Spijt van het onuitgevoerde plan is het ergst

Psychologie

Spijt hebben mensen het meest van ongerealiseerde voornemens. Niet van begane stommiteiten. Psychologen vonden een verklaring voor die twee soorten spijt.

Een reis die je plant maar niet maakt. Die veroorzaakt knagende spijt. Foto Oleh Slobodeniuk/Getty Images

Mensen hebben vaker en langer spijt van de dingen die ze niet gedaan hebben dan van de dingen die ze wel gedaan hebben. Het gaat dan ook om twee duidelijke soorten spijt, schrijven twee psychologen in het wetenschappelijke tijdschrift Emotion (11 mei online).

Heb je spijt van iets dat je niet hebt gedaan (je hebt je schildertalent niet ontwikkeld of die ene grote reis nooit gemaakt), dan heeft dat meestal te maken met hoe je zelf idealiter zou willen zijn. En als je spijt hebt van iets dat je wel hebt gedaan (vreemdgaan, iemands geheim doorvertellen), is het meestal iets wat te maken heeft met hoe anderen zouden willen dat je bent.

Het is begrijpelijk, schrijven de psychologen, dat niet-gedane zaken blijven knagen. Als je iets stoms hebt gedaan, kun je je daarvoor verontschuldigen, je kunt het proberen te repareren, of je kunt het psychologisch klein krijgen door jezelf ervan te overtuigen dat het wel meevalt. Dat is allemaal minder makkelijk bij dingen die je niet hebt gedaan en dat maakt dat die dingen kunnen doorzeuren.

Mensen hebben meer spijt van de dingen die ze niet gedaan hebben dan van wat ze wel gedaan hebben.

De onderzoekers vroegen mensen (studenten en proefpersonen die zich via internet hadden gemeld) waar ze het meeste spijt van hadden. Daarna lieten ze hen hun eigen spijt coderen: waren ze niet hun ideale zelf geweest of hadden ze zich niet gedragen zoals het volgens anderen moest of hoort? De meeste mensen hadden er meer spijt van dat ze niet aan hun eigen ideale zelf hadden voldaan dan dat ze niet aan anderen hadden voldaan.

Reparatiemechanismen

Mensen zeiden ook dat ze de keren dat ze niet aan andermans eisen of verlangens hadden voldaan, sterker geneigd waren geweest om direct allerlei reparatiemechanismen in gang te zetten, zoals excuses te maken, of om steun te zoeken. Intussen blijft de spijt over niet nagejaagde dromen gewoon bestaan. Minder urgent, sluimerend, maar uiteindelijk onopgelost.

Dit is nog niet het hele verhaal, schrijven de psychologen. Er kunnen ook andere redenen zijn waarom niet nagejaagde dromen die je had meer spijt kunnen opleveren. Misschien zijn zulke doelen minder haalbaar dan dingen die je van anderen moet. Misschien zijn ze minder duidelijk, minder concreet. Waarschijnlijk hebben andere mensen het er minder vaak over, je moet de motivatie ervoor uit jezelf halen.

De onderzoekers willen niet betogen dat alle mensen altijd koste wat het kost moeten proberen hun dromen na te jagen. Iemand moet daar ook maar net de persoonlijkheid voor hebben, schrijven ze. Bovendien: stel dat iedereen dat de hele tijd maar ging doen – je vraagt je af of mensen dán juist niet meer spijt zouden gaan krijgen van de dingen die ze wél gedaan hebben.