Recensie

Een kind met wolven in haar hoofd

Thriller Als de moordzuchtige moeder uit beeld is rest de vraag: hoe leeft een verknipt kind verder?

Foto Susan Meiselas / Magnum Photos/HH

Annie is pas vijftien, maar de negen kindjes die ze van moeder in de kelder moest begraven, waren nog jonger. Bijna allemaal jongetjes, want moeder houdt niet van meisjes. Ze ontvoert kleuters uit het blijf-van-mijn-lijfhuis waar ze werkt, pest en misbruikt ze en doodt ze tenslotte.

Annie moet toekijken hoe ‘de kleine dingetjes’ lijden in de kamer waarin ze worden opgesloten. Als moeder naar haar werk is, spreekt ze hen troostend toe door het kijkgat. Als ze dood zijn, ruimt ze de rommel op. Maar Annie, die zelf ook zwaar wordt mishandeld, doet verder jarenlang niets. Ze zit in het complot, maakt moeder haar wijs. Bovendien: moeder is de enige die Annie heeft.

Tot er toch een grens blijkt te bestaan, die overschreden wordt. Annie vlucht naar de politie, moeder wordt gearresteerd en de zaak explodeert in de Britse media. Annie wordt onder een nieuwe identiteit – ze heet nu Milly – in een pleeggezin en op een andere school ondergebracht, in afwachting van de rechtszaak. De rechtszaak waarin ze tegen moeder wil getuigen.

Onkreukbare slachtoffers

Goed of slecht is een sterke psychologische thriller over een extreem toegetakeld kind dat zich afvraagt of ze goed of slecht is en neigt naar het tweede antwoord. Schrijfster Ali Land heeft tien jaar gewerkt met kinderen met ernstige psychische problemen en dat komt er in dit debuut allemaal uit, zo lijkt het. Kinderen zijn in thrillers steevast vermist of dood, onkreukbare slachtoffers. Hoofdpersoon zijn ze zelden en zeker niet zo’n ambigue als Annie/Milly, een dermate verknipt slachtoffer dat ze dreigt te kantelen naar het daderschap, vrees je als lezer.

Milly wil enerzijds getuigen tegen moeder als boetedoening voor haar medeplichtigheid, anderzijds mist ze moeder gevaarlijk veel. Enerzijds zoekt ze geborgenheid bij pleegouders Mike en Saskia, anderzijds verzamelt ze onvermoeibaar bewijsmateriaal om haar nieuwe omgeving mee te chanteren en te krenken, mocht dat nodig zijn. Veiligheid, zo weet Milly, bestaat niet.

Bovendien blijkt het rijke modelgezin van Mike en Saskia geestelijk ook niet gezond; vooral de pathologische puberdochter Phoebe niet, een beeldschoon loeder dat Milly op haar nieuwe school tergt en terroriseert. Milly worstelt met dit alles maar dreigt te verzuipen, vooral als de rechtszaak nadert en ze door haar pleegvader en het OM op de confrontatie met moeder wordt voorbereid.

Ali Land is zo verstandig om het hoe en waarom van de gruweldaden van moeder nauwelijks te benoemen; we verblijven de hele tijd in angstige afwachting in het arme hoofd van Milly en voelen met haar dat goed en slecht er als wolven met elkaar vechten. De lezer wordt toenemend overmand door een gevoel van onheil en diepe bezorgdheid om het meisje, een emotie die thrillers zelden in deze mate oproepen.