keuzevrijheid?

„Toen ik zelf opgroeide, werden al die dingen door mijn ouders en leerkrachten bepaald. Ik hoefde nooit mee te denken over de boodschappen die mijn ouders voor het eten deden. Ik kan me niet herinneren dat ooit vervelend te hebben gevonden. Ik heb een hele fijne, zorgeloze jeugd gehad. Als ik zie hoe zelfbewust tieners nu zijn, hoe ze nadenken over dingen, ben ik blij dat ik zo lang onbezorgd kind kon zijn. Maar de maatschappij is veranderd, jongeren moeten veel meer keuzes maken, dus misschien is het juist wel goed om ze van jongs af aan te leren meedenken? Wat mag en kan een kleuter zelf bepalen en wat niet?”

Naam is bij de redactie bekend. De rubriek Opgevoed is anoniem, omdat moeilijkheden in de opvoeding gevoelig liggen. Wilt u een dilemma in de opvoeding voorleggen? Stuur uw vraag naar opgevoed@nrc.nl.

Kleine beslissingen

Tischa Neve: „De tijden zijn wat dit dilemma betreft inderdaad veranderd, en dat is in mijn ogen ook goed. Het is fijn voor kinderen om hier en daar de regie te krijgen. Door kinderen jong mee te nemen in kleine beslissingen leren we ze nadenken en voorkom je veel strijd en gedoe.

„Je kunt een kind kleine keuzes voorleggen vanaf het moment dat hij goed kan praten. Vragen die je een vierjarige kunt stellen zijn bijvoorbeeld: ‘Wil je broccoli of bloemkool?’ ‘Loop je zelf naar boven of zal ik je brengen?’ ‘Ik noem drie dingen en daaruit kun jij kiezen wat je wilt doen’. Bedtijden, de avondmaaltijd, de vakantiebestemming, die bepaal jij natuurlijk.

„Sommige kinderen maakt het niks uit wat hun ouders koken of welke kleren ze moeten dragen. Anderen willen juist graag een stem hebben in de gang van zaken. Die zijn allergisch voor ‘moeten’. Dan kun je als ouder wel zeggen: ‘Jammer dan, maar ik bepaal hier hoe het gaat’, maar dat levert alleen maar strijd op. Bovendien wil je kinderen zelfstandig leren nadenken. Dus geef kinderen daar waar het kan de regie binnen de kaders die jíj bepaalt.”

Zorgeloze kindertijd

Bas Levering: „In de jaren vijftig waren de ouders de baas, kinderen hadden niks te kiezen, die moesten hun mond houden. Dat kinderen tegenwoordig niet buitengesloten, maar juist betrokken worden, is winst. Het is belangrijk dat ze van jongs af aan het gevoel krijgen dat ze erbij horen. Gehoord en gezien worden versterkt hun gevoel van veiligheid. We nemen wat ze zeggen en waar ze van houden serieus. We betrekken ze ook bij kleine keuzes: wil je dit of dat eten? Wil je hiermee of daarmee spelen? Maar we gaan ze natuurlijk niet met verantwoordelijkheden opzadelen die ze nog niet aankunnen. Moeten kiezen is voor kleuters vaak nog een onmogelijke taak. Ze kunnen nog geen rationele afweging maken.

„Opgroeien zonder zware verantwoordelijkheden is een fundamentele ervaring. Daarom staat onze eigen eindeloze, zorgeloze kindertijd ons nog zo helder voor de geest. We weten zeker dat die, eenmaal voorbij, nooit meer terugkomt. En dat gunnen we ook onze jonge kinderen: nog niet opgezadeld te worden met de volwassen eisen van het bestaan. Betrek kinderen geleidelijk bij het volwassen leven, maar overhaast het niet.”